Drift 17: eeuwenoud woonhuis werd Utrechtsche Hypotheekbank

Drift 17 in 2017
Drift 17 in 2017 Arjan den Boer

Langs de Drift staan enkele van Utrechts fraaiste patriciërshuizen. Hun historie gaat tot wel vijf eeuwen terug, maar ze kregen pas veel later hun huidige aanzien. Dat geldt ook voor Drift 17, rond 1600 de woning van ‘landverrader’ Gilles van Ledenberch. Het pand werd in 1900 ingrijpend verbouwd voor de Utrechtsche Hypotheekbank. Architect Houtzagers voegde een spectaculair trappenhuis toe op de binnenplaats, misschien wel het mooiste van de stad. Ook de jonge Gerrit Rietveld droeg bij aan het interieur, al zou je dat niet direct zeggen.

De linkerzijde van Drift 17 werd rond 1590 gebouwd als woonhuis voor Gilles van Ledenberch, raadpensionaris (secretaris) van de Staten van Utrecht. Hoe het huis er toen precies uitzag is onbekend, maar in een pamflet uit 1618 werd het zo weelderig en praalziek genoemd dat er schande van werd gesproken! Van Ledenberch werd in dat jaar als medestander van Johan van Oldenbarnevelt, na de afdanking van de waardgelders op de Neude door prins Maurits, gearresteerd. Gilles werd aanvankelijk thuis gevangen gehouden door acht soldaten, maar eenmaal overgebracht naar de Gevangenpoort in Den Haag pleegde hij zelfmoord. Na zijn postume veroordeling en ophanging (!) werd hij heimelijk begraven in de kapel bij Slot Zuylen; zijn dochter Swana was namelijk getrouwd met de kasteelheer.

[caption id=”attachment_258799” align=”alignnone” width=”1024”] Zandstenen accoladebogen en gootconsoles uit ca. 1590 (Arjan den Boer)[/caption]

Diverse bewoners

De nakomelingen van Gilles van Ledenberch breidden het huis begin 17e eeuw uit met twee vleugels rond een binnenplaats: een diepe aan de Drift (de rechterzijde van het huidige pand) en een dwarse vleugel aan de achterkant. Het gedeelte rechts kreeg een trapgevel. Halverwege de Gouden Eeuw kocht oud-burgemeester Bartholomeus de Gruyter het huis en liet het opnieuw verbouwen. Achterin de diepe tuin, aan de latere Keizerstraat, verrees een groot koetshuis met poort.

In de 18e eeuw kende het pand diverse eigenaren en bewoners, die zowel het interieur als exterieur naar smaak aanpasten. Zo kregen de kamers schouwen en plafonds in Lodewijk XV-stijl en sneuvelde de trapgevel toen strakke daklijsten in de mode kwamen. In deze periode kwam ook de straatnaam Drift in gebruik, voordien werd het adres aangeduid als Nieuwegraft by Johanskerckhoff.

[caption id=”attachment_258800” align=”alignnone” width=”1024”] Drift 17 in 1895 zonder trapgevel (W. de Lucht / Het Utrechts Archief)[/caption]

Utrechtsche Hypotheekbank

Ook in de 19e eeuw was Drift 17 nog een woonhuis, maar in 1900 werd het een bank. Hypotheekbanken stonden tot ver in de 20e eeuw los van de spaar- en handelsbanken en kwamen aan hun kapitaal door pandbrieven uit te geven. De Utrechtsche Hypotheekbank was in 1882 opgericht door jonkheer H.J.M. van Asch van Wijck (1848-1921). In de Raad van Commissarissen zaten edellieden, rechters en leden van de gemeenteraad, Provinciale Staten en de Tweede Kamer. Niet verwonderlijk, want directeur Van Asch van Wijck was dat zelf ook allemaal gedurende zijn leven!

De Hypotheekbank was eerst gevestigd aan de Kromme Nieuwgracht, maar in 1898 werd het huis aan de Drift gekocht van de laatste bewoner, mr. David Ragay, die behalve wethouder zelf ook aandeelhouder van de Hypotheekbank was. Om de woning om te vormen tot kantoor werd Petrus Houtzagers (1857-1944) ingeschakeld, op dat moment Utrechts bekendste architect. Hij ontwierp eerder sociëteit Sic Semper en verbouwde enkele jaren later ook Drift 21.

