Geheimen van de stad: De kogel bijna door de (Buur)kerk | De Utrechtse Internet Courant Geheimen van de stad: De kogel bijna door de (Buur)kerk | De Utrechtse Internet Courant

Geheimen van de stad: De kogel bijna door de (Buur)kerk

Geheimen van de stad: De kogel bijna door de (Buur)kerk
Foto: Jayson Todikromo
Rondleiders van Gilde Utrecht vertellen over verborgen en onbekende plekken in de stad.

Rondleiders van Gilde Utrecht vertellen over verborgen en onbekende plekken in de stad.

Het winkelgebied van de Steenweg is het oudste handelscentrum van de stad Utrecht. Hier werden goederen gekocht en verkocht op markten en was de zetel van het stadsbestuur.

Dit was ook de plek waar Utrechters nog redelijk vrij konden bewegen, terwijl grote delen van de stad waren lang afgesloten door immuniteiten van de kapittelkerken en de kloosters met hun ommuurde privéterreinen.

In dit deel, de Stathe geheten, stond ook de eerste parochiekerk van Utrecht, de Buurkerk. De kerk van de burgers staat er nog steeds. Het winkelend publiek is er overigens niet echt van op de hoogte: zij weten amper dat die kerk daar staat. Vraag maar eens een willekeurige voorbijganger naar de Buurkerk. Zeg je Museum Speelklok, dan heb je meer kans dat ze weten waar het over gaat.

In de tiende eeuw werd de stenen kerk gebouwd met een stenen toren. De stijl was romaans. De kerk overleefde een aantal branden, maar na de Wievekensbrand van 1279 werd de kerk niet meer hersteld. Op dezelfde plek kwam nu een kerk in de gotische stijl, meer van die tijd.

Uitbreidingen

Van een leegloop van de kerk, zoals tegenwoordig, was in die periode geen sprake. Integendeel zelfs, de kerk werd te klein en vanaf 1370 meerdere malen uitgebreid. Door de uitbreidingen en de oprukkende bebouwing rondom de kerk kwam de Buurkerk echter in de knel en in 1391 verplaatste men de markt van het Buurkerkhof naar de Mariaplaats.

De gotische kerk met het enorme dak over drie beuken werd later nog uitgebreid tot een vijfbeukige kerk. Na de storm van 1674 kreeg iedere beuk een apart dak. Er was wel sprake van vertragingen bij verschillende uitbreidingen. Zo werd de verbouwing aan het koorgedeelte stopgezet, omdat de kluis van Suster Bertken werd gebouwd. Zij geboren in 1427 was de onwettige dochter van Jacob van Lichtenberg, de geestelijk leider van het kapittel van Sint-Pieter. Vanaf 1457 leefde zij in een dichtgemetselde kluis aan het koor van de Buurkerk.

De kluis was krap vier bij vier meter en had twee vensteropeningen: een met zicht op het hoogaltaar – zo kon zij alle diensten volgen – en een naar de straat – zij gaf mensen wijze lessen en ontving zo haar voedsel. Op 87-jarige leeftijd stierf zij in haar kluis.

De uitbreiding van het koorgedeelte werd voortgezet, maar in 1586 weer gesloopt. De straat aan de oostzijde van de kerk was te nauw. De verbrede straat werd de Choorstraat (spreek uit als Koorstraat). De westzijde van de kerk, en in het bijzonder de toren, is slachtoffer geworden van beschietingen vanaf het belegerde kasteel Vredenburg.

Kanonnen en voltreffers

Voor alle zekerheid stonden op de toren ook kanonnen, het was een roerige tijd. Voltreffers hebben de toren geraakt, de kogels zijn verloren geraakt. Later zijn kogels aan de westkant van de torengevel ingemetseld.

Tegenwoordig is de Buurkerk in gebruik als museum. Na een grondige renovatie werd het omgebouwd tot het Nationaal Museum van Speelklok tot Pierement (tegenwoordig: Museum Speelklok). Het museum heeft een grote collectie van automatisch spelende muziekinstrumenten – zoals speeldozen, klokken met speelwerken of pianola’s.

Door de inbouw van de verschillende museumzalen is de ruimtewerking in de kerk grotendeels verloren gegaan. De structuren zijn echter zo ingebouwd dat ze het kerkgebouw niet aantasten en zo nodig weer verwijderd kunnen worden.

geen Reacties

Reageren

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Plaats een reactie

Lees voor u reageert onze algemene voorwaarden. Alle reacties worden vooraf gemodereerd. Uw IP adres is geregistreerd (wordt niet gepubliceerd).