Aloysiuskerk: een ‘Oosters’ kerkgebouw in Utrecht Oost

Aloysiuskerk: een ‘Oosters’ kerkgebouw in Utrecht Oost
Aloysiuskerk, 2016 (Arjan den Boer)
Misschien wel de mooiste plek om in Utrecht een kerstmis bij te wonen is de Aloysiuskerk aan de Adriaen van Ostadelaan. De enige koepelkerk van de stad werd in 1924 gebouwd in neo-byzantijnse stijl. Er hangt dan ook een wat geheimzinnige oriëntaalse sfeer. De hoge koepel van donkere bakstenen is erg indrukwekkend, terwijl de glas-in-loodramen en muurschilderingen het interieur kleur geven. De kerk is het gezamenlijke werk van architect Hendrik Valk en kunstenaar Willem Wiegmans.

Misschien wel de mooiste plek om in Utrecht een kerstmis bij te wonen is de Aloysiuskerk aan de Adriaen van Ostadelaan. De enige koepelkerk van de stad werd in 1924 gebouwd in neo-byzantijnse stijl. Er hangt dan ook een wat geheimzinnige oriëntaalse sfeer. De hoge koepel van donkere bakstenen is erg indrukwekkend, terwijl de glas-in-loodramen en muurschilderingen het interieur kleur geven. De kerk is het gezamenlijke werk van architect Hendrik Valk en kunstenaar Willem Wiegmans.

Nadat zich Jezuïeten in Abstede vestigden verrees in 1907 de voorganger van de huidige Aloysiuskerk aan de Abstederdijk. Dit bescheiden en lage kerkgebouw werd gewijd aan Aloysius, de patroonheilige van de jeugd. In Abstede woonden vooral hoveniers, maar dat veranderde begin 20e eeuw door de bouw van woningen. Het werd al snel te krap in het “kerkgebouw dat eigenlijk voor school bestemd was en waarvan vooral in de laatste jaren de bekrompenheid gevoeld werd,” aldus de pastoor Joannes Jorna.

Oude Aloysiuskerk, Abstederdijk 301, ca. 1920 (Het Utrechts Archief)
Oude Aloysiuskerk, Abstederdijk 301, ca. 1920 (Het Utrechts Archief)

Pastoor Jorna zette zich in voor de bouw van een nieuwe kerk door obligaties uit te geven tegen 5% rente voor in totaal fl. 150.000, ongeveer driekwart van de bouwsom. Er werd bouwterrein gekocht op een markante plek: de hoek van de Adriaen van Ostadelaan en de Rembrandtkade/Abstederdijk. Hier had tot 1911 het 19e-eeuwse buitenhuis De Minstroom gestaan.

Architect

Het ontwerp kwam in 1922 van architect Hendrik Valk uit ‘s-Hertogenbosch. De Aloysius was zijn eerste kerk. Valk had enkele jaren gewerkt bij kerkenarchitect Jos Cuypers en had daarnaast les gehad van Berlage. Zijn eerste zelfstandige opdracht was woningbouw in Den Bosch in de stijl van de Amsterdamse School. Voor Utrecht kwam Valk met het idee voor een koepelkerk. De neogotiek was uit de mode; kerkenbouwers rond 1920 grepen graag terug op het vroege christendom, zoals de Byzantijnse bouwvorm van de Aya Sofia in Constantinopel. Een Nederlands voorbeeld van zulke centraalbouw is de Cenakelkerk in Heilig Landstichting, enkele jaren voor de Aloysius.

Aquarel Hendrik Valk, 1921 (Het Utrechts Archief)
Aquarel Hendrik Valk, 1921 (Het Utrechts Archief)

Oorspronkelijk had Valk naast de Aloysiuskerk een 50 meter hoge toren in Byzantijnse stijl gedacht, zo blijkt uit een aquarel. De hoge toren is waarschijnlijk wegens geldgebrek niet doorgegaan; de kerk kreeg slechts een bescheiden klokkentoren, lager dan de koepel. Kort na de Aloysius ontwierp Valk de Sint-Janskerk in Waalwijk. Die koepelkerk kreeg wel een hoge toren, en daar is ook de invloed van de Amsterdamse School duidelijker zichtbaar dan in Utrecht.

