Yvonne Groeneveld kijkt terug op 35 jaar Werftheater: “Ik graai graag in de rijkdom van de verbeelding”

Yvonne Groeneveld kijkt terug op 35 jaar Werftheater: “Ik graai graag in de rijkdom van de verbeelding”

Afgelopen weekend vierde het Utrechtse Werftheater haar 35-jarig bestaan. Verantwoordelijk voor zoveel jaren succesvol programmeren is theatermaakster en cabaretière Yvonne Groeneveld. Ze heeft heel wat meegemaakt in het intieme theater aan de gracht. DUIC ging bij haar langs en blikte terug op 35 bijzondere jaren.

“We zijn nog even aan het opruimen hoor, we hadden gister een feestje met al het oud personeel. Het thema was Burlesque, vandaar de louche lampjes”, verontschuldigt Suzanne, één van de trouwe medewerkers van het Werftheater zich. Even later schuift Yvonne Groeneveld aan en zitten we gezellig aan de koffie met soesjes en bonbons in de entree van de boogvormige werfkelder.

zaal Werftheater vanaf podium
Zaal Werftheater vanaf podium
Werftheater van buitenaf
Werftheater van buitenaf

 

 

 

 

 

 

Het begon allemaal met een grote portie gedrevenheid en de noodzaak voor een eigen podium voor beginnende cabaretiers. “In die tijd was Paul van Vliet mijn grote voorbeeld”, vertelt Yvonne. “Hij was ook een eigen theater begonnen, dus die kant wilde ik heel graag op. Ik was ook al heel lang gecharmeerd van de werfkelders in Utrecht. In die tijd zaten er nog geen hippe bedrijfjes, restaurants en clubs in. Ze werden zelfs amper gebruikt. Soms huurde jongeren er één voor een feestje bij kaarslicht. Ik heb destijds aan de gemeente gevraagd of ze het me wilde laten weten als er ergens eentje vrij kwam. En dat hebben ze gedaan. In 1978 kon ik erin.”

Naamloos
The Soft Swing Company – 1985 – Met rechts: Chris Kruis op vibrafoon.

Yvonne vertelt dat het wel wat behelpen was in de vochtige werfkelder: “Aan het begin was het nog zo erg dat onze suikerzakjes in de bar doorweekt raakten van het vocht. Veel van de artiesten herinneren zich nog de aardse, muffige geur van de beginjaren. Nu is het gelukkig stukken beter.”

Het succes van het kleine theater is te danken aan het enthousiasme van Yvonne, maar zeker ook aan de hulp van vrienden en vrijwilligers. “Sommige mensen komen hier al vijftien jaar in hun vrije tijd helpen. Ik kan met een gerust hart wegblijven, ze weten van de hoed en de rand.” Vanachter de kassa kijkt vrijwilliger Robin Sinke lachend onze kant op. “Ze zorgt heel goed voor ons. Soms neemt ze hele bakken vol zelfgemaakte maaltijden mee”.

Yvonne laat weten dat ze heel blij is met alle hulp: “Ik zou hier niet elke avond kunnen zijn. Ik ben in eerste plaats theatermaker en daar gaat veel tijd in zitten. Dan treed ik ook nog eens op, soms verschillende voorstellingen door elkaar. Ik zit nooit stil. Ik graai graag in de rijkdom van de verbeelding. Dat is toch het aantrekkelijke van het menszijn; het kunnen gebruiken van je fantasie en verbeelding. Als ik wel hier ben, staat er een extroverte gastvrouw, maar ik vind het heerlijk om lekker geïsoleerd in mijn huis aan een project te werken. Dan is het heerlijk dat het theater ook zonder mij functioneert.”

Haar familie weet gelukkig ook wel raad met haar ontembare energie en creativiteit. “Mijn man is bio-chemicus, die staat ver af van de theaterwereld, dat is precies goed voor de balans. Mijn dochter en schoonzoon zitten allebei in het vak. Zij regisseert zelfs enkele van mijn shows. Ik hecht veel waarde aan haar mening en vertrouw blind op haar kundigheid.”

Clipboard01
Youp van ‘t Hek 1980, Alexandra van Marken 1991, Herman Finkers 1979

Het programmeren is Yvonne al die jaren goed af gegaan. Vele grote namen stonden in het begin van hun carrière bij haar op het podium. “Ik trad in die tijd zelf veel op en kende daardoor veel mensen in het vak. Al snel ging het rondzingen dat beginnende artiesten welkom waren op het kleine podium en sindsdien heeft het programma altijd vol gezeten.”

Ook het jubileumweekend was goed gevuld. Yvonne zelf trad natuurlijk ook op. In ‘De Reunie’ kwamen verschillende van haar typetjes voorbij. “Het zijn er veel te veel om allemaal te doen hoor. Ik heb enkele favorieten uitgekozen. En elk typetje zit wel iets van mij. Zelfs in het dagelijks leven denk ik weleens ‘Hey, ben jij er ook weer?’. Ik lijk wel een beetje schizofreen. Maar sommige zou ik nu niet zo snel meer doen. De Potloodventer bijvoorbeeld, daar ben ik nu wel iets te oud voor”, lacht ze.

De cabaretiers die het podium hebben beklommen zijn bijna niet te tellen. Toch zijn er veel onvergetelijke momentjes geweest. “We zijn ooit begonnen met de Nacht van de Gracht. Een soort voorloper van de Culturele Zondag. We gaven dan altijd iemand een aanmoedigingsprijs: de stimulatiesteen. Het was een doodgewone baksteen, maar mensen konden het echt waarderen. Sommige daarvan zijn groot geworden, anderen zijn ergens onderweg gestrand. Gek genoeg zitten daar veel vrouwen tussen. Het is nog steeds vaak zo dat zij kiezen voor het gezin en niet voor de carrière.”

Op het moment probeert Yvonne het even bij één stuk te houden. “Ik ben bezig met een portret van mijn Indische moeder. In ‘Bij Eugenie op de Waranda’ speel ik een karakter wat veel op haar lijkt. Ik heb rondom dit project zelfs een gezellig clubje mensen verzameld. We komen regelmatig bij elkaar. De bar wordt omgetoverd tot toko en er wordt Indische muziek gespeeld.” Op de vraag of een pensioen al in zicht is, geeft ze met pretoogjes antwoord: “Ik blijf mooie dingen maken tot mijn lijf of hoofd er mee ophouden. Ideeën genoeg!”

Het theaterprogramma van de komende tijd is te vinden op de site van het Werftheater.

geen Reacties

Reageren

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Plaats een reactie

Lees voor u reageert onze algemene voorwaarden. Alle reacties worden vooraf gemodereerd. Uw IP adres is geregistreerd (wordt niet gepubliceerd).