Ruim de helft van de zelfstandige fysiotherapeuten overweegt zijn eigen praktijk te verkopen of is daar al concreet mee bezig. Dat blijkt uit de meest recente Kleinbedrijf Index Fysiotherapie. Dit is een periodiek onderzoek naar het functioneren van Nederlandse fysiotherapiepraktijken van Hogeschool Utrecht en Stichting Keurmerk Fysiotherapie. Volgens het onderzoek zijn de voornaamste redenen de hoge werkdruk en de lage winstmarges.
Meer dan de helft van zelfstandige fysiotherapeuten overweegt praktijk te verkopen

De Hogeschool Utrecht (HU) laat weten dat de financiële positie van fysiotherapiepraktijken de laatste tijd juist weer lijkt te herstellen. Volgens hen groeit de omzet en is het ondernemersvertrouwen voor het eerst in jaren weer positief.
Dit klinkt allemaal heel gunstig voor de sector. Hier staat echter tegenover dat de winstgevendheid snel terugloopt. “De marges zijn overwegend klein en krimpen, onder meer onder druk van stijgende personeelskosten”, aldus de HU. “En dat, terwijl de tarieven die zorgverzekeraars betalen, nauwelijks stijgen.”
Minimumloon
Rutger IJntema, onderzoeker bij Hogeschool Utrecht, laat weten dat fysiotherapeuten het nu niet altijd makkelijk hebben. “Fysiotherapeuten teren in op hun toekomst”, aldus IJntema. “Ze draaien meer uren om de omzet te verhogen, maar houden er onder de streep nauwelijks meer aan over.”
Uit het onderzoek van Kleinbedrijf Index blijkt dan ook dat maar liefst 15 procent van de fysiotherapeuten zichzelf een inkomen uitkeert dat gelijk is aan het minimumloon. En in sommige gevallen is het zelfs minder dan dat.
Daarnaast laat de hogeschool weten dat fysiotherapeuten door de extra werkuren ook minder tijd hebben voor nieuwe initiatieven om de onderneming uit te bouwen, zoals meer samenwerking met andere zorgprofessionals.
Geen minimumtarieven
Op dit moment gelden er vrije tarieven voor fysiotherapeuten, iets waar ze graag verandering in zien. Ze pleiten dan ook voor de invoering van minimumtarieven, aangezien de huidige vergoedingen van zorgverzekeraars volgens hen niet in verhouding staan tot de stijgende kosten. “Zelfstandige fysiotherapeuten zeggen soms zelfs onder de kostprijs te moeten werken”, benadrukt de HU.
Toch besloot de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) begin februari dat er onvoldoende reden is om minimumtarieven in te voeren. De NZa vreest namelijk dat de toegankelijkheid tot fysiotherapie onder druk komt te staan wanneer er met minimumtarieven wordt gewerkt.
IJntema is van mening dat de onderhandelingspositie van praktijkeigenaren ten opzichte van zorgverzekeraars te zwak is. “Terwijl zij gemiddeld voor 80 procent van hen afhankelijk zijn voor hun inkomsten”, benadrukt hij. “Zeker kleine ondernemingen hebben helemaal niets te vertellen bij zorgverzekeraars.”