[caption id=”attachment_258801” align=”alignnone” width=”1024”] Ontwerptekening van P.J. Houtzagers, 1900 (Het Utrechts Archief)[/caption]

‘Oorspronkelijke’ gevel

Houtzagers bracht de voorgevel terug in ‘oorspronkelijk staat’, of zoals hij in het Latijn op de gevel liet zetten: In Integrum Restituta. De vraag is wel wat hij daar exact mee bedoelde en hoe hij dat wist. Uit de periode van Gilles van Ledenberch zijn geen afbeeldingen bekend. De architect baseerde zijn restauratie-ontwerp dan ook vooral op de bouwstijl van rond 1600, de Hollandse Renaissance. Die stijl werd eind 19e eeuw gezien als typisch Hollands en nieuwbouw in neorenaissancestijl was dan ook erg populair (in Utrecht o.a. het Academiegebouw en Ooglijdersgasthuis).

De grootste wijziging was de trapgevel op het rechterdeel van het pand, die in de 18e eeuw was verwijderd maar door Houtzagers werd teruggebracht. Naar hedendaagse maatstaven was het dus geen restauratie maar een reconstructie of zelfs historiserende nieuwbouw. Ook de twee reliëfs met gekraagde mannenkoppen die in de trapgevel kwamen waren nieuw.

[caption id=”attachment_258802” align=”alignnone” width=”1024”] Zandstenen poortje Hypotheekbank uit 1900 (Arjan den Boer)[/caption]

Houtzagers schrok er niet voor terug om originele elementen uit later jaren te verwijderen, zoals het 18e-eeuwse houten fronton met bovenlicht dat boven de deur zat. Het kwam in het Stedelijk Museum (later Centraal Museum) terecht. De architect maakte een nieuw zandstenen poortje rondom de ingang, zoals het er rond 1600 moest hebben uitgezien — met uitzondering dan van het ingebeitelde opschrift ‘Utrechtsche Hypotheekbank’!

[caption id=”attachment_258803” align=”alignnone” width=”1024”] Hal met trappenhuis en daklicht (Arjan den Boer)[/caption]

Eigentijdse hal

Waar Houtzagers de gevel terugbracht in ‘oorsponkelijke’ stijl, maakte hij binnen tegenovergestelde keuzes. De 18e-eeuwse kamers behielden hun marmeren schouwen, stucplafonds en ‘witjes’ boven de deuren. Bovendien deed de architect een grote nieuwe toevoeging in Art Nouveau-stijl: de hal met trappenhuis. Deze kwam op de voormalige binnenplaats, overdekt met een groot daklicht van glas-in-lood. De oude zwart-witte plavuizen en de koperen regenpijpen bleven gehandhaafd, waardoor de hal met z’n ruime daglichttoetreding een open karakter hield.

[caption id=”attachment_258804” align=”alignnone” width=”1024”] Houtsnijwerk (hond en kat) aan de trap (Arjan den Boer)[/caption]

De houten trap en balustrade zijn voorzien van prachtig houtsnijwerk. De trappalen eindigen als dierenkoppen, zoals een hond, kat, olifant, uil en arend. Er zijn ook sierlijk gesmede lampen in Art Nouveau-stijl. 16 ingekaderde muurschilderingen tonen ridders met de provinciewapens, het wapen van de stad Utrecht en van het Koninkrijk der Nederlanden. De schilderingen zijn wellicht gemaakt door Georg Sturm of Tiete van der Laars (zie de uitgebreide reactie onderaan dit bericht). Houtzagers’ trappenhuis aan de Drift lijkt wel een samensmelting van twee ontwerpen van de architect Berlage in Amsterdam: sociëteit Arti et Amicitiae (1894) en de ‘burcht’ van de Diamantbewerkersbond (1900).

[caption id=”attachment_258805” align=”alignnone” width=”1024”] Muurschilderingen provincies en daklicht (Arjan den Boer)[/caption]

Gerrit Rietveld

Vijf jaar na de restauratie schakelde de Hypotheekbank architect Houtzagers opnieuw in, niet alleen voor het maken van een brandvrije kelder met kluis, maar ook voor de inrichting van een vergaderzaal. Voor de uitvoering daarvan vroeg Houtzagers vader en zoon Rietveld — meubelmaker Jan Rietveld uit de Poortstraat en de 17-jarige Gerrit. Houtzagers kende de Rietvelds goed; ze gingen naar dezelfde gereformeerde kerk en Gerrit volgde bij hem tekenles aan de avondopleiding voor Kunstnijverheid aan de Wittevrouwenkade.

