Romeinse mosselen in Castellum Hoge Woerd | De Utrechtse Internet Courant Romeinse mosselen in Castellum Hoge Woerd | De Utrechtse Internet Courant

Romeinse mosselen in Castellum Hoge Woerd

Romeinse mosselen in Castellum Hoge Woerd
Foto Mariëlla Beukers
Utrecht is een limes-provincie, oftewel een provincie die doorsneden wordt door de grens van het Romeinse Rijk. Die limes staat al enige tijd in een verhoogde belangstelling, aangezien hij in 2021 hopelijk tot UNESCO Werelderfgoed verklaard wordt.

Utrecht is een limes-provincie, oftewel een provincie die doorsneden wordt door de grens van het Romeinse Rijk. Die limes staat al enige tijd in een verhoogde belangstelling, aangezien hij in 2021 hopelijk tot UNESCO Werelderfgoed verklaard wordt.

Zoals dat met grenzen gaat, die werden bewaakt. Reden waarom er in de provincie diverse plekken zijn waar forten of wachttorens zijn opgegraven: vooral het fort van Castellum Hoge Woerd in Leidsche Rijn is bekend, naast ook het fort bij Vechten, in de gemeente Bunnik. Rondom die forten en wachttorens is van alles opgegraven, tot aan etensresten toe. Over die etensresten schreef stadsarcheoloog Erik Graafstal in 2017 een boeiend artikel, Basisrantsoen of barbecue. Een kijkje in de keuken van een Romeinse wachttoren.

Jury van Nederland kookt Romeins, met rechts Erik Graafstal. Foto Mariëlla Beukers

Aan dat artikel moest ik denken toen Graafstal afgelopen zondag 6 mei jurylid was tijdens een kookwedstrijd, ‘Nederland kookt Romeins’. Deze kookwedstrijd was georganiseerd in het kader van de Nationale Romeinenweek. Uitgangspunt waren ‘recepten’ uit het ‘kookboek’ van Apicius, De Re Coquinaria. Eigenlijk staan er geen recepten in deze verzameling, maar boodschappenlijstjes. Lijstjes met ingrediënten waarvan het lang niet altijd duidelijk is wat je ermee moet doen in de keuken. Aan de deelnemers van de kookwedstrijd de opdracht een creatieve oplossing hiervoor te bedenken, en met de opgegeven ingrediënten een mooi gerecht te maken. Drie finalisten mochten hun inzending in Castellum Hoge Woerd komen bereiden, waarna een professionele jury de gerechten beoordeelde. Naast Graafstal zaten in de jury ook Volkskeuken-schrijver Onno Kleyn en culinair historica Manon Henzen.

Kip en geit

Zouden de Romeinse fortbewoners of torenwachters gegeten hebben wat hier 1950 jaar later bereid werd, vroeg ik me af tijdens de wedstrijd? Vaak bevatten de boodschappenlijstjes van Apicius nogal luxe ingrediënten, eerder geschikt voor de elite in Rome dan de simpele soldaat langs de limes. Finaliste Elly Smit maakte ‘Sala Catabbia’, met kippenlevers en veel smaakmakers; Cora Meijer bereidde gehaktballetjes van geitenvlees met een saus van myrtebessen. Van haar gerecht was de jury het meest onder de indruk, en Meijer won dan ook de wedstrijd. Beide hoofdingrediënten, kippelevers en geitenvlees, zullen ook hier aan de uiterste rand van het Romeinse Rijk wel aanwezig geweest zijn. Geitenbotjes zijn veel gevonden in Leidsche Rijn, en de kip werd door de Romeinen in onze streken geïntroduceerd. Ik mocht na de jurering wat hapjes van deze gerechten proeven, en vond ze erg lekker!

Foto Tim Clerbaut

Mosselen

Het waarschijnlijk meest authentieke gerecht echter kwam van de derde finalist, Tim Clerbaut uit Antwerpen. Deze archeoloog en Romeinse hobbykok had mosselen klaargemaakt op een houtvuurtje, met daarnaast brood en een saus van onder andere honing, selderij en wijnruit, kruiden die door de Romeinen in onze contreien zijn geïntroduceerd. Ik kan me zo voorstellen dat die torenwachters zoiets best gemaakt zouden kunnen hebben op hun craticula, of verplaatsbare fornuizen.

Als smaakmakers hadden ze onder andere garum nodig, de saus van gefermenteerde vis die de Romeinen letterlijk als ketchup gebruikten. Garum werd in grote hoeveelheden geïmporteerd, en was zeker aanwezig in de forten rondom Trajectum. Een andere smaakmaker, passum, ingekookte wijn, zat in het gerecht van Clerbaut, en ook dit werd vanuit het zuiden naar noordelijker oorden gehaald. De mosselen van Clerbaut’s gerecht haalden de soldaten aan de kust. De schelpendieren werden droog vervoerd, want dan zijn ze het langst houdbaar. Uit andere gebieden zijn zelfs speciale mosselpotten bekend waarin de fourageurs de bederfelijke lading van de kust naar het binnenland vervoerden.

Soldaten op wacht in een wachttoren aten verder behalve zoutwatermosselen ook zoetwatermosselen, de Bataafse stroommossel, zo toonde Graafstal in zijn artikel aan. Hiervan zijn heel wat schelpen gevonden bij archeologische opgravingen. Het bijpassende brood werd mogelijk gebakken van spelt, dat uit het huidige Noord-Frankrijk werd geïmporteerd. Speltkorrels zijn in een kuil bij Hoge Woerd gevonden en een graanmolen lag aan boord van het beroemde schip, De Meern 1, nu te zien in Castellum Hoge Woerd. Bovendien zijn diverse maalsteenfragmenten gevonden op andere vindplaatsen in Leidsche Rijn.

Als de soldaten op de forten af en toe net zulk prachtig weer hadden als afgelopen zondag, en de mosselen waren vers aangevoerd van de kust, dan moet het leven toch niet heel erg vreselijk geweest zijn, langs de limes. Aan het eten heeft het in ieder geval niet gelegen.

Wie zelf aan de slag wil met Romeinse smaken en ingrediënten kan terecht in dit kookboekje. De inzending van Clerbaut met veel achtergrondinformatie is hier te lezen. En het artikel van Erik Graafstal lees je in het Jaarboek Oud-Utrecht 2017.

geen Reacties

Reageren

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Plaats een reactie

Lees voor u reageert onze algemene voorwaarden. Alle reacties worden vooraf gemodereerd. Uw IP adres is geregistreerd (wordt niet gepubliceerd).