
‘Als ik de Dom zie, voelt dat als mijn torentje’
Het is allemaal snel gegaan: op zondag wordt basketbalster Emese Hof (29) nog kampioen met haar team in Praag in Tsjechië, een dag later viert ze Koningsdag aan de Utrechtse grachten en daarna vliegt ze halsoverkop naar Minnesota voor een contract in de WNBA: de hoogste Amerikaanse basketbalcompetitie. Sinds een week speelt de Utrechtse voor Minnesota Lynx. Ze maakt haar jeugddroom waar én schrijft geschiedenis.
Voor Emese is het nog vroeg in de ochtend als ze opneemt. “Ik ben al even wakker hoor”, zegt ze vrolijk. Ze is nog niet over de jetlag heen. In Minneapolis is het zeven uur vroeger dan in Nederland. De 1,91 meter lange center is op vrijdag 1 mei naar de Amerikaanse staat Minnesota gevlogen. Dezelfde dag tekent ze haar contract bij Minnesota Lynx, een club uit de Amerikaanse profcompetitie WNBA (Women's National Basketball Association).
Voordat ze kan spelen, moet ze nog heen en weer naar Canada. “Om een werkvisum te krijgen, moet je even het land uit zijn geweest.” Het lukt op tijd en zaterdag 9 mei maakt ze haar debuut. Ze krijgt vier minuten speeltijd. Daarmee is Emese Hof officieel de derde Nederlandse vrouw ooit in de WNBA. Sandra van Embricqs en Marloes Nieuwveen gingen haar voor in respectievelijk 1998 en 2005, allebei bij Los Angeles Sparks. “Heel bijzonder”, beseft Emese. Het gaat goed met haar, vertelt ze. “Ik heb al een paar trainingen meegedaan en het team is leuk. In het begin is het natuurlijk spannend en wennen, maar veel mensen kende ik al via-via of ik had ooit tegen ze gespeeld.”
Het gaat er volgens de Utrechtse wel totaal anders aan toe. “Ik denk dat het grootste verschil zit in de trainingen. De Amerikaanse school is meer gericht op individuele en fysieke kwaliteiten, terwijl het in Europa meer draait om teamspel. Daardoor is het hier sneller en fysieker.” Ook valt de organisatie haar op. “De staff in Europa is misschien een kwart van wat het hier is. Er staat een taxi klaar naar de training, onderweg kan ik eten bestellen bij de chefs en bij aankomst hangt het tenue klaar. Alles wordt geregeld; het is veel luxer.”
Cangeroes in Utrecht
Voor de 29-jarige Emese is de stap naar de Amerikaanse profcompetitie een langgekoesterde droom in haar inmiddels al relatief lange basketbalcarrière. Die begon toen ze acht jaar oud was bij de Cangeroes in Lunetten. “Mijn zus speelde ook basketbal en ik deed gewoon alles wat zij deed”, vertelt ze lachend. “Ik wilde op mijn zevende al beginnen, maar ik was een jaartje te jong.”
Vanaf dat moment staat haar leven in het teken van basketbal. Op haar vijftiende verhuist ze naar het Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO) in Amsterdam. Drie jaar later vertrekt ze naar Miami, waar ze een studie inspanningsfysiologie combineert met basketbal op hoog niveau. Na haar collegejaren wil ze niets liever dan starten in de WNBA, maar dat lukt niet. Ze vertrekt 2019 naar CB Avenida in Spanje en speelt daar vier jaar. Daarna volgen drie seizoenen bij ZVVZ USK Praag in Tsjechië. Ondertussen komt ze al ruim tien jaar uit voor het Nederlandse team. “Soms, als ik dit zo vertel, denk ik: is dit mijn leven? Dat slaat eigenlijk nergens op”, zegt Emese beduusd.
Teleurgesteld
De keuze voor Tsjechië maakt ze bewust vanwege de kortere competitieperiode. “Daar maakte ik meer kans op de stap naar de WNBA.” De Amerikaanse competitie loopt namelijk van mei tot en met september. Maar een gescheurde kruisband en een herstelperiode van twee jaar gooien roet in het eten. Pas dit jaar voelt de Utrechtse zich weer echt klaar voor die stap. “Zes teamgenoten werden opgeroepen, dus ik had hoop, maar mij lukte het weer niet.” Ze is teleurgesteld, maar krijgt toch een feestelijk einde van haar seizoen. Met haar club wordt ze kampioen en een dag later viert ze nog Koningsdag in Utrecht, samen met haar zus. Dan volgt op woensdag 29 april ineens een verrassend telefoontje: Minnesota Lynx kampt met blessures en vraagt of Emese direct naar Amerika wil komen. Het gaat om een zogenoemd ‘development contract’.
Development contract
Volgens Emese werkt de WNBA dit seizoen voor het eerst met zulke contracten. “Het is een van de vele veranderingen die dit jaar zijn doorgevoerd, naast hogere salarissen en meer verplichte staff.” De contracten zijn oorspronkelijk bedoeld voor jonge spelers die ervaring moeten opdoen als reserve. “Maar veel clubs kiezen juist voor ervaren spelers”, legt Emese uit. “Dat is bij mij ook zo. Het is al bekend wie geblesseerd is en dat ik diegene vervang.” Met dit contract mag Emese maximaal twaalf wedstrijden spelen in de competitie. Ze verwacht dat ze daar snel aan kan zitten. “We hebben een heel druk speelschema; de eerste drie wedstrijden zijn al om de dag. Het is een gekkenhuis.” Toch voelt ze niet veel druk. “Je komt natuurlijk als rookie binnen, dus daarin word je ook wel gespaard. Tegelijkertijd wil ik laten zien dat ik hier thuishoor.” Toch blijft veel onzeker. Misschien levert dit uiteindelijk een vast contract in de WNBA op, misschien keert ze straks gewoon weer terug naar Utrecht. Daarom probeert ze vooral te genieten van deze kans én van de manier waarop basketbal leeft in de Verenigde Staten.
Utrecht blijft speciaal
Uiteindelijk ziet Emese zichzelf sowieso terugkeren naar Utrecht. “Ik krijg vaak de vraag of ik ergens anders mijn plek heb gevonden. Ik woon al meer dan tien jaar niet meer in de stad, maar Utrecht blijft mijn thuis. Als ik de Dom zie, voelt dat als mijn torentje.” Ze groeide op in de Dichterswijk en deelt nu een appartement in Overvecht met haar broertje. “Ik mis vooral de mensen en het gemak van de stad. Ik kan gewoon op de fiets naar mijn familie toe; iedereen woont in Utrecht. En ik ben heel dankbaar voor mijn vrienden. Die zijn er na tien jaar nog steeds en zullen er over vijf jaar ook zijn.” Cangeroes blijft eveneens speciaal voor haar. “Mijn zus speelde daar ook, mijn vader zat in het bestuur en nu hangt er een banner met mijn hoofd in de sporthal.” Voor Emese voelt haar avontuur in de WNBA als het hoogtepunt van haar carrière. “Ik denk dat ik best nog lang door zou kunnen gaan, maar ik zit wel in het laatste deel van mijn carrière.” Ze lacht. “Bij het Nederlands team noemen ze me soms al ‘oma’.” Wat ze er dan nog uit wil halen? “Ik zit nu eigenlijk al op mijn piek. Daarom probeer ik er vooral van te genieten. Gewoon lekker spelen en zien wat het me brengt.” a