Vlak voor oplevering, 1924 (Het Utrechts Archief)
Vlak voor oplevering, 1924 (Het Utrechts Archief)

Koepel

De Aloysiuskerk heeft een zeshoekige plattegrond en wordt bekroond door een twaalfhoekig koepelgewelf van baksteen. Deze 24 meter hoge koepel rust op zes paraboolvormige bogen. In de koepeltrommel — het gedeelte tussen de bogen en het eigenlijke gewelf — zijn dubbele romaanse vensters aangebracht die het midden van de kerk van licht voorzien. Het interieur is geheel uitgevoerd in schoonmetselwerk, oftewel ‘kale’ baksteen.

Koepel van de Aloysius (Arjan den Boer)
Koepel van de Aloysius (Arjan den Boer)

Hoewel het gebouw met eeuwenoude metseltechnieken lijkt opgetrokken, maakte Valk voor de constructie gebruik van gewapend beton, zowel voor de fundering als de koepel. Details hierover zijn niet bekend, maar zoals bij zijn vergelijkbare kerk in Waalwijk is waarschijnlijk een gewapende betonring gemaakt op de gemetselde bogen, die diende om ijzeren koepelspanten op te plaatsen en de druk van het gewelf te dragen.

De ronde vorm had voordelen voor de vieringen, zo beschreef de katholieke krant Het Centrum bij de eerste mis in 1924: “Het veelhoekig, bijna cirkelronde gebouw maakt een innig devote indruk terwijl het halfrond, waarin zich de geloovigen als het ware om het altaar groepeeren een intieme stemming van gelijkheid schept, juist in een kerkgebouw waar allen één zijn in hun gebed aan den schepper.” De cirkelsgewijze opstelling bood van alle zijden zicht op het altaar en de koepel zorgde voor een goede akoestiek, zodat er geen preekstoel nodig was.

Gezicht door het gewelfgat, 1974 (Het Utrechts Archief)
Gezicht door het gewelfgat, 1974 (Het Utrechts Archief)

Tijdens de eerste mis, een week na de inwijding door aartsbisschop Henricus van de Wetering, bleken de 1200 zitplaatsen aan de krappe kant. “De kerk was stampvol, geen plaatsje was onbezet en velen moesten zich vergenoegen met een staanplaats. Zeer verklaarbaar want ook uit de binnenstad waren er velen naar Abstede getrokken om deze gelegenheid te benutten het nieuwe kerkgebouw te zien,” aldus Het Centrum.

Willem Wiegmans

Was het architect Valk die de bijzondere vorm van het kerkgebouw bepaalde, kunstenaar Willem Wiegmans zorgde voor de aankleding. Hij ontwierp onder meer kleurrijke glas-in-loodramen, indrukwekkende kruiswegstaties en een fonkelend mozaïek. Deze uitmonstering kwam over een periode van 13 jaar tot stand en vormt het belangrijkste werk van Wiegmans.

Rond 1916 werkte Wiegmans als decorateur voor Vroom & Dreesmann in Amsterdam en ontmoette daar Anna Jonkers, door wie hij zich tot het katholicisme bekeerde. Na een kunststudie aan de Rijksakademie bij Richard Roland Holst verhuisde Wiegmans naar Utrecht, waar hij in 1922 met Anna trouwde in de (oude) Aloysiuskerk. Wiegmans vestigde zich namelijk vlakbij: aan de Nicolaasweg. Als ‘sierkunstenaar’ maakte hij interieurelementen, muurschilderingen, glas-in-lood en boekillustraties, vooral voor katholieke opdrachtgevers. Het was dus logisch dat Wiegmans betrokken raakte bij de nieuwe Aloysiuskerk, waar hij zelf parochiaan was totdat hij na het vroegtijdig overlijden van zijn vrouw in 1929 naar Driebergen verhuisde.

Raam met de vierde Zaligheid (Arjan den Boer)
Raam met de vierde Zaligheid (Arjan den Boer)

Wiegmans ontwierp ruim 40 glas-in-loodramen voor de Aloysius, die samen zijn ontwikkeling als kunstenaar laten zien. In de eerste ramen uit 1924, met het leven van de heilige Aloysius als onderwerp, gebruikte hij grote stukken vrijwel onbeschilderd gekleurd glas. De loodstrips fungeren als lijnen waarmee de sterk gestileerde figuren zijn getekend. Voor de zijmuren van het schip ontwierp Wiegmans een reeks ramen over de Acht Zaligheden uit Matteüs. De zaligspreking op het meest kleurrijke van deze ramen luidt: “Zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid”.

