De Utrechtse kinderopvang heeft het niet makkelijk: waar dat eerst door een groot tekort aan geschikte panden kwam, is dat nu zo door te weinig personeel. Toch is het onwaarschijnlijk dat de gemeente harde maatregelen treft vanwege de marktwerking in de branche. Voorlopig lijkt er niet veel te veranderen in de sector. Wat de effectiviteit van de initiatieven is die wél worden ondernomen, moet nog blijken.
Utrechtse kinderopvang in de knel, maar hard ingrijpen vanuit de gemeente lijkt onwaarschijnlijk

Dat de kinderopvang in nood zit, was al langer bekend. Zo zijn er ouders die hun kind al maanden voordat het geboren is inschrijven voor een opvang, of juist minder werken doordat zij nog steeds op diezelfde wachtlijst staan. De sector had eerst problemen met het vinden van geschikte nieuwe locaties, kampt nu met een groot personeelstekort en als gevolg daarvan ervaren medewerkers weer een te grote werkdruk. Utrecht is niet de enige stad met problemen, maar hard ingrijpen lijkt er niet in te zitten.
Opvangperikelen
GroenLinks en de PvdA stelden begin dit jaar vragen over de problematiek, waar het college van burgemeester en wethouders (B&W) nu antwoord op geeft. Er zijn op dit moment geen Utrechtse ‘kindcentra’ in verschillende wijken zoals Kanaleneiland, terwijl deze volgens de partijen juist daar het hardst nodig zijn. Dat zou met name komen doordat er te weinig geschikte ruimte is in de wijk. Ook zijn er in Utrecht lange wachtlijsten voor opvang, die ouders proberen te omzeilen door op meerdere kinderopvangen in te schrijven. Het gehele tafereel zorgt voor de nodige opstoppingen in het proces van het plaatsen van kinderen bij een crèche, BSO of gastouder.
Het college van B&W zegt het geschetste beeld voor het grootste deel te herkennen, maar benoemt daarbij ook meteen dat het niet aan hen is om actie te ondernemen: “Gezien de marktwerking in de kinderopvang heeft de gemeente helaas geen invloed op het aantal beschikbare plekken in de buurt.” Volgens hen is er in de wijken waar geen kinderopvanglocaties zijn te weinig vraag naar opvang, waardoor een opvang op deze plek niet nuttig zou zijn. “We hebben daar als gemeente zeer beperkt invloed op. Tegelijkertijd erkent het college dat voldoende kinderopvang in eigen buurt belangrijk is voor ouders zodat zij werk en opvang beter kunnen combineren.”
Effectiviteit
Wel probeert de gemeente de kinderopvang door middel van eigen initiatieven soepeler te laten verlopen. Zo is er een contactpersoon ‘kinderopvang’ aangesteld, wordt er samengewerkt met opleidingen die uiteindelijk de opvang kunnen helpen en worden werklozen omgeschoold naar personeel voor de opvang. Hoe effectief of duurzaam dit is, is daarentegen de vraag. Zo zijn er door de contactpersoon verschillende initiatieven gestart die de druk op de opvang verlichten, maar mist er nog structurele financiering. Ook of er tot op heden daadwerkelijk meer opvangcapaciteit is, en of de reeds ondernomen initiatieven dus effect hebben, is nog niet bekend. Het verkrijgen van die informatie heeft volgens het college meer tijd nodig.
Het college van B&W wil in de toekomst nog verkennen of de kinderopvangsector aangesloten kan worden bij Utrecht Leert. Met dat initiatief wordt geprobeerd het lerarentekort terug te dringen. Ook met de opleiding Pedagogisch Verbinder, die in september 2023 is gestart, wil de gemeente perspectief bieden voor werken in de kinderopvang. Hulp van buiten de gemeente hoeft volgens het college voorlopig niet verwacht te worden. Volgens hen is er op dit moment ‘geen zicht op kansrijke initiatieven uit andere steden voor verlichting van de tekorten’.



