Utrecht wil veel huizen bouwen, maar hoe blijft de stad leefbaar?

Afbeelding

Utrecht wil vele tienduizenden woningen bouwen, en het liefst zo snel mogelijk. Toch zitten daar wel wat haken en ogen aan, want het moet ook prettig zijn om in de stad te wonen. Zomaar overal bouwblokken met honderden huizen laten verijzen is niet de bedoeling. Daar heeft de gemeente iets op bedacht, een visie. Het is voor het eerst dat Utrecht een plan heeft gemaakt voor de hele stad, voor alle nieuwe ontwikkelingen. Het gaat allemaal over het spanningsveld tussen zoveel mogelijk huizen bouwen, en de stad leefbaar houden.

Kijkend naar de skyline van het ‘nieuwe’ stationsgebied mijmert wethouder Eerenberg: “Het is zo plat als een pannenkoek.” Ja er is heel wat hoogbouw bijgekomen in het gebied. Eerst verrees het Stadskantoor, en later volgden onder meer het WTC, Central Park, De Syp, Wonderwoods en de Galaxy Tower. Wat echter opvalt, allemaal platte daken op dezelfde hoogte. “Wellicht iets wat we nu anders zouden doen.”

Tekst gaat verder onder afbeelding

Hoogbouw in het Stationsgebied

Dat we dingen anders gaan doen, daar moet de nieuwe Stedenbouwvisie voor zorgen. Het is voor het eerst dat de gemeente een plan heeft gemaakt voor de hele stad. Het gaat dan niet over aantallen woningen, vierkante meters en specifieke reistijden met verschillende mobiliteitsvormen. Maar over zaken als de menselijke maat, met termen als kwaliteit en leefbaarheid.

Tekst gaat verder onder afbeelding

De voordeur opent niet direct op de openbare weg

Waar dit soort prettige woningbouw beter te zien is, is aan de Omloop en Laan van Chartroise in Ondiep. Hier worden 285 woningen gebouwd, waarvan een deel al klaar is. Stedenbouwkundige van de gemeente Utrecht Sanneke van Wijk wijst op de voortuinen die al deze woningen, die op de begane grond zitten, hebben. “We hebben te horen gekregen dat veel mensen het prettig vinden dat er nog iets van ruimte is tussen de voordeur van mensen en de openbare weg.”

In de nieuwe visie krijgt dit het moeilijke woord, de intermediaire zone. Wat neerkomt op een zachte overgang van de privé-omgeving naar de publieke omgeving. Een van de vele punten in de visie die ervoor moet zorgen dat Utrechters prettiger wonen.

Tekst gaat verder onder afbeelding

Bij het nieuwbouwproject krijgen bewoners op de begane grond een stukje ‘voortuin’

De stedenbouwkundige visie bestaat uit meer dan 66 pagina’s. Het gaat over structuren, bouwhoogtes, de identiteit van buurten en wijken die soms door de eeuwen heen zijn ontstaan, of zoals in de naoorlogse wijken waarbij de woonblokken als een soort stempels zijn neergezet - waar ook weer veel op aan te merken is. De visie gaat ook over spelregels, waar moet men rekening mee houden bij nieuwe ontwikkelingen, en over ingrediënten die nodig zijn om de stad leefbaar te houden. Er worden vier waarden genoemd; de mens voorop, diversiteit en mening, ruimte voor ontmoeting en een aangename en groene leefomgeving.

In de praktijk
Bovenstaande klinkt wellicht wat vaag. We lopen wat praktische zaken langs die in de visie staan. Zo moeten nieuwe woonbuurten een plek worden waar de bewoners zich gezamenlijk thuis voelen, dat kan bijvoorbeeld door een gezamenlijke buurttuin of andere gezamenlijke buurtruimtes. Een ander voorbeeld – wat al eerder genoemd werd – is de zachte overgang van privéruimte naar de publieke ruimte.

