Een bijzondere nominatie voor ijssalon Lorenzo’s aan de Rijnlaan: de ijszaak behoort tot de vijf finalisten voor de titel ‘IJssalon van het Jaar 2025’. De komende tijd worden de genomineerden bezocht door mystery guests. Op 18 juni weten eigenaren Lorènz en Monica de Groot of zij zich een jaar lang de beste ijssalon van Nederland mogen noemen.
Op bezoek bij Lorenzo’s ijssalon op de Rijnlaan: ‘We kunnen niet zonder elkaar’

De warme temperaturen deden ons eind april even geloven dat het al zomer was. Bij de Utrechtse ijssalons stonden dan ook lange rijen, net als bij Lorenzo’s. “De rij staat dan helemaal tot op de hoek”, zegt Monica.
Half maart opende Lorenzo’s ijssalon de deuren voor een nieuw ‘ijsseizoen’. In de maanden ervoor hebben ze allesbehalve stilgezeten. Zo hebben ze de gevel vernieuwd. Die is niet langer wit, maar donkerblauw. Ook hangt er een nieuw digitaal bord met daarop de tijd en de temperatuur. Het bijna twee meter hoge gouden ijsje voor de deur is gebleven. Die staat er al een jaar of tien en is niet te missen.
Tekst loopt door onder de foto
De meeste ambachtelijke ijsmakers zijn in de wintermaanden toe aan pauze, omdat ze tijdens het seizoen ontzettend veel uren werken. Voor Monica en Lorènz is dat anders. Zij zetten vanaf oktober tot het eind van het jaar een oliebollenkraam voor de deur. In januari wordt er dan druk schoongemaakt en in februari beginnen de voorbereidingen alweer voor een nieuw seizoen.
“Andere ijsmakers verklaren ons voor gek dat we ook oliebollen verkopen”, zegt Lorènz. Hij legt uit dat ambachtelijke ijsmakers tijdens het seizoen dubbel zoveel uur werkt in vergelijking met iemand met een 40-urige werkweek. Monica: “We vinden het gewoon veel te leuk.”
Groene appel
Bij Lorenzo’s ijssalon komen er geen voorgeproduceerde potjes, pakjes en zakjes aan te pas. Van smaak- en kleurpasta tot topping: ze maken alles zelf. “Ons ijs van groene appel is bijvoorbeeld niet groen door kleurstof. Dat komt er hier niet in. We hebben de groene schil in de wals gedaan en heel fijn gewalst. Daar komt de kleur vandaan. De kunst is om het dan zo fijn te walsen dat je geen stukjes meer voelt op je tong.”
Iedereen die wil, mag van Lorènz en Monica een kijkje nemen in de keuken. Vanuit de winkel kan je door de grote ramen de keuken al zien. “Het liefst had ik de keuken naast de toonbank gehad, met een nog groter raam”, zegt Lorènz. “Iedereen is welkom om te komen kijken.”
Tekst loopt door onder de foto
‘Eerste in de provincie’
Volgende maand maken ze dus kans om uitgeroepen te worden tot beste ijssalon van Nederland. Heel spannend, vinden ze. “Je wil dat alles klopt”, zegt Monica. Lorènz: “De nominatie is al heel leuk, maar nu willen we natuurlijk ook winnen. We zijn de eerste ijssalon van provincie Utrecht die is genomineerd.”
De nominatie voor beste ijssalon wordt toegekend door de Vereniging van Ambachtelijke IJsbereiders. Dat doet de vereniging op basis van prestaties in twee andere landelijke wedstrijden: de Gouden IJsspatel en de Gouden IJscreatie. Door daar veel punten in te wacht te slepen, kon een nominatie in de wacht worden gesleept.
In de Gouden IJsspatel moesten deelnemers het beste en lekkerste ijs in een specifieke smaak bereiden. Dit jaar was dat karamelijs. Het ijs van Lorenzo’s eindigde op de achtste plek van Nederland. Bij de Gouden IJscreatie moest Lorènz in zes minuten vier identieke ijsdesserts maken. Hij eindigde op het podium met de derde plaats.
Lorenzo’s viel eerder ook al in de prijzen. Zo wonnen ze het Nederlands Kampioenschap gelato op de Horecava. De jury vond zijn Mapapa-smaak toen het lekkerste ijs. Lorènz heeft die smaak zelf verzonnen: roomijs op basis van yoghurt met merengue en een twist van mango, papaja en passievrucht. Nog steeds ligt die smaak in de vitrine.
‘Nooit chagrijnig’
Lorènz en Monica openden hun zaak in de zomer van 2003. Toch voelt het voor hen niet alsof er al ruim 22 jaar voorbij zijn. “Het is zo leuk en gezellig samen”, zegt Monica. “We kunnen niet zonder elkaar. We hebben aan een half woord genoeg.” Hun twee zoons van 15 en 19 helpen ook mee in de winkel. “Zij herinneren ons eraan dat de jaren voorbij vliegen”, zegt Monica.
Wat hen betreft gaan ze nog jaren door. “We hebben altijd blije mensen in de winkel”, zegt Monica. “Daar worden wij ook vrolijk van. Een ijsje haal je nooit chagrijnig.”



