Heel wat jaren heeft het idee voor de reconstructie van de Utrechtse stadskraan op de plank gelegen. De voorbereidingen kostten Stichting Stadskraan meer tijd dan de bouw van het historische, houten gevaarte. Maar bijna 200 jaar na het instorten van de laatste stadskraan van Utrecht, komt de voltooiing van de gloednieuwe stadskraan dichterbij.
Eindelijk: de reconstructie van de historische stadskraan van Utrecht is bijna af

Zo’n 10 kilometer ten zuiden van de Ganzenmarkt wordt hard gewerkt aan de reconstructie van een historisch Utrechts bouwwerk. Op de Museumwerf Vreeswijk, een ‘werkend museum’ aan de Wierselaan in Nieuwegein, verrijst daar stukje bij beetje de middeleeuwse versie van de stadskraan van Utrecht.
Lichtgele duinen van houtkrullen en zaagsel liggen tussen de werkbanken. Een handvol jongens en mannen is druk bezig met hakken, zagen en bijschaven. De houten balken mogen dan gigantisch zijn, het op maat maken van de onderdelen luistert zeer nauw. Bijschaven, kijken, nog een keer kijken, nog een stukje bijschaven.
Tredraderen
Liesbeth Bouwhuis stapt uiterst voorzichtig tussen de stukken hout en scheepstouwen op de werkplaats door. Zij is actief als projectleider voor Stichting Stadskraan, waar leerling-houtbewerkers onder leiding van leermeester Dimitri Marangos de stadskraan reconstrueren. Ze houdt halt bij een houten karkas. “Hier staat het geraamte van de stadskraan. De mast komt in het midden daarvan. Dan komen het bovenhuis en de giek er nog op.”
Binnenin het bouwwerk komt een mechanisme voor de bediening van de kraan. Met tredraderen, waar mensen in lopen, wordt de hijskraan aangedreven. Een horizontale balk in het binnenste van de kraan werkt als het stuur van de kraan. Zo kan die naar links en naar rechts worden gemanoeuvreerd.
Tekst gaat verder onder afbeelding
Middeleeuwen
Al met al bereikt de stadskraan straks een hoogte van ongeveer 13,5 meter. De grote balken zijn van eikenhout en worden bekleed met planken van douglas, een geurend sparrenhout dat relatief goed tegen het Nederlandse weer kan. Het totale gewicht van het gevaarte wordt zo’n 30.000 kilo. Rond het onderhuis van de stadskraan worden vensters geplaatst, zodat geïnteresseerden ook het interieur van het apparaat kunnen bekijken.
De gekozen versie vindt zijn herkomst in de middeleeuwen. “Utrecht is een middeleeuwse stad”, legt Bouwhuis uit. “Veel was van hout gebouwd, maar dat is in de loop der tijd allemaal verdwenen. De originele stadskraan, van hout, was sinds de late middeleeuwen te vinden bij de Utrechtse Ganzenmarkt.
Tekst gaat verder onder afbeelding
Kooplieden
Gaan we 600 jaar terug in de tijd, dan zien we een heel andere binnenstad. Het water speelt een essentiële rol in de aanvoer van goederen. Handelaren per schip komen aan de noord- en zuidkant de stad binnen. Met name de Vecht, maar ook de Kromme Rijn waren belangrijke routes voor de kooplieden in de vijftiende eeuw.
De oudst bekende stadskraan van Utrecht stond op het wed bij de Ganzenmarkt. Men gebruikte de houten kraan om goederen uit de schepen de kade op te tillen. “De goederen werden daar uit de schepen op de hoge straat gehesen of over het wed met paardenkracht afgevoerd richting Ganzenmarkt”, is te lezen in een boekje over het bouwwerk. “Bij de kraan werden alle aangevoerde goederen geïnspecteerd en gewogen. Op basis daarvan werd belasting geheven.”
Tekst gaat verder onder afbeelding
Kariatiden
De kraan bleef door de eeuwen heen trouw in dienst van de kooplui en de stad, met het nodige onderhoud. Tot de Utrechtse stadskraan, inmiddels een nieuwer model van steen, het op 9 september 1839 voorgoed begaf. Anton Sinkel had het idee opgevat om de pui van de tot op heden welbekende Winkel van Sinkel te verrijken met kariatiden, grote beelden van vrouwen in Griekse stijl.
