
Utrechts wervengebied jarenlang op de schop
Honderden Utrechtse werfkelders zijn in slechte staat en moeten de komende jaren worden hersteld. Het gaat om een megaklus die tot 2050 duurt, honderden miljoenen kost en grote gevolgen heeft voor bewoners, ondernemers en bezoekers van de binnenstad. Tijdens een wandeling van de Plompetorengracht richting de Kromme Nieuwegracht wordt duidelijk hoe groot die opgave is, en wat dat de komende jaren gaat betekenen voor Utrechters.
Vanuit een bootje in de Plompetorengracht, wijst projectleider Ferry Loupias naar een kelder onder de straat. Hier staan houten stempels tegen het plafond gedrukt. “Als kelders zo gestut zijn, kun je ze eigenlijk niet meer gebruiken,” legt hij uit. Het is een noodmaatregel om de weg boven de kelder veilig te houden, zodat het verkeer nog veilig over de kelder kan rijden.
Waarom die kelders verslechteren, is lastig aan te wijzen. “Het kan van alles zijn,” zegt Ferry. “Slecht onderhoud, verkeerde aanpassingen en zware belasting van verkeer. Er is nooit één duidelijke oorzaak.” Ouderdom speelt ook een rol: de kelders zijn tenslotte al 900 jaar oud.
De eigendomsgrenzen in het wervengebied lopen vaak dwars door elkaar heen. De kluismuur (de muur in de gracht) is vaak van de gemeente, de kelder van een particulier, en daarboven ligt de openbare weg met kabels en leidingen van allerlei partijen.
Pragmatische aanpak
Volgens programmadirecteur Arjan van Rijn van het “Programma Wervengebied’’ is dat precies de reden voor het grootschalige programma: “Je kunt hier eindeloos juridisch over gaan discussiëren, maar daar schiet niemand iets mee op. We willen vooral herstellen.”
‘Negenhonderd kelders, kilometers muur en een megaklus tot 2050’
Daarom kiest de gemeente nu voor een pragmatische aanpak. Het grootste deel van de kosten wordt door de gemeente betaald: publiek geld dus. Eigenaren van werfkelders dragen gemiddeld zo’n 20 procent bij. “We willen dat mensen meedoen,” zegt Arjan. “Als je het zelf moet doen, ben je altijd duurder uit.”
Het gaat daarbij niet alleen om geld. Het herstel van een eeuwenoude kelder is technisch ingewikkeld en voor particuliere eigenaren vaak nauwelijks zelf te organiseren. De gemeente neemt daarom het opdrachtgeverschap over.
Megaklus
Het herstel van de Utrechtse werven is geen project van een paar jaar. Volgens het uitvoeringsprogramma loopt het werk door tot 2050. In totaal gaat het om ruim 900 kelders en duizenden meters muur. De gemeente verwacht tot 2050 bezig te zijn met herstelwerkzaamheden. De totale kosten worden geraamd op zo’n 412 miljoen euro.
Jaarlijks moeten gemiddeld zo’n 35 kelders en 100 meter muur worden aangepakt. Maar de planning blijft onzeker. Die onzekerheid zie je terug in de praktijk. Tijdens de wandeling vertelt Arjan: “We hebben geprobeerd om dit strak uit te tekenen, zoals bij een bouwproject. Maar dat werkt hier niet. Elke kelder is anders, elke situatie is anders.”
Vier jaar
De aanpak is daarom gefaseerd. Bewoners horen ongeveer vier jaar van tevoren wanneer hun ‘rak’, een stuk gracht tussen twee bruggen, aan de beurt is. Daarna volgen gesprekken, voorbereiding en uiteindelijk herstel. “We willen mensen niet verrassen,” zegt Arjan. “Ze krijgen de tijd om na te denken en mee te doen.”
Tegelijk geldt: urgentie gaat voor planning. Als ergens acuut gevaar dreigt (lekkage, ernstige scheuren), wordt dat stuk eerder aangepakt.
Meer dan alleen herstel
De opgave gaat verder dan alleen constructies repareren. Wervenmeester Gerrit Heenck kijkt ook naar de toekomst van het gebied. “Het is een heel stenige omgeving,” zegt hij. “We willen vergroenen, klimaatbestendiger maken, maar zonder het erfgoed aan te tasten.”
Dat leidt tot lastige keuzes. Bomen zorgen voor verkoeling, maar hun wortels kunnen schade veroorzaken aan kelders. “Je hebt hier geen makkelijke keuzes,” zegt Heenck. “Je moet telkens afwegen: wat is hier het belangrijkst?”
Bewoners denken daarbij mee, bijvoorbeeld via het Wervenberaad. Initiatieven variëren van extra groen tot kleine experimenten. Zo ligt er ook een plan van studenten om plantenbakken met eetbare planten te plaatsen, vertelt Gerrit. “Met QR-codes erbij, zodat mensen die hier zitten bijvoorbeeld munt kunnen plukken voor in hun thee.”
Wat merkt de Utrechter?
Voor bewoners en bezoekers betekent het programma vooral: langdurige werkzaamheden, maar ook een veiliger en toekomstbestendig gebied.
Straten gaan open, stukken gracht worden tijdelijk afgesloten en sommige kelders zijn gemiddeld drie maanden niet bruikbaar.
“We voelen samen met de keldereigenaren een grote verantwoordelijkheid voor het gebied en willen ervoor zorgen dat het over 900 jaar nog steeds bestaat.” zegt wethouder Rik van der Graaf tijdens de wandeling. “En dat het veilig is.’’
Speciaal gereedschap
Bij een werf aan de Kromme Nieuwegracht wordt duidelijk hoe technisch en precies dat herstelwerk eigenlijk is. Vooraf gaan duikers het water in om de fundering te inspecteren.
Tijdens het werk wordt het waterpeil tijdelijk verlaagd en ontstaat een bouwplaats op die plek in de gracht. Op pontons, die op de bodem worden gezet zodat ze niet bewegen, kunnen werklui stabiel werken. Alles gebeurt zo veel mogelijk elektrisch: van het bootje tot het indraaien van palen.
Om te voorkomen dat er tijdens het werk iets misgaat, hangen langs de gracht meetapparaten die continu de stand van muren in de gaten houden. “Als zo’n muur een millimeter zakt, zien we dat meteen,” legt hij uit.
Zware machines mogen hier helemaal niet komen, dus werken aannemers met speciaal ontwikkelde, lichtere boormachines. “Die zijn echt voor dit werk gemaakt,” aldus Ferry.
Een bewoonster maakte het van dichtbij mee. “Ze zijn hier sinds oktober bezig geweest,” vertelt ze. “Er lag van alles open, er stonden grote installaties in de gracht. Maar het resultaat is prachtig.’’, vertelt ze terwijl ze op haar herstelde werf staat.a

