In memoriam. Beeldhouwer Joop Hekman overleden (1921-2013)

Afbeelding

Op zaterdag 28 december is de Utrechtse beeldhouwer Joop Hekman op 92 jarige leeftijd overleden. Het is mogelijk dat zijn naam bij veel Utrechters minder bekend is dan zijn werk. Een van zijn bekendste werken is ongetwijfeld het ‘Feest der Muzen’, de bronzen beeldengroep met drie vrouwelijke naakten dat voor de Stadsschouwburg op het Lucas Bolwerk staat. De beeldengroep werd in 1959 geplaatst, maar daar ging wel het een en ander aan vooraf.        

Joop Hekman won in 1949 de opdracht voor het maken van een beeld voor de Schouwburg. Het zou nog tien jaar duren voor de beeldengroep werd geplaatst. De gemeente Utrecht zag graag een waterpartij bij het beeld. Jarenlang werd er gesteggeld over de definitieve uitvoering. Hekman mocht zelfs op kosten van de gemeente een reis naar Italië maken om inspiratie op te doen! Uiteindelijk werd in 1959 de beeldengroep met een bescheiden waterpartij geplaatst. Een ander bekend werk van Hekman is het beeld dat hij maakte van zijn ‘Biru’. Zijn overleden Chow-Chow hond. Het beeld staat sinds 1997 vlakbij de Abstederbrug in het plantsoentje tegenover zijn woning. In het Julianapark staat sinds 2005 het bronzen beeld van een zittende oude vrouw.

Het oeuvre van Joop Hekman is groot, en niet alleen te bewonderen in Utrecht. Beelden van zijn hand, uitgevoerd in brons, maar ook in natuursteen, baksteen, zandsteen en keramiek zijn onder andere te vinden in Zeist, Eindhoven Ermelo, Harmelen en Leeuwarden. Hij ontwierp ook munten, penningen en maakte keramische plaquettes.

Joop Hekman kreeg zijn opleiding in Arnhem waar hij tussen 1938 en 1942 les kreeg aan de Academie Kunstoefening. Zijn leermeesters daar waren Jacobs van den Hof (beeldhouwen) en Frans Zwollo (edelsmederij). Door zijn vriendschap met Gerrit Rietveld kreeg hij in 1946 de opdracht voor het maken van twee beelden die het filmdoek flankeerden in de door Rietveld verbouwde Vredenburg-bioscoop.

Joop Hekman laat Utrecht en zijn bewoners veel moois na waardoor hij niet vergeten wordt. Ondergetekende kijkt al jarenlang, vrijwel dagelijks, met veel plezier naar ‘Het feest der muzen’, maar beseft nu pas echt wat voor een groot vakman hij was.

Marcel Gieling