
Kanaalzicht
De historische vereniging Oud-Utrecht maakt voor DUIC wandelingen door de stad, op zoek naar bijzonder erfgoed. Deze keer lopen we een rondje bij de Muntsluizen en houden zicht op het Merwedekanaal.
Het Merwedekanaal werd voor een groot deel met de hand gegraven tussen 1880 en 1892 als verbinding tussen Amsterdam- via Utrecht- naar Vreeswijk. Voor de eerste sluis in 1885 aan de kant van Oog in Al (de wijk bestond nog niet) gingen zware heipalen de grond in. De sluis bleek al snel te klein voor het enorme aantal schepen dat er gebruik van maakte en zodoende kwam er in 1904 een tweede schutsluis naast de oude. Nu herkennen we de eerste sluis aan de dubbele ophaalbrug en de tweede aan de basculebrug met de gedenkstenen 1904-1905 op de landhoofden. Vanaf 1952 nam het Amsterdam-Rijnkanaal de scheepvaartroute over. Het complex van sluizen, bruggen en dienstwoningen is sinds 2000 rijksmonument.
Keulsekade en Spinozabrug
We starten bij Café Kanaalzicht, Keulsekade 23. Eigenaar H. Vreeburg begon hier in 1905 zijn ‘Café-Billard’: ‘Met ruim uitzicht op kanaal en nieuwe sluiswerken. Goede consumptie. Nette bediening’. Omdat de passerende boten vaak lang moesten wachten bij de sluizen deed het café meteen al goede zaken. Anno 2026 is er nog steeds een biljart.
Naast het café op nummer 20 verkocht P. Heins scheepsartikelen zoals emaillak en butaangas. Ter herinnering is de oude gevelreclame in ere hersteld.
Lopen we de Keulsekade richting nummers 24-33, dan zien we een rijtje van veelal oorspronkelijke sluiswachterswoningen uit 1904 – rijksmonument- met in het midden het huis met puntdak van de sluismeester. Op nummer 35 zien we twee loodsen waarvan de linker nog de oorspronkelijke houten schotbalkloods uit 1904 is. Een schotbalk werd gebruikt om sluisdeuren te beschermen bij zware ijsgang. Iets verderop aan de rechterhand zien we een wit gebouw. Aan de grote raampartijen van de klaslokalen kan je nog zien dat hier een school heeft gestaan. Dit was de Christelijke ULO school uit 1953, naar ontwerp van architect De Haan. In 2020 is het pand verbouwd tot Nieuwe opvang in Zelfbeheer (NoiZ), voor opvang van dak- en thuislozen. Op de zijgevel staat een tekst van Nelson Mandela over het recht op waardigheid en een fatsoenlijk leven.
Het van buiten geheel met graffiti beschilderde houten gebouw iets verderop huisvest het Kindertheater Lombok en is tevens het Muziekhuis van harmonieorkest De Bazuin. Het gebouw is in 1953 door de gemeente neergezet als gymlokaal voor ‘lagere scholen’ in de buurt. Hierna lopen we langs woonboten richting de Spinozabrug. Tijdens WO2 werd de bouw van de brug stilgelegd en pas in 1951 voltooid. De brug –die in de oorlog nog niet in gebruik was- kreeg van de Duitsers een andere naam namelijk Bollandbrug; joodse namen werden verboden. Kijk nog even in de fietstunnel naar het tegeltableau van Louise Hessel met ondermeer een portret van Spinoza, dat uit woorden bestaat. Lopen we de brug op dan zien we een hoge zuil met één van de eerste werken van beeldhouwer Pieter d’Hont, ‘De Wijsheid’. Het betreft een vrouwenfiguur met in de rechterhand een brandende fakkel, ‘de geest’ en in de linker een boek, ‘de materie’. Aan de andere kant van de brug gaan we naar beneden naar een wandelpad langs het water en lopen de Kanaalweg af tot aan de Cereolfabriek.
Vergane glorie: een Lijnkoeken-, Blik-, Biscuits- en Sigarenfabriek
Er is nog veel te zien op het terrein rond de oude Cereolfabriek. In 1908 werd de fabriek door een coöperatie van meer dan duizend boeren gesticht als Stichtse Olie- en Lijnkoekenfabriek (SOL), ontworpen door architect Ebbers. Hier werd olie gewonnen uit lijnzaad (later soja) en van de restmaterialen werden veekoeken gemaakt. Bovenaan de gevel zien we een op het origineel geïnspireerd tegeltableau uit 2014 met de naam SOL. Na de sluiting in 2002 en brand in 2008 is het gebouw door ‘BOEi’ met veel oog voor detail gerestaureerd en her bestemd. Nu is het een multifunctioneel gebouw met een school, kunst en cultuur, bibliotheek en restaurant. Naast de fabriek is de oude ‘directeurswoning’ opgeknapt. Hier woonde de baas van de fabriek met zijn gezin, nu zit daar Wijkbureau West. Vóór de fabriek aan de waterkant staat de in het oog springende woontoren met metalen gevel, naar voorbeeld van één van de oude silo’s, ontworpen door ZECC architecten. Aan het water staat de oude ‘elevator’(hijskraan) te wachten op een nieuwe bestemming. Om de hoek, Shakespearelaan 1 en hoger, zien we huizen die doen denken aan de oorspronkelijke fabrieken. Er staan ook nog twee dienstwoningen op de kop van de Everard Meijsterlaan, één uit 1909 van de sluisknecht waar nu ‘de Fabrieksbar’ gevestigd is van Buurten in de Fabriek en één er tegenover op nummer 2, van de havenmeester, beide rijksmonument. Direct naast de Cereolfabriek vestigden zich nog drie fabrieken aan het Merwedekanaal in verband met de gunstige aan- en afvoer van goederen. Allereerst de blikfabriek van Verblifa in 1912, waar blikverpakkingen voor ondermeer groenten en sigaren (voor buurman Denova) werden gemaakt. In 1964 werd de fabriek overgenomen door Thomassen en Drijver en in 1970 onder protest gesloten. De PTT kwam er voor in de plaats. Naast de blikfabriek kwam in 1913 de Biscuitfabriek ‘De Zwaluw’ van W. C. van der Kaaij, bekend van zijn ‘bamboestaafjes met amandelvulling’ en ‘damschijven gevuld met mokka’. Veel van de koekjes vielen in de prijzen en werden geëxporteerd. Tot slot vestigde zich in 1916 de sigarenfabriek Denova van Geerlof Witteveen aan het kanaal. Denova was ooit begonnen in de Abel Tasmanstraat. Bekende merken waren Staalkoning, Flor de Tormento en Carl Upmann. Nu is van deze fabrieken geen spoor meer te bekennen. In hun plaats staan tegenwoordig woonhuizen met een riant uitzicht over de Muntsluizen.
Tekst: Anna Wits
Foto’s: Het Utrechts Archief

