Ontwikkelaar wil indrukwekkende stadstuin van Zocher openstellen voor publiek; onenigheid over invulling

De binnentuin achter de Van Asch van Wijckskade. Foto's: Jesse Holweg / DUIC
De binnentuin achter de Van Asch van Wijckskade. Foto's: Jesse Holweg / DUIC

Maar weinig Utrechters zullen het kennen; de prachtige binnentuin achter nummer 29 van de Van Asch van Wijckskade. Eigenlijk is het zelfs meer een klein park dan een binnentuin. Met de poort in het monumentale pand op nummer 29 en twee uitgangen uitkomend op de Plompetorengracht en de Wijde Begijnenstraat is de tuin zo’n 3700 vierkante meter groot.

Ontwikkelaar Robert Paul Caron kocht anderhalf jaar geleden twee panden en een gigantische tuin in het centrum van de stad achter de Van Asch van Wijckskade. De monumentale panden op 29 en 29A zijn inmiddels bijna volledig gerenoveerd tot negen appartementen in totaal. Caron vertelt trots over de panden als hij op een bank middenin de tuin plaatsneemt. Tussen prachtige oude bomen en een vers bijgehouden grasveld wijst hij naar de poort: “Nummer 29 is altijd een woonhuis geweest en daarnaast was een koetshuis en later garage. Nadat de bewoner overleed nam ik het over van de eigenaar uit Zeist.” Die eigenaar had de tuin na onenigheid met de gemeente afgesloten voor publiek en er nagenoeg geen onderhoud aan gepleegd.

Nummer 29 met de poort naar de tuin

Appartementen en The Village

De voormalige garage op 29A wordt op de begane grond verbouwd tot koffiebranderij voor The Village, waar vier appartementen boven komen. De binnentuin is vanaf de openbare weg niet toegankelijk, maar heeft drie doorgangen met gesloten deuren of hekken. De historische binnentuin werd ooit ontworpen door Zocher.

Wat er met het gebied gaat gebeuren is nog niet duidelijk. Caron raadpleegde de buurt die zich verenigde in Bewonersgroep Anatole France (BAF), maar de gesprekken tussen de twee partijen liggen momenteel stil. Er waren veel ideeën, maar die zijn inmiddels van tafel geveegd. Beide partijen zeggen in elkaar teleurgesteld te zijn.

De bewonersgroep hoopte op behoud van de ‘groene long’ voor de stad en een ‘beperkte open functie’. Caron wilde een ‘open karakter’ mét een ‘horecafunctie’ dat ook rendabel moest zijn. Caron: “Begrijp me niet verkeerd, volbouwen is voor mij geen optie. Het moet wel financieel haalbaar zijn voor mij en mijn investeerders. Ik heb veel moeten investeren in de renovatie van de panden en mijn idee was om er iets als een theehuis te maken.”

Kosten en verdienmodel

De bewonersgroep opperde een invulling als moestuin, beeldentuin met educatieve functie of warmtewinningssysteem. Aag Jennekens van BAF: “We kregen geen voet aan de grond omdat er een verdienmodel moest zijn. We begrijpen dat er kosten zijn en hadden voorstellen waarmee de ontwikkelaar quitte zou kunnen spelen. Een verdienmodel met horeca geeft voor de omwonenden teveel vraagtekens. We willen dat de tuin een tuin blijft.” De bewonersgroep diende ook een zienswijze in waarbij werd gemeld dat er geen draagvlak is voor bebouwing en verdienmodel via nieuw te bouwen vergaderruimte dan wel horeca.

Caron wil de bijzondere plek vooral teruggeven aan de stad. Een vergaderruimte is volgens hem geen concreet idee, maar in een theehuis zou een plek voor vergaderingen kunnen komen. Hij zegt dat de plek in ieder geval wel semi-openbaar zal blijven. “’s Avonds en ’s nachts gesloten, want je wilt geen overlast. Er zitten ook wat coffeeshops in de buurt en dat kan vervelende jongeren aantrekken.” Caron had meer verwacht van de omwonenden: “Ik kocht het gebied aan en wilde vooraf al met de bewoners gaan praten. Ik wilde de tuin eerst goed opruimen en heb wel 270 kuub puin uit de tuin moeten halen. Ik heb alles voorbij horen komen, van een begraafplaats tot moestuin of een warmtewinningssysteem, maar een écht open karakter willen ze niet.”

Uniek

Caron kijkt om zich heen. “Dit is toch uniek in Utrecht? Je hoort hier helemaal niets van de stad terwijl je er middenin zit. Geen lawaai van verkeer of andere mensen. Als we een horecafunctie van honderd vierkante meter maken, zoals een theehuis, is dit een prachtige plek om met je kinderen te vertoeven.” Hij lacht als hij knikt naar zijn maaimachine. “Ik ben denk ik een van de weinigen die in het centrum van Utrecht een grasmaaimachine nodig heeft.” Trots loopt hij naar een oude waterbron die inmiddels is hersteld. “Kijk, die doet het gewoon weer. Prachtig.”

Jennekens zegt dat het idee van een licht paviljoen wel gehoor kreeg bij de bewonersgroep: “Maar dat hebben we verder niet uitgewerkt gezien. Wel kregen we te horen dat er vergaderruimtes zouden komen. Dat willen we niet.” De beide partijen zijn inmiddels niet meer in gesprek, maar volgens Caron is de deur zeker niet dicht. Caron: “Eerst wilde ik de panden afhebben. Dat is in augustus het geval en dan ga ik besluiten wat ik doe met het gebied. Waarschijnlijk zal er in ieder geval wat kleinschalige bebouwing aan de randen komen. Ik ga in gesprek met de gemeente en daarna zal ik weer terugkomen bij de bewoners.” Als het wordt opengesteld wil Caron ook iemand verantwoordelijk stellen voor het openen en afsluiten van het gebied. BAF zegt bereid om te overleggen met de ontwikkelaar, maar zegt in de zienswijze ook zich het recht voor te houden om bezwaar- en beroepsprocedures te voeren tegen plannen.