Kruiswegstaties

In een serie van 14 staties bracht Wiegmans tussen 1928 en 1930 het lijden en sterven van Christus in beeld. Het zijn muurschilderingen, maar wel op een speciaal in de muur aangebrachte ondergrond van mortel (metselspecie), beschilderd met Keim-mineraalverf. Wiegmans paste deze experimentele techniek toe om briljante en tegelijk duurzame kleuren te bereiken — die tot op heden goed bewaard bleven.

De twaalfde kruiswegstatie (Arjan den Boer)
De twaalfde kruiswegstatie (Arjan den Boer)

De figuren zijn sterk gestileerd in Art Deco-stijl. In een toelichting zei de kunstenaar dat hij niet de droefheid van de kruisgang wilde uitbeelden: “De kruisweg moet opwekken, door dien te mediteeren moeten we nieuwe krachten krijgen, om onze kruisjes blijmoedig te aanvaarden en te dragen, omdat ons op ‘t einde vreugde wacht. Daarom probeerde ik aan den kruisweg een prettigen, frisschen, aantrekkelijken indruk te geven, bijzonder door middel van kleur.” Wiegmans lichtte ook de betekenis van de gebruikte keuren toe, zoals groen voor hoop, rood voor liefde en wit voor reinheid.

Antoniuskapel

Na de kerkvensters en de kruisweg ging Willem Wiegmans in 1932 opnieuw aan de slag de Aloysiuskerk, nu in de zijkapel die gewijd is aan Antonius van Padua. Daar maakte hij een wandmozaïek van de heilige Antonius met het Christuskind, rijkelijk voorzien van goudglanzende mozaïeksteentjes. Enkele jaren later realiseerde Wiegmans in dezelfde kapel nog een serie kleine gebrandschilderde ramen over het leven van Antonius. Hij liet zich hierbij inspireren door de gotische vensters in de kathedraal van Chartres, die hij meermaals bezocht. De kunstenaar ‘stapelde’ de scènes op haast middeleeuwse wijze en beperkte de kleuren tot rood, blauw, groen en wit.

Antoniuskapel met mozaïek (Arjan den Boer)
Antoniuskapel met mozaïek (Arjan den Boer)

Hiermee was Wiegmans’ levenswerk in de Aloysiuskerk — bedoeld of onbedoeld — voltooid. In 1942 werd de kunstenaar ernstig ziek en overleed op 49-jarige leeftijd in het nabijgelegen, eveneens naar Antonius genoemde ziekenhuis aan de Prins Hendriklaan. De uitvaartmis werd in zijn geliefde Aloysiuskerk gehouden, temidden van zijn werk.

Altaar en orgel

Met de liturgische vernieuwingen na het Tweede Vaticaans Concilie — door critici een Tweede Beeldenstorm genoemd — kreeg de Aloysiuskerk eind jaren zestig een nieuw priesterkoor met modern altaar. Behalve het oude hoofdaltaar van architect Valk verdwenen toen ook de Maria- en Jozef-altaren, de communiebanken en biechtstoelen van Wiegmans. Bij een latere herinrichting werd het aantal zitplaatsen in de kerk teruggebracht van 1200 tot 400.

Meere-orgel en modern altaar (Arjan den Boer)
Meere-orgel en modern altaar (Arjan den Boer)

Het huidige orgel staat nog maar sinds 1993 in de Aloysiuskerk, maar kent een lange geschiedenis. Het werd in 1810 gemaakt voor de O.L.V. ten Hemelopneming, oorspronkelijk een schuilkerk aan de Biltstraat. Het orgel werd in 1895 aangepast aan de nieuwe kerk die daar toen gebouw werd. Na de sloop van deze Biltstraatkerk in 1972 kwam het instrument eerst in de kleine, nieuwe kerkzaal om vervolgens naar de Aloysius te verhuizen — net als overigens het doopvont. Het orgel is een rijksmonument, terwijl de Aloysiuskerk zelf alleen op de gemeentelijke monumentenlijst staat.

