Brandspuithuis aan de Bilstraat, kort voor sloop getekend door Anthony Grolman, 1905.
Brandspuithuis aan de Bilstraat, kort voor sloop getekend door Anthony Grolman, 1905.

Brandspuithuis aan de Biltstraat

Al op de eerste kadastrale kaart van 1832 stond aan de Biltstraat een brandspuithuisje aangegeven, tegenover de ingang van de Gasthuisstraat. Waarschijnlijk dateerde het huisje uit het eind van de 18e eeuw. Vrijwillige brandweerlieden uit de buurt bemanden de handbrandspuit die er gestald stond. Een bel op het gebouwtje riep bij brand de ploeg bijeen. Alleen het voorste deel van de Biltstraat was destijds nog bebouwd, en de Gasthuisstraat. Verder waren er alleen landweggetjes en verderop aan de Biltstraat stonden enkele landhuizen. Dat veranderde in de tweede helft van de 19e eeuw, toen er nieuwbouwstraten bijkwamen zoals de Bekkerstraat en Poortstraat.

De nieuwe huizen en straten hadden ook gevolgen voor de brandveilighheid. 'De enorme uitbreiding van de gemeente tusschen de Biltstraat en de Biltsche Grift en van de wijk aan de overzijde van den Oosterspoorweg maakt, dat de tegenwoordige plaatsing van de spuiten niet meer geƫvenredigd is aan de belangen die men tracht daardoor te beschermen', aldus een bezorgd gemeenteraadslid in 1895. In de binnenstad stonden de brandspuithuisjes zo'n 300 Ơ 400 meter uit elkaar, terwijl spuit no. 6 aan de Biltstraat en spuit no. 7 in de Baan- straat ruim 1.500 meter van elkaar verwijderd waren. De Baanstraaat is nu de Burgemeester Reigerstraat; het spuithuis staat daar nog bij de overweg en is nu koffiezaak.

Balkstraat / Obrechtstraat

Burgemeester Bernard Reiger erkende in 1895 het probleem en meldde dat de commissie van het brandwezen zich er al over had gebogen. 'De spuit op de Biltstraat ligt te dicht bij de stad en het verdere gedeelte van die buurt is niet ruim van bluschmiddelen voorzien. De verplaatsing van het spuithuis is daarom overwogen, toen onlangs hier de goedkeuring van een stratenplan aan de orde was, waarbij eene straat zoude moeten komen door dit spuithuis.'

De verplaatsing van het brandspuithuis is in 1895 niet doorgegaan omdat ook het doortrekken van de genoemde straat niet doorging. Tien jaar later gebeurde dat echter wel. De Balkstraat, die dus al langer bestond maar doodliep op de bebouwing aan de Biltstraat, werd in 1905 alsnog doorgetrokken. Daarvoor moesten de panden Biltstraat 60-66 gesloopt worden, en daar stond ook het brandspuithuis. Overigens zou de Balkstraat in 1907 een nieuwe naam krijgen die we nu nog kennen: Obrechtstraat.

Vanwege de aanstaande sloop werd het brandspuithuis niet alleen gefotografeerd, maar ook vastgelegd op een aquareltekening door de kunstenaar en documentalist Anthony Grolman. Hij vereeuwigde in deze periode vrijwel alle Utrechtse panden die afgebroken werden, een belangrijke historische documentatie. De afbeeldingen laten zien dat het spuithuis een sierlijke brandbel bovenop de dakpunt had en uiteraard beschikte over dubbele deuren waarachter de spuit stond. Op die deuren was geschilderd: 'Brandspuit No. 6. Sleutel bij H. Kippersluis Biltstraat No. 73'. Hendrik Kippersluis was sinds 1890 barbier op dat adres, waar men bij brand dus de sleutel kon ophalen.

De straatdoorbraak bracht ook nieuwbouw met zich mee. Op de linkerhoek met de Biltstraat kwam een fraai winkelpand in art nouveau-stijl voor slager Hermanus Hoogland (nu Bagels & Beans). Aan de andere zijde bleef voorlopig nog een oud pand staan met een blinde zijmuur. Uiteindelijk zou dat in 1940 wijken voor het chique Flatgebouw Biltstraat van gele baksteen.

Kapelstraat

In 1905 moest er uiteraard wel een nieuw brandspuithuis komen op een andere locatie in de buurt. Opmerkelijk genoeg werd er niet meer gedacht aan verplaatsing verder naar het oosten, waar tien jaar eerder op was aangedrongen. De gemeente wilde juist een plek zo dicht mogelijk bij de oude locatie aan de Biltstraat. De kosten waren voor de bouwondernemer die de Balkstraat (Obrechtstraat) wilde doortrekken: Henri Martinus Nieuwenhuizen.

Burgemeester & Wethouders lieten de gemeenteraad weten: 'Wij deelden den adressant [Nieuwenhuizen] mede, slechts dan bereid te zijn tot deze slooping mede te werken, zo hij aan de gemeente kosteloos de beschikking gaf over een in de nabijheid gelegen strook grond van voldoende grootte om daarop een nieuw spuitenhuis te zetten, en hij alle kosten van het bouwen daarvan op zich wilde nemen.'

B&W vervolgden hun mededeling aan de raad: 'Het bleek niet gemakkelijk een goed terrein te vinden, doch ten slotte is de adressant er in geslaagd de beschikking te krijgen over het aangeduid terrein, dat zoowel de kommandant van het brandwezen als die directeur der gemeentewerken voor het doel geschikt achten.' Het ging om een stuk grond aan de nabije Kapelstraat, waar in het najaar van 1905 het nieuwe brandspuithuis verrees. Het kreeg een neogotische trapgevel met een brandbel bovenop.

Precies 25 jaar later was in het gebouwtje een feestje te vieren: het zilveren jubileum van brandweerman Anthonie Lambertus Schram. 'De heer Schram is op het oogenblik eerste commandeur van spuit nr. 6 (Kapelstraat), bij de ploeg van welke spuit hij in hooge mate wordt gewaardeerd, omdat hij onder het personeel, dat aan deze spuit is verbonden, het saamhoorigheidsbesef op zoo gelukkige wijze heeft weten te ontwikkelen.'

Het spuithuis aan de Kapelstraat 17 bleef tot aan de Tweede Wereldoorlog in gebruik. In 1938 nog speelde het een rol bij een oefening van de Luchtbeschermingsdienst, waarbij drie bominslagen in de stad werden gesimuleerd; spuit 6 moest hiervoor uitrukken. Na de oorlog zou het gebouwtje als garage worden verhuurd. Het werd in 1988 afgebroken bij de bouw van een nieuw rijtje woningen. a

Een van de laatste foto's van het brandspuithuis, hier begint nu de Obrechtstraat.