Op bezoek bij het grootste Apple Museum van Europa in Utrecht: ‘Het is mijn levensverhaal’

Ed Bindels
Ed Bindels Robert Oosterbroek

Van een elektronicawinkel in Den Dolder tot een museum waar bezoekers uit Australië en Denemarken op afkomen: het levensverhaal van Amac eigenaar Ed Bindels is onlosmakelijk verbonden met Apple. Wat begon met één computer in 1979, groeide uit tot een verzameling van duizenden apparaten, en nu tot een uniek museum in Leidsche Rijn.

1979 | Ed maakt kennis met Apple

“Het museum is een beetje mijn eigen levensverhaal”, zegt Ed. Zijn eerste baan was in een elektronicawinkel in Den Dolder, waar hij kennismaakte met de Apple II uit 1977. Sindsdien kwamen er steeds meer Apple-producten de winkel binnen en raakte hij gefascineerd door het techbedrijf. Van de Apple Lisa tot de Macintosh: de producten bleven een grote rol in zijn leven spelen.

Begin deze eeuw opende in de Verenigde Staten de eerste fysieke Apple Store. In Nederland ontstond een op de store geïnspireerd dealerconcept: Apple Centre. Toen wist Ed meteen wat hij wilde gaan doen: “Retail combineren met het verkopen van Apple-producten. Dit is waar ik op heb gewacht.”

Tekst loopt door onder de foto’s

Mike Bink fotografie

Tot die tijd was het niet vanzelfsprekend om Apple-producten te kopen. “Voor een iMac moest je toen nog naar de ‘PrimaPhone’. Dat was de enige plek waar je die kon halen in. Maar eigenlijk is dat helemaal geen logische plek voor een Apple-consumentencomputer”, aldus Ed.

2005 | Het begin van de Amac

In april 2005 opende Ed daarom in de Mariastraat zijn eerste Nederlandse Apple-winkel: A-Mac. “Toen heette het nog ‘A-Mac’ met een streepje. Dat mocht later niet meer, omdat ‘Mac’ in de naam stond. We hebben het toen veranderd naar ‘Amac’ zonder streepje.”

Door de jaren heen groeide het bedrijf sterk. In 2017 verhuisde de winkel van de binnenstad naar Leidsche Rijn. Volgens Ed was die verhuizing noodzakelijk: “Amac werd zo succesvol dat we steeds meer ruimte nodig hadden; de binnenstad kon dat niet meer aan.” Sinds de bouw van The Wall in 2009 stond een gigantisch pand aan de kop van het gebouw al die tijd leeg. Ed was vanaf het eerste moment verliefd op de locatie. Inmiddels is Amac daar nog steeds en is ook daar het hoofdkantoor gevestigd.

2020 | Een museum en restaurant in de Amac

In 2020 ontstonden er nieuwe ideeën voor het pand. Zo werd door Ed het restaurant LIÈMES opgericht. “Dat was wel een goede timing,” zegt Ed lachend. “Toen het openging, moest het meteen weer dicht door de lockdown. Dat was echt drama.”

Het idee voor het museum ontstond ook in 2020. “Alles lag stil, dus je hebt tijd om over dit soort plannen na te denken.” Na zes jaar is het museum uiteindelijk geopend op 1 april: net op tijd voor het vijftig jarig jubileum van Apple. Ook moeten er tijdelijke tentoonstellingen plaats gaan vinden in de loop van tijd. Zo “Maar er is nu al genoeg te zien,” zegt Ed. “De tentoonstellingen stellen we nog even uit.” Zo komt er een tentoonstelling over de ‘Think Different’-campagne van Steve Jobs.

Mike Bink fotografie

Ed woont sinds zijn 15e in en rond Utrecht en voelt zich er thuis: “Ik vind het gewoon een fijne stad.” De centrale ligging en de aanwezigheid van het Amac hoofdkantoor maken Utrecht volgens hem de ideale plek voor het museum. Ook de nabijheid van Schiphol is volgens hem belangrijk. “Mensen komen hiervoor van over de hele wereld. Als je iets met Apple hebt, wil je hierheen.” Op de openingsdag zag hij bezoekers van Brabant tot België tot zelfs Australië. Ook kwam er iemand uit Denemarken met een stapel iPods.

Hoe begon het museum?

Het museum begon met zijn eigen Apple-verzameling. Gaandeweg ontdekte Ed dat hij lang niet alle Apple-producten in bezit had. Toen hij steeds meer items verzamelde, groeide het idee om er een museum van te maken. Daarbij kwam hij erachter dat er wereldwijd nog geen ‘echt’ Apple Museum bestond.

Hoewel er wel musea met Apple-verzamelingen bestaan, onderscheidt Ed zijn museum daarvan. “Ik ben ook naar een museum in Polen geweest. Op een vierkante meter stonden daar dertig producten. Dat is leuk voor een verzamelaar, maar voor een gemiddelde bezoeker is het verwarrend: waar moet je naar kijken? Er ontbreekt vaak een verhaal.”

Mike Bink fotografie

Volgens Ed maakt dat het Apple Museum in Utrecht juist uniek: het is toegankelijk voor iedereen. “Of je nu een Android-gebruiker bent of gewoon geïnteresseerd bent in design: je kunt hier altijd iets leren over de geschiedenis van Apple.” Het museum spreekt bovendien verschillende soorten bezoekers aan, omdat veel mensen een persoonlijke band hebben met de producten. “Mensen herkennen apparaten die ze vroeger zelf hebben gehad. Daardoor ontstaan er allerlei persoonlijke verhalen.”

Wat is er te zien in het museum?

In het museum zijn onder meer een replica van de garage van Steve Jobs en Steve Wozniak te zien. Ook producten zoals de Apple I, Apple II, Apple Lisa en meer recente apparaten zoals de iPod, iPhone en iPad. De collectie omvat vrijwel alle Apple-producten van 1976 tot nu.

Ed schat dat in het museum meer dan duizend producten worden getoond. “Maar dat is nog maar ongeveer tien procent van onze totale collectie.” Volgens hem is het niet nodig om alles te laten zien. Als je bijvoorbeeld de iPhone 15, 16 en 17 naast elkaar legt, lijken ze qua uiterlijk erg op elkaar. Dan hoef je ze niet allemaal te laten zien om het verhaal te vertellen.” Een deel van de collectie is bovendien interactief en mag door bezoekers worden gebruikt.

The Apple Museum is sinds 2 april toegankelijk voor het publiek in The Wall in Utrecht Leidsche Rijn. Het museum is van woensdag tot zondag van 10:00 tot 17:00 uur open. Tickets kosten 21,50 euro.