Precies vijftig jaar geleden werden de tien experimentele flats in de Utrechtse wijk Overvecht opgeleverd. De woningen worden ‘experimenteel’ genoemd omdat ze begin jaren 70 nogal afweken van de bestaande flatgebouwen. In plaats van immense complexen met lange galerijen waar de voordeuren naast elkaar zitten, waar er veel van te vinden zijn in Overvecht, is hier gebruikgemaakt van een centrale hal die door een viertal huishoudens wordt gedeeld, maar waar mensen zich in hun woning volledig terug kunnen trekken. Het ontwerp van W.A.H.W.M. Janssen, toentertijd directeur van de Utrechtse bouw- en woningdienst, bleek een succesformule die na vijftig jaar nog niet gedateerd is, al is de opzet van Janssen sinds het jaar 2000 wel rigoureus veranderd.
50-jarig jubileum experimentele flats Overvecht; bewoners nog steeds laaiend enthousiast

Janssen, die geen gerenommeerd architect was maar op de loonlijst van de gemeente Utrecht stond, is ongeveer tien jaar aan het experimenteren geweest met het ontwerp van de flat. Zo is althans te lezen in een artikel in Trouw uit april 1969. “Tien jaar lang is hij reeds bezig te experimenteren met de flat. Stap-voor-stap, gesteund door sociologische enquêtes, geholpen door ervaringen en studies in het buitenland, bouwde hij aan nieuwe woonvormen. In het Utrechtse uitbreidingsplan Overvecht (10.000 woningen) kreeg zijn futuristische bezigzijn een voorlopig eindpunt: flexibele flats.”
Met de term ‘flexibel’ worden de schuifwanden in de woningen bedoeld. In iedere huis zijn hierdoor verschillende ruimtes aan te passen. Zo kan bijvoorbeeld de wand tussen de woonkamer en de slaapkamer weggeschoven worden, waardoor één groot vertrek ontstaat. Naast de schuifwanden is de centrale hal, zoals hierboven al even genoemd, een bijzonder aspect van de flats. Iedere verdieping, behalve de begane grond, heeft zo’n centrale hal.
Kaartenbaksysteem
Vanaf de eerste verdieping heeft iedere flat vier woningen per etage. De voordeuren van deze huizen grenzen aan één centrale hal, waar de bewoners zelf invulling aan mogen geven. De centrale hallen in een van de flats aan de Cayennedreef, die zeven woonlagen telt en daarom zes centrale hallen heeft, doen denken aan opgeruimde woonkamers van studentenhuizen. Zo staan er onder meer eettafels, boekenkasten, een tafeltennistafel, een voetbaltafel, speelgoed voor kinderen, een hometrainer, planten en verschillende banken.
Omdat de bewoners een ruimte delen worden de woningen, bij vertrek van een huurder, niet zomaar door de woningbouwcorporatie aan een willekeurig persoon toegewezen. Er wordt gewerkt met een zogenoemd kaartenbaksysteem, waar kandidaten, die onder meer ingeschreven moeten staan bij WoningNet Utrecht en aan een inkomensgrens moeten voldoen, ook een motivatiebrief moeten hebben geschreven. Van de personen die in aanmerking komen, zijn alleen leeftijd, beroep, geslacht en motivatie in de kaartenbak terug te vinden. De bewoners van de verdieping kunnen vervolgens een van de kandidaten uit de bak selecteren als nieuwe bewoner.
Zonkant
Hélène Winkelman is samen met haar partner in 1984 in een van de flats aan de Cayennedreef komen wonen. “Ik studeerde toen nog en mijn partner had zijn studie net afgerond.” Winkelman vindt het gemeenschappelijke aspect aan de woningen naar eigen zeggen ‘helemaal geweldig’. “Dat, en ook het feit dat we op de bovenste verdieping wonen en het balkon aan de zonkant zit, is de reden dat we er nu nog steeds wonen.”
Tekst loopt door onder afbeelding
[caption id=”attachment_372983” align=”alignnone” width=”1920”] Hélène Winkelman[/caption]
Het idee achter deze centrale hallen was dat de bewoners veel meer met elkaar in contact kwamen dan in de bestaande flatgebouwen. In het artikel in Trouw, dat voor de helderheid twee jaar voor de oplevering van de experimentele flats is gepubliceerd, is te lezen dat Janssen toentertijd door sommigen een ‘ernstige fantast’ werd genoemd.
“Er zullen mensen zijn die hem een naïeve idealist vinden als hij zijn diepere filosofie ontvouwt, die ook ten grondslag ligt aan zijn zoeken naar nieuwe woonvormen. Hij zegt: ‘Ik zie het heel positief als men vanuit de woning streeft naar een verbetering van de relaties. Ik zou het zo willen zeggen: Als mijn privéleven gegarandeerd wordt, ben ik bereid in een commune te leven. Ik vind die commune een fijne zaak, mits ik privaat mijn accu kan blijven opladen’.”