Tekst gaat verder onder afbeelding

Gezamenlijke binnentuin bij Zijdebalen

De directe ruimte aan straatniveau, ook wel plint genoemd, is sowieso belangrijk. We kennen allemaal de voorbeelden uit de binnenstad bij Hoog Catharijne met dode plinten, waar niks gebeurt. Dat moet zo veel mogelijk voorkomen worden. De plint is eigenlijk het belangrijkste stukje van de buitenkant van een gebouw, want daar komen mensen samen. En als mensen buiten komen, moet er overal gewandeld kunnen worden. De focus in buurten moet op de voetganger vallen, daar moet de openbare ruimte dus voor ingericht worden. Als ze dan aan het lopen zijn, moet de openbare ruimte ook zo ingericht worden dat mensen er elkaar willen ontmoeten. En dat allemaal in een groene en duurzame omgeving.

Tekst gaat verder onder afbeelding

De wijk Wisselspoor, waar erfgoed bewaard is gebleven de openbare ruimte het domein van voetgangers is

Een hoop extra spelregels dus eigenlijk bij nieuwe woonbuurten of andere gebiedsontwikkelingen. De vraag is dan of al die extra spelregels er ook voor zorgen dat hierdoor woningen duurder worden. Want als de gemeente meer eist van ontwikkelaars, dan zullen ze dat ook moeten terugverdienen. Stedenbouwkundige Van Wijk wil dat niet zo hard zeggen. “Misschien worden projecten duurder, maar het gaat in de visie juist specifiek niet over de aantallen.”

Wethouder Eerenberg vult aan: “Het gaat hier juist over het bouwen van een prettige stad. Natuurlijk willen we ook zo snel mogelijk zoveel mogelijk huizen bouwen, maar we willen ook dat de stad een prettige plek blijft. Deze visie moet helpen om al die spanningsvelden die samenkomen bij ruimtelijke ontwikkeling beter tegen elkaar af te wegen”

Ruimtegebrek
Want er spelen inderdaad overal spanningsvelden, er is gewoonweg ruimtegebrek in Utrecht. Er moeten duizenden woningen gebouwd worden, maar men wil ook sportlocaties, een groene wijk, ruimte voor ondergrondse containers, openbaar vervoer, speeltoestellen, voorzieningen als scholen en zorglocaties en nog veel meer. Daarbij is politieke kleur ook altijd belangrijk. De ene wil vast meer groen, de andere meer ruimte voor woningen of ondernemen.

De visie is vooral bedoeld voor de lange termijn, het jaar 2040 wordt genoemd. Dat komt ook omdat het een doorvertaling is van dat andere plan; de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040. Allebei dikke documenten. Gaat Utrecht meteen merken dat de stad verandert met dit soort documenten? Dat is niet direct het geval, het moet richting geven aan de stad van de toekomst. Noem het een stip op de horizon waarbij men bij elke grotere ontwikkeling kijkt of het nog allemaal goede richting opgaat.

Voor de nieuwe en eerste stedenbouwkundige visie hebben ruim 5000 bewoners een enquête ingevuld of meegedaan aan een straatinterview. Daarna zijn er nog verdiepende gesprekken gevoerd met verschillende groepen Utrechters. Nu de visie klaar is kan ook iedereen er weer op reageren. Daarna kan het document nog aangepast worden en kan vervolgens de gemeenteraad erover in debat en uiteindelijk over stemmen.

Tekst gaat verder onder afbeelding


Hoger dan de Domtoren?
Het is al jaren onderwerp van discussie, moeten we hoger bouwen dan de Domtoren? Dit geschil moet ook beslecht worden met de nieuwe stedenbouwvisie. Het korte antwoord; op een enkele plek mag dit gebeuren, en dat gebouw is ook gepland. Woontoren MARK in Leidsche Rijn wordt 140 meter hoog. Daar blijft het voorlopig wel bij. Wel zijn er een aantal knooppunten in de stad aangewezen waar hoogbouw verwacht wordt. Het gaat dan om een maximale hoogte van 105 meter in het Stationsgebied, Beurskwartier, Leidsche Rijn Centrum en het nog te ontwikkelen gebied bij Lunetten en de Koningsweg. In Papendorp, Rijnsweerd en Overvecht kan er gebouwd worden tot 70 meter, het gaan wel om specifieke plekken in deze gebieden nabij openbaar vervoerpunten. Voor de locaties Galgenwaard en Weststraven geldt een bouwhoogte van 90 meter.