
Een wandeling door de F.C. Dondersstraat
De historische vereniging Oud-Utrecht maakt voor DUIC wandelingen door de stad, op zoek naar bijzonder erfgoed. Dit keer wandelen we door de F.C. Dondersstraat.
De F.C. Dondersstraat in Utrecht-Oost, een zijstraat van de Biltstraat, is een bijzondere straat met een groot aantal bijzondere gebouwen. Vier ervan staan op de Rijksmonumentenlijst en 22 zijn aangewezen als Gemeentelijk Monument. Bij de aanleg van de straat in 1890 kreeg de straat de naam Bleijenburgstraat, naar het oude gerecht hier aan de oostzijde van Utrecht. Na de opening van het Ooglijdersgasthuis dat met een van de torens prominent in de zichtlijn aan het einde van de straat staat, werd de straat vernoemd naar de wereldberoemde Utrechtse oogheelkundige en hoogleraar F.C. Donders, aan wie de hoge vlucht die de oogheelkunde genomen had te danken was.
Halte Biltstraat
We beginnen onze wandeling op het pleintje aan het begin van de straat aan de kant van de Biltstraat. Het was lange tijd het voorplein van de halte Biltstraat van de Oosterspoorweg die in 1874 werd aangelegd en die Utrecht, via Hilversum met Amsterdam verbond.
Het Utrechtse hoofdstation van die lijn was het imposante Maliebaanstation, maar de halte die in 1885 aan de drukke Biltstraat werd geopend trok al snel meer reizigers dan het grote Maliebaanstation. De halte bood een gemakkelijke aansluiting op de in 1879 geopende paardentram naar Zeist, die vanaf 1907 een elektrische tram werd. Het werd al gauw zo druk dat de halte moest worden vergroot: de sporen werden ter plaatse uit elkaar geschoven, zodat er een eilandperron kon worden aangelegd met enkele stationsgebouwen.
In 1939 werd zowel het Maliebaanstation als de Halte Biltstraat voor het reizigersvervoer gesloten. De meeste treinen reden inmiddels naar het Centraal Station via de verbindingsboog die in 1921 bij Blauwkapel was aangelegd. In de jaren zestig zijn de spoorweggebouwen gesloopt, maar nog steeds is aan de uiteen wijkende spoorrails te zien waar de halte Biltstraat lag.
Ornamenten
Het voorplein aan de F.C. Donderstraat werd begrensd door de zijmuur van de eerste woning aan de straat. Een voornaam huis met veel bijzondere architectonische details. Net als het buurhuis met zo mogelijk nog meer details. Dit was het domein van stukadoor en beeldhouwer Theo Lutters (1854-1938). Lutters was gespecialiseerd in gevelversieringen zoals zuiltjes, pilaren, klassieke koppen, raambekroningen en figuren ter ondersteuning van balkons. Dit soort ornamenten waren aan het eind van de 19e eeuw zeer gewild en Lutters kon ze in zijn werkplaats gieten waardoor ze veel goedkoper waren dan het uit natuursteen gehakte beeldhouwwerk.
De ornamenten aan de eerste twee huizen van de F.C. Dondersstraat waren voor Lutters een soort staalkaart van wat hij kon leveren en ongetwijfeld zijn veel van de versieringen van andere huizen in de straat eveneens afkomstig uit zijn werkplaats. In de tuinen achter de huizen had Lutters tevens beelden en fonteinen tentoongesteld, goed zichtbaar voor reizigers op het perron van halte Biltstraat.
De Utrechtse Verzekerings Bank
Het pleintje aan de Biltstraat wordt nu gedomineerd door het Wijkbureau Oost. Het is gevestigd in het gebouw dat de Utrechtse Verzekerings Bank (UVB) in 1953 liet neerzetten met als architecten F. Reitsma en W.C. van Rossum. Het gebouw, een gemeentelijk monument, is een fraai voorbeeld van jaren vijftig architectuur met een afwisseling van baksteen en betonelementen. Binnen is een, nu helaas verscholen, fraaie spiraalvormige trap te zien die de verdiepingen met elkaar verbindt. Halverwege deze trap is een glas-in-loodraam aangebracht, vervaardigd door de Utrechtse kunstschilder en grafisch ontwerper Fedde Weidema, dat nu, door het aanbrengen van een wand direct achter het glas, zijn kracht heeft verloren. Met moeite zijn twee vrouwenfiguren, de Domtoren en het wapen van Utrecht zichtbaar. Waarschijnlijk is die wand aangebracht bij de vergroting van het gebouw in 1973 waarbij er aan de achterzijde een deel werd aangebouwd. Voor die aanbouw moest wel een woonhuis wijken, waardoor van de twee eerste woningen met fraaie ornamenten nu alleen Dondersstraat 5, een Rijksmonument, nog bestaat.
Een paar huizen verder, op nummer 9, treffen we een huis aan dat door de moderne voorgevel uit de toon valt in deze straat die verder vooral uit 19e-eeuwse huizen bestaat. Het huis op nummer 9 was ook zo’n woning, maar werd in de jaren dertig verbouwd tot een modern kantoor, in een stijl verwant aan het Nieuwe Bouwen. Hier was de UVB gevestigd voordat deze in 1953 het nieuwe gebouw aan de kop van de F.C. Dondersstraat zou betrekken.
Monumenten
Schuin aan de overkant treffen we nog een Rijksmonument aan: de twee woningen op nummer 24 en 26. Ook deze huizen, gebouwd in 1892, wijken af van de meeste woningen in de straat onder meer door het grote zadeldak evenwijdig aan de straat, de lage balkons en de ingangen aan de zijkant van de huizen die overkapt zijn door een glazen luifel. Alle volgende huizen aan de linkerkant van de straat staan op de gemeentelijke monumentenlijst. Het al genoemde gebouw aan het eind van de straat, het Ooglijdersgasthuis, is weer een Rijksmonument. Het werd door architect Dirk Kruijf gebouwd in de stijl van Hollandse Renaissance uit de 17e eeuw. Hij is ongetwijfeld beïnvloed door de beroemde architect Pierre Cuypers en zijn een paar jaar eerder gebouwde Centraal Station in Amsterdam, waar het Ooglijdersgasthuis veel op lijkt. Het gebouw uit 1894 is rijk gedecoreerd met ornamentendie niet gegoten zijn in de werkplaats van Theo Lutters, maar voor dit prestigieuze gebouw uiteraard uit natuursteen gehakt. a

