Utrecht heeft altijd iets bescheidens gehad. Gaf vaak ruimte aan steden met een ietsje grotere mond. Op zich geen slechte eigenschap trouwens, die bescheidenheid. Toch laten we langzamerhand iets van die schroom achter ons. Niet luidruchtig en ronkend. Maar met gepaste trots op zaken die wij hier belangrijk vinden en waarvan we ontdekken dat Utrecht er eigenlijk “best goed” in is.
Utrecht leert het: een beetje trots zijn mag

TivoliVredenburg slaat aan
Neem TivoliVredenburg. Onder gekrakeel gebouwd, en nog steeds onderwerp van discussie. Het geluidslek enzo. (Beetje minder versterken misschien? Scheelt ook weer wat van die oordopjes).
We beginnen intussen te zien dat we er een hele bijzondere plek bij hebben gekregen. Waar vele soorten muziek en publiek door elkaar heen lopen. En velen genieten van hun eigen ding. Een gebouw waar grote bands, die voorheen hier in de stad geen kind aan huis waren, inmiddels graag komen. Een plek met meer betekenis en ambitie dan voor de stad alleen. TivoliVredenburg begint internationaal een goed figuur te slaan. Tja, en wij durven gewoon trots te zijn.
Vergroening van de stad
Een ander voorbeeld van gepaste trots: de vergroening van de stad. Het gemor over fijnstof en de noodzakelijke maatregelen gaat gelukkig gewoon door. Heeft zeker een functie. Maar intussen rijden pizzakoeriers elektrisch, kun je op afstand zien waar je je fiets nog kwijt kunt, en gaan we de batterijen van elektrische auto’s aan laadpalen inzetten om de fluctuaties in het elektriciteitsgebruik op te vangen. En we hangen dat gewoon aan de grote klok als wereldprimeurs. Dat zouden we een paar jaar geleden als on-Utrechts ervaren hebben. Nu niet meer.
Voldoende stages eisen
Een derde onderwerp dat wij in Utrecht snel zien groeien is het Sociaal Ondernemen. De stad is wellicht niet de bakermat ervan, maar we maken inmiddels wel het hoogste tempo. De gemeente gaat nu een Social Impact Factory opzetten. Daar kunnen verschillende partijen met elkaar in contact komen, out-of-the-box leren denken. Oude denkpatronen worden doorbroken, en nieuwe slimme samenwerkingsvormen ontstaan. Het moet mogelijk zijn om met creatieve en ondernemende partijen projecten te maken die zichzelf bedruipen en daarmee mensen en/of milieu nieuwe kansen geven.
De gemeente zelf neemt zich daarbij voor het eigen inkoopgedrag goed tegen het licht te houden. Want de gemeente kan als grote klant – namens ons allemaal- immers gewoon vragen of een leverancier wel voldoende stages beschikbaar stelt bijvoorbeeld. Voorlopig zijn we nog de eerste en enige stad met zo’n initiatief.
Wereldster Nijntje en fietsfestijn
Bescheidenheid en ambitie kunnen dus heel goed samen gaan. Daarom past Nijntje ook zo goed bij ons. Een lief konijn, maar ook een echte wereldster. Nog even en we laten zien dat we -op een onorthodoxe manier samenwerkend- een prachtig wielerfestijn kunnen neerzetten. Daar mogen we best een beetje trots op zijn. Voor Utrecht zelf eigenlijk ook een soort Grand Départ naar een ambitieniveau dat we voorheen niet kenden. En dat hopelijk niet voorbij is als de karavaan verder trekt richting Mont Ventoux.



