Sinds 2023 zijn misstanden bij Utrechtse veegdienst bekend; inmiddels twee onderzoeken uitgevoerd

Archiefbeeld
Archiefbeeld

De directie van Stadsbedrijven, het onderdeel van de gemeente Utrecht dat afval inzamelt en de straten schoonmaakt, ontving eind 2023 de eerste signalen over een onveilig werkklimaat. Daarna is een onderzoek gestart, maar niet veel later ontving directie wederom signalen over werknemers die mogelijk niet-integer handelen. Daarop is besloten nogmaals onderzoek te doen binnen de gelederen van de organisatie.

Eind januari werd bekend dat medewerkers van de Utrechtse veegdienst zich vernederd en gediscrimineerd voelen. Dat zou blijken uit een onderzoek dat RTV Utrecht in handen kreeg. Nu laat het college van B&W weten dat eind 2023 de eerste signalen over een mogelijk onveilig werkklimaat naar buiten kwamen.

“Dit was voor de directie van Stadsbedrijven aanleiding om direct te handelen”, schrijft het college. “Na een rondgang van de directie langs alle wijkposten van de gemeente Utrecht […], is in het voorjaar van 2024 een extern en onafhankelijk onderzoek gestart naar het werkklimaat binnen Stadsbedrijven. De onderzoekers van bureau G&I hebben hiervoor onder meer honderd collega’s gesproken.”

Tweede onderzoek

De onderzoekers moesten een beeld geven over het werkklimaat en vertellen wat de eventuele voedingsbodem van het ongewenste gedrag was. Daarbij moesten zij ook kijken hoe de situatie verbeterd kon worden. De aanbevelingen uit het eindrapport, die eind november vorig jaar ook met de medewerkers zijn gedeeld, zijn volgens het college overgenomen.

Daarnaast heeft de directie van Stadsbedrijven in het voorjaar van 2024 nieuwe signalen ontvangen over ongewenst gedrag. “Omdat deze signalen buiten de scope van het onderzoek naar het werkklimaat vallen, is het externe onderzoeksbureau Partners in Integriteit in juli gevraagd om een signalenonderzoek te doen naar mogelijk niet-integer handelen en ongewenst gedrag door medewerkers.”

Optreden

Tot slot benadrukt het college nogmaals geraakt te zijn door de berichten. “Het discrimineren van mensen wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, handicap seksuele gerichtheid of welke grond dan ook is in alle gevallen onacceptabel en wordt binnen onze organisatie dus ook niet geaccepteerd. Als dit voorkomt is dit altijd aanleiding tot optreden.”