Privacy
Het opladen van de accu vindt plaats achter de voordeur. De woningen zijn zo ontworpen dat het nagenoeg onmogelijk is naar binnen te kijken. Zelfs vanaf de balkons en de tuinen op de begane grond zijn de buren niet te zien.
Het onderlinge contact is overigens niet beperkt tot de vier huishoudens die een centrale hal delen. Pim Walenkamp is een van de bewoners die geen centrale hal deelt, maar wel een eigen tuin heeft. “Ik heb heel veel contact met mijn medebewoners. We eten bijvoorbeeld weleens samen, organiseren een borrel en als iemand ziek is, wordt er voor die persoon gezorgd. Daarnaast zijn er ook vergaderingen, doen mensen veel voor de omgeving zoals het bijhouden van het groen en zijn veel bewoners actief in de wijkraad.”
Tekst loopt door onder afbeelding
[caption id=”attachment_372981” align=”alignnone” width=”1920”] Pim Walenkamp[/caption]
Er zijn uiteindelijk tien van deze experimentele flats gebouwd in Overvecht die nagenoeg allemaal worden ingeklemd door de Carnegiedreef, Rio Negrodreef, Amazonedreef en Marowijnedreef. De enige uitzondering hierop is het complex aan de Trinidaddreef.
Verkoop
Tot het jaar 2000 waren alle huizen in de flats sociale huurwoningen die eigendom waren van de woningcorporaties Bo-Ex en Portaal. Sinds de millenniumwisseling heeft Bo-Ex de woningen aan zittende huurders te koop aangeboden. Hierdoor is de samenstelling en ook de saamhorigheid in enkele flats in korte tijd volledig anders geworden.
Aan de Cayennedreef staan twee experimentele flats. Het complex waar Winkelman en Walenkamp wonen is in handen van Portaal en bestaat volledig uit sociale huurwoningen. In het andere gebouw, dat ook uit zeven woonlagen bestaat, worden nog maar twee woningen verhuurd. De rest is in de afgelopen tijd allemaal gekocht en in sommige gevallen ook weer doorverkocht. In deze flat is het kaartenbaksysteem dan ook helemaal komen te vervallen.
Doorloop
Jaap van der Wel is een van de twee huurders van dit gebouw. “In de eerste tien jaar dat ik hier woonde kozen we onze eigen buren, dat is nu veranderd. De doorloop gaat nu zo snel dat ik niet eens meer de moeite neem om mijzelf voor te stellen aan nieuwe bewoners. Ik heb namelijk geen idee wie hier wel en wie hier niet woont. De atmosfeer is de afgelopen jaren wel veranderd.” Dat is ook goed te zien aan de centrale hallen van deze flat. Waar ze in het andere gebouw aan de Cayennedreef leven en gezelligheid uitstralen zijn ze in dit complex erg kaal.
Tekst loopt door onder afbeelding
[caption id=”attachment_372984” align=”alignnone” width=”1920”] Jaap van der Wel[/caption]
Winkelman en Walenkamp, die veel contact hebben met de bewoners van de andere experimentele flats, zeggen dat dit een veelgehoorde klacht is. “Ik heb de indruk dat bewoners van koopwoningen over het algemeen meer betrokken zijn bij hun buurt dan mensen die in een huurwoning wonen, maar hier is dat juist andersom”, aldus Walenkamp.
De tien experimentele flats zijn in 2017 bestempeld als gemeentelijk monument. Dit betekent dat het aanzicht van de gebouwen in originele staat moeten blijven. Het lijkt erop dat de verkoop van de sociale huurwoningen is gestagneerd. Voor Winkelman en Walenkamp, en waarschijnlijk vele andere huurders, is te hopen dat deze status quo voorlopig gehandhaafd wordt.
Podcast
Veerle van Dieren (30) woont sinds 2018 in een van de experimentele flats aan de Sao Paulodreef. Zij is naar eigen zeggen gefascineerd door deze manier van samenwonen. Ze wist bijvoorbeeld vrij snel de naam van alle buren en iedereen groette elkaar. “De sociale cohesie is hier helemaal geslaagd. Ik meende altijd dat dingen die van bovenaf bedacht zijn, gedoemd waren te mislukken maar hier is dat niet het geval.”
Van Dieren heeft onderzoek gedaan naar de experimentele flats en met veel mensen gesproken die er zijn opgegroeid. Ze is onder andere benieuwd hoe het de mensen op de langere termijn heeft beïnvloed. “Heeft deze manier van wonen invloed gehad op de loop van het leven van de bewoners en heeft het hun dan ook gevormd in wie ze zijn.”
Vanwege de fascinatie besloot Van Dieren een podcast te maken over de experimentele flats, die verschijnt ergens dit najaar. Ook organiseert Van Dieren op 25 september een feest om het 50-jarig jubileum van de experimentele flats te vieren. Bewoners, oud-bewoners en omwonenden zijn hierbij welkom. Meer informatie over het feest is te vinden op een speciaal ingerichte facebookpagina.