De gietijzeren beelden kwamen per schip de stad binnen en werden door de stadskraan stuk voor stuk aan wal gehaald. Maar bij het ophijsen van een van de beelden moet er iets mis zijn gegaan. Het beeld, dat wordt geschat op 2.500 kilo, stortte met stadskraan en al de Oudegracht in. De schade was onherstelbaar. Het was voorlopig het einde van de stadskraan in Utrecht.
Locatie
Ook het terugplaatsen van het historische bouwwerk bleek niet zomaar gedaan. Al sinds 2010 leefde het initiatief voor het reconstrueren van de stadskraan. Het idee was toen om de Utrechtse stadskraan te herbouwen en deze weer op de originele plek terug te plaatsen. De tekeningen waren er al in 2014, maar daarna kwam het project stil te liggen.
Na vragen van de Utrechtse fracties van D66 en GroenLinks aan het college werd duidelijk dat de oorspronkelijke locatie bij Winkel van Sinkel geen geschikte plek zou zijn voor de replica. In de zomer van 2017 kwam daar een nieuwe plek voor terug: er was ruimte voor de stadskraan op de Bemuurde Weerd, naast de Monicabrug. Op 12 maart 2019 kon de bouw van de kraan eindelijk starten.
‘Ook is het prachtig om te zien hoe allerlei mensen samen een project realiseren’
Leerlingen
Zo belanden we terug op de Museumwerf Vreeswijk in Nieuwegein, waar de leerling-houtbewerkers na drie jaar de laatste hand aan het bouwwerk leggen. “Het bouwen van de stadskraan is een leer-werkproject”, vertelt Bouwhuis. Leerlingen komen hier het houtbewerken in de praktijk te leren. “Het is divers werk. Ook is het prachtig om te zien hoe allerlei mensen samen een project realiseren. Meewerken aan de bouw van de stadskraan – dat is wel iets dat mooi op je cv staat.”
In totaal werkten er twintig leerlingen mee aan de reconstructie van de stadskraan en liepen zes studenten hier met succes hun stage. Naast de leerling-houtbewerkers hebben ook zo’n vijftien vrijwilligers meegewerkt aan het realiseren van het project. Bouwhuis: “Die hebben bijvoorbeeld de berekeningen en de tekeningen gemaakt, anderen hebben geholpen met de techniek en organisatie van het project.”
Tekst gaat verder onder afbeelding
Ambacht
Het is niet voor het eerst dat leerlingen van Stichting Stadskraan een reconstructie van een historisch (Utrechts) object maken. Het begon allemaal bij de bouw van het Statenjacht De Utrecht, ook is het Romeinse schip ‘De Meern-1’ herbouwd.
Maar eigenlijk zijn de bouwprojecten ‘bijproducten’ van het doel van de school. Waar het eigenlijk om gaat, is om mensen een opleiding en ervaring te bieden in de ambachtelijke houtbewerking. Het oude ambacht wordt als het ware weer doorgegeven door deze historische objecten na te maken. Er is daarbij geen voorkeur voor een specifiek tijdvak; “Als het maar van hout is.”
‘De grote onderdelen gaan we over het water naar Utrecht brengen’
Vervoer
Zoals het er nu naar uitziet, ronden de leerling-houtbewerkers de middeleeuwse stadskraan in de eerste helft van 2022 nog af. Het is dan tijd voor de verhuizing naar de Bemuurde Weerd. Ook dat is niet zomaar gedaan. Er komt veel kijken bij de logistiek rondom de bouw van de kraan. De kleinere onderdelen kunnen over de weg vervoerd worden, maar dan is de kraan nog niet compleet.
“De grote onderdelen gaan we over het water naar Utrecht brengen”, licht Bouwhuis toe. Voor een heel eind kan dat moeiteloos, maar vlak voor de bestemming moet de kraan nog een flinke drempel over: de Amsterdamsestraatweg. “Daarvoor zal tijdelijk een aantal verkeersdrempels en stoplichten weg moeten, anders past het niet.”
Uiteindelijk moet de stadskraan dit jaar naast de Monicaburg in ere worden hersteld “Een mooi moment”, denkt Bouwhuis. “Het valt mooi samen met het weer rondstromen van de singel en met 900 jaar waterbeheer en 900 jaar Utrecht. Het is de kroon op het werk van onze leerlingen.”
Wil jij DUIC steunen en een prachtig boek met de beste fotografie en verhalen van Utrecht in 2021 ontvangen? Voor 24,95 euro is DUIC in 2021 te bestellen en daarmee steun je direct onze journalistieke werkzaamheden.



