
Waar gaf de gemeente haar geld aan uit?
De gemeente Utrecht gaf in 2025 ruim €2,1 miljard uit. Oftewel €5.600 per inwoner. Het geld ging naar een breed palet aan uitgaven, van bijstand tot jeugdzorg en van afval tot klimaat. Veel uitgaven zijn verplicht, maar bij zaken als cultuur, sport en parkeren bepaalt de gemeente dat voor een groot deel zelf.
Het college van burgemeester en wethouders (B&W) stuurde onlangs de jaarrekening naar de gemeenteraad, waarmee het verantwoording aflegt over de uitgaven in 2025. De raad debatteert erover op 9 juli, waarna er een politiek oordeel volgt. Vooruitlopend hierop zetten we in dit artikel de uitgaven alvast op een rijtje.
Rijk en gemeente samen aan het stuur
Wat opvalt aan de inkomsten van de gemeente is dat de meeste inkomsten afkomstig zijn van het ‘Rijk, de provincie en andere overheden’. De belastingen die de gemeente zelf heft, vormen nog geen kwart van de inkomsten.
Mede door deze manier van financieren heeft het Rijk veel invloed op de gemeentelijke uitgaven. Een behoorlijk deel van de rijksgelden moet door de gemeente aan specifieke zaken worden uitgegeven. Daarnaast is er veel wet- en regelgeving die de keuzevrijheid van de gemeente beperkt.
Dit is bijvoorbeeld terug te zien bij de bijstand. De gemeente ontvangt geld van het Rijk dat zij verplicht moet besteden aan het verstrekken van bijstandsuitkeringen. Daarnaast zijn er regels: de gemeente mag niet volledig zelf de hoogte van de uitkering bepalen, maar is gebonden aan een landelijke basisnorm. Dit moet voorkomen dat de uitkering tussen gemeenten te veel verschilt.
Om iets te kunnen zeggen over de mate waarin de gemeente keuzevrijheid heeft, moeten we in plaats van de jaarrekening kijken naar de begroting 2025. Hierin geeft de gemeente per categorie aan welk deel van het geld wél vrij besteed kan worden.
Verplicht veel geld voor sociale zekerheid
De gemeente geeft veel geld uit aan sociale zekerheid en gezondheidszorg. Denk aan de bijstand, de Wet maatschappelijke ondersteuning - waarmee bijvoorbeeld huishoudelijke ondersteuning is gefinancierd -, de GGD en jeugdzorg.
Andere grote kostenposten zijn het onderhoud van groen en wegen, het ophalen en verwerken van afval en het subsidiëren van culturele en maatschappelijke instellingen. De gemeente heeft de verschillende kosten ondergebracht in zogeheten programma’s. Daarin is te zien hoeveel geld aan welk ‘programma’ is uitgegeven.
Het programma waar het meeste geld naar gaat, is het programma ‘Werk, toekomstbestendige economie en bestaanszekerheid’. In 2025 ging er €344 miljoen in om. Veruit het grootste deel van dit bedrag (€218 miljoen) ging naar bijstandsuitkeringen.
Andere grotere uitgavenposten zijn relatief veel kleiner: €36 miljoen ging naar extra uitkeringen voor mensen met een laag inkomen en er was €31 miljoen beschikbaar voor re-integratie. Voor het verbeteren van het investeringsklimaat werd €22 miljoen uitgegeven.
De gemeente heeft naar eigen zeggen weinig invloed op de uitgaven binnen dit programma. In de begroting schrijft ze dat slechts op 5 procent van de kosten voor inkomenszekerheid op termijn kunnen worden bijgestuurd.
Flinke subsidies sport en cultuur
Meer ruimte om keuzes te maken heeft de stad bij het programma ‘Levendige en gezonde stad’. Onder dit programma vallen de GGD, sport, cultuur en de kosten voor migranten. Aan het programma werd €297 miljoen besteed. Bijna de helft van dit bedrag (€122 miljoen) werd uitgegeven aan subsidies voor en de inkoop bij maatschappelijke en culturele partners.
Van de oorspronkelijk begrote 63 miljoen euro voor cultureel aanbod kan de gemeente 90 procent aanpassen of wegbezuinigen. Bij sportvoorzieningen kan 40 procent eventueel anders worden uitgegeven. Als de gemeente sportaccommodaties sluit of verkoopt, komt er nog meer geld beschikbaar.
Veertig miljoen voor GGD
Waar de gemeente bij sport en cultuur relatief veel vrijheid heeft om te bepalen hoe zij het geld uitgeeft, ligt dat bij de GGD anders. Van de €40 miljoen die de gemeente voor de GGD begrootte, heeft zij op slechts 23 procent invloed. De uitgaven kunnen niet makkelijk worden veranderd, omdat de GGD in samenwerking met andere gemeenten is georganiseerd. Afspraken die Utrecht met deze gemeenten heeft gemaakt, kan het niet zomaar terzijde schuiven.