Mariabeeld en kruiswegstaties (Arjan den Boer)
Mariabeeld en kruiswegstaties (Arjan den Boer)

Vieringen

2016 was het jaar waarin vijf katholieke kerken in Utrecht gesloten werden en de gemeenteraad een ‘kerkenvisie’ besprak over de vraag wat met zulke gebouwen moet gebeuren. De toekomst van de Aloysiuskerk ziet er gelukkig rooskleuriger uit. Kerksluitingen vonden in Utrecht Oost al in een eerder stadium plaats — bijvoorbeeld de Heilig Hartkerk in Oudwijk, waar appartementen in kwamen. De kerkgemeenschap Utrecht-Oost, waarvan de Aloysius de thuisbasis vormt, is sinds 2010 onderdeel van de Sint Martinus-parochie. In deze parochie zijn verdere sluitingen voorlopig niet aan de orde. Er zijn nog altijd dagelijkse eucharistievieringen in de Antoniuskapel en elke zondag in de grote kerkzaal van de Aloysiuskerk.

Aloysiuskerk met kerststal (Arjan den Boer)
Aloysiuskerk met kerststal (Arjan den Boer)

Rondom kerst worden er in de Aloysius speciale activiteiten en vieringen gehouden. Vorig weekend was de kerk het eindpunt van de Lichtjestocht door Oost en vond er de Volkskerstzang plaats met glühwein na afloop. Nog tot en met vrijdag 23 december is de kerststal in de Aloysiuskerk dagelijks tussen 15 en 17 uur te bewonderen. Op Kerstavond en beide kerstdagen zijn er vieringen met koorbegeleiding, zowel algemeen als gericht op kinderen. Goede gelegenheden dus om dit imposante gebouw eens te bezoeken en het werk van Valk en Wiegmans te bewonderen.

Fotoverslag

Aloysiuskerk

Arjan den Boer

Arjan den Boer

Arjan den Boer houdt van geschiedenis, design, monumenten en architectuur. Op DUIC.nl schrijft hij over vergeten gebouwen en in de DUIC krant over verdwenen gebouwen.

Profiel

9 Reacties

Reageren
  1. jos stelling

    Geweldig Arjan: .dank.
    (Jozef Maria Aloyius Stelling)

  2. Wouter

    Altijd weer een genot om deze verslagen te lezen! Dank Arjan

  3. jacob

    Weer een heel mooi informatief stuk, hartelijk dank, elke keer weer een plezier de bijdragen van Arjan te lezen.

  4. Emiel van Dun

    Prachtig verhaal, nostalgie ten top voor mij. Was daar misdienaar en acoliet van 1954 tot 1966. Dank je wel. En kerstgroet vanuit fris Lesbos.

  5. Vibeke

    Dank je Arjan, als altijd zeer interessant!

  6. Jolanda

    Altijd leuk om de verhalen van Arjan te lezen!

  7. Inez

    Ik vond het een mooi verhaal en ben gelijk gisteren de kerk gaan bezoeken. Ik vond vooral de koepel mooi, mijn vriend de muurschilderingen.

  8. Aleid de Jong

    Van deze prachtige artikelen krijg ik (in Noorwegen) heimwee naar Utrecht, mijn stad…Ik woonde mijn hele jeugd vlakbij de Aloysiuskerk, waarvan ik lang dacht dat die de ‘Alle Wiesjeskerk’ heette, omdat ik een katholiek klasgenootje had, dat Wiesje heette.

  9. Jan Lisman

    Ik heb gisteren over dit artikel verteld aan Louise, een mede-radiozendamateur van 91 (!) jaar oud. Zij is “pas” sinds 17 jaar vrouw en is geboren als Aloysius, zoon van kunstenaar Willem Wiegmans en Anna Jonkers.

    Ze vond het erg leuk om te horen dat er ook tegenwoordig nog zoveel belangstelling is voor datgene dat haar vader in z’n korte leven heeft gerealiseerd en ik heb haar beloofd dit artikel uit te printen en aan haar op te sturen.

    Zij -of toen nog “hij”- heeft overigens zelf ook lange tijd deel uitgemaakt van de religieuze gemeenschap. De interessante radiodocumentaire “Een nieuw kruis voor een oude pater” over de daarbij ondervonden strubbelingen is te beluisteren via http://www.npo.nl/damokles/29-06-1999/IMX_KRO_727544

Plaats een reactie

Lees voor u reageert onze algemene voorwaarden. Alle reacties worden vooraf gemodereerd. Uw IP adres is geregistreerd (wordt niet gepubliceerd).