Extra hulp aan migranten
Door onder andere de Spreidingswet en de Wet Inburgering 2021 is de gemeente verplicht geld uit te geven voor het in goede banen leiden van migratie. De gemeente doet op dit terrein echter meer dan zij verplicht is. Zo biedt Utrecht opvang voor ongedocumenteerden. Dit is een keuze van de stad en dus kan de gemeente ook bepalen of en hoeveel geld ze eraan uitgeeft. Het beïnvloedbare deel van het budget voor migranten bedraagt 30 procent. In totaal gaf de gemeente in 2025 binnen dit programma €53 miljoen uit aan migranten.
Honderden miljoenen voor jeugd
Het derde grote programma is ‘Kansrijk Opgroeien’. De gemeente gaf hieraan €291 miljoen uit. Hiervan ging ruim een derde, €106 miljoen, naar specialistische jeugdhulp. Bijna €70 miljoen werd besteed aan zaken als bibliotheken, voorschoolse educatie en leerlingenvervoer. Aan schoolgebouwen werd €59 miljoen besteed. En de buurtteams ontvingen 35 miljoen euro.
De gemeente kan de komende jaren naar eigen zeggen nauwelijks bezuinigen op deze uitgaven. Dit komt door landelijke regels, lopende contracten voor buurtzorg en al afgesloten leningen voor schoolgebouwen
Extra geld voor groen
Opvallend bij het programma ‘Aantrekkelijke, groene leefomgeving & erfgoed’ zijn niet alleen de kosten, maar ook de inkomsten. Waar bij andere programma’s het meeste geld van het Rijk komt, heeft de gemeente bij dit programma €160 miljoen aan eigen inkomsten. Dit geld komt van de afvalstoffenheffing en rioolheffing.
Toch kan de gemeente ook binnen dit programma niet makkelijk aan de knoppen draaien. De gemeente is namelijk verplicht de openbare ruimte goed te onderhouden, en de inkomsten uit de riool- en afvalstoffenheffing mag de gemeente alleen uitgeven aan het riool en aan afval. Wel kan de gemeente flink wat invloed uitoefenen op de bestedingen aan het onderdeel groen waaraan ze enkele tientallen miljoenen uitgaf. Aan erfgoed gaf de gemeente €3,4 miljoen uit, wat mede vanwege wettelijke regels weer veel minder beïnvloedbaar is.
Ondersteuning en opvang
Het vijfde programma met flink wat kosten (€255 miljoen) is ‘Passende ondersteuning en opvang’. €92 miljoen ging naar beschermd wonen om mensen te helpen die niet zonder hulp zelfstandig kunnen wonen. Bijna €90 miljoen ging naar de Wmo om hulpbehoevende inwoners langer zelfstandig thuis te kunnen laten wonen en mee te laten doen in de samenleving. Ook bij dit programma kan de gemeente de komende jaren nauwelijks kiezen waaraan zij het geld uitgeeft. Dat komt door verplichtingen vanuit het Rijk, samenwerkingsafspraken met gemeenten in de regio en meerjarige afspraken met zorgaanbieders.
Honderden miljoenen voor gemeentelijke apparaat
Het programma ‘Algemene middelen en overhead’ was goed voor €267 miljoen aan uitgaven. Het geld ging naar kosten voor personeel bij onder andere de afdelingen inkoop en juridische zaken.
OZB goed voor 10 procent van inkomsten
Ook de veel bediscussieerde onroerendezaakbelasting (OZB), die mensen betalen over hun huis, valt onder dit programma. Deze belasting leverde de gemeente €228,6 miljoen op, waarmee zij iets meer dan 10 procent van de gemeentelijke uitgaven kon betalen. De opbrengst van de OZB vloeit naar de algemene middelen.
Tachtig miljoen opbrengst uit bouwgrond
Voor het programma ‘Ontwikkelen en wonen voor iedereen’ gaf de gemeente €122 miljoen uit. Er kwam €143 miljoen binnen. Zo verdiende de gemeente €80 miljoen aan bouwgrond. Erfpacht leverde de gemeente €26 miljoen op.
Hoewel de gemeente een belangrijke speler is op de woningmarkt, kan de gemeente volgens de begroting 2025 ook binnen dit programma financieel niet makkelijk bijsturen. Veel afspraken zijn langjarig vastgelegd en ook op het gebied van wonen zijn er wettelijke verplichtingen. Ook leiden sommige bezuinigingen automatisch tot minder inkomsten, waardoor snijden in de kosten niet automatisch leidt tot betere financiën.
Onder de streep
Als laatste kijken we naar het financiële totaalresultaat: heeft B&W te veel of te weinig uitgegeven? Het college gaf 54,6 miljoen minder uit dan was begroot. Daarmee kleurde het college netjes binnen de lijntjes: er was geen tekort, maar ook geen groot overschot. a
Benieuwd hoeveel de gemeente Utrecht heeft uitgegeven aan parkeren, klimaat en veiligheid? Lees het hele artikel op www.DUIC.nl.