[caption id=”attachment_258806” align=”alignnone” width=”1024”] Vergaderzaal Hypotheekbank in 1918 (Het Utrechts Archief)[/caption] [caption id=”attachment_258807” align=”alignnone” width=”810”] Bovendeurstuk door Gerrit Rietveld (Arjan den Boer)[/caption]

De vergaderzaal aan de achterzijde — tegenwoordig kantine — werd in 1906 naar Houtzagers’ ontwerp ingericht in neo-rococostijl, aansluitend bij de stijl van de bestaande 18e-eeuwse kamers. Het houtsnijwerk aan de schoorsteen, lambrisering en deuren werd door Gerrit Rietveld uitgevoerd, net als de schilderingen op de bovendeurstukken. Het is niet makkelijk om in de frivole cherubijntjes de hand van de latere Rietveld te herkennen!

[caption id=”attachment_258808” align=”alignnone” width=”1024”] Kamer boekhouding in 1918 (Het Utrechts Archief)[/caption]

Vader en zoon Rietveld maakten ook de kastenwand en betimmering in de grote kamer van de boekhouding aan de voorzijde op de eerste verdieping. Onduidelijk is of ze dat eveneens in 1906 deden, of misschien al in 1901 (Gerrit kwam toen net van de lagere school om in de werkplaats van zijn vader te gaan werken). De kasten bevatten in ieder geval de unieke ‘handtekening’ van Rietveld senior: dwarse schuursporen op het onbehandelde hout aan de binnenzijde, zoals hij die bijvoorbeeld ook achterliet in een archiefkast voor Slot Zuylen uit 1901.

[caption id=”attachment_258809” align=”alignnone” width=”1024”] Kastenwand in de voorste kamer in 2017 (Arjan den Boer)[/caption]

Atelier Het Huis

Had directeur Van Asch van Wijck een bijzondere interesse voor woninginrichting en meubelontwerp, of was de Hypotheekbank gewoon iets te ruim behuisd? In 1907 opende in de achterbovenkamers van Drift 17 namelijk een dependance van het Atelier voor Decoratieve Kunst ’Het Huis’. Dit was opgericht door architect Eduard Cuypers, neef en leerling van de grote Pierre Cuypers. De artistieke leiding kwam in handen van ontwerper André Vlaanderen.

[caption id=”attachment_258810” align=”alignnone” width=”1024”] Toonzaal in de Hypotheekbank, 1907 (Het Huis / Het Utrechts Archief)[/caption]

Kenmerkend voor de toonzalen waren de destijds moderne rieten meubels, voor Het Huis vervaardigd door de Rotterdamse meubelfabriek C.H. Eckhard. In vitrines was koperwerk en andere sierkunst tentoongesteld, verder hingen er lampen en stonden er vazen. Het atelier gaf ook een tijdschrift uit: Het Huis, oud & nieuw: maandelijksch prentenboek gewijd aan huis-inrichting, bouw- en sierkunst. In de jaargang 1907 verschenen foto’s van de toonzalen bij de Utrechtsche Hypotheekbank.

Recente ontwikkelingen

Tot 1969 was de Utrechtsche Hypotheekbank aan de Drift gevestigd. In dat jaar fuseerde het bedrijf met de Westlandsche Hypotheekbank tot Westland-Utrecht. Daarna werd het gebouw een filiaal van de ABN-Bank, die een modern naambord over de ingebeitelde letters van de Hypotheekbank boven de deur hing.

In 1992 betrok de Universiteit Utrecht Drift 17, na een restauratie die weinig aan het uiterlijk veranderde. Aan de achterkant kwam wel een soort serre ter uitbreiding van de kantine. Tot 2012 was het Centrum voor Conflictstudies er gevestigd. Vervolgens kwam de particuliere Hogeschool Geesteswetenschappen Utrecht in het gebouw. Begin 2017 ging deze instelling failliet, waarna docenten en studenten op een andere locatie een doorstart maakten als Academie voor Geesteswetenschappen.

[caption id=”attachment_258811” align=”alignnone” width=”768”] Gameruimte in de voormalige bankkluis (Arjan den Boer)[/caption]

Afgelopen zomer is het e-commercebedrijf Channable met ongeveer 60 medewerkers in het gebouw aan de Drift getrokken. Zij kozen voor een ‘hippe’ inrichting met roze tafels en banken in de kantine (met Rietvelds engeltjes) en een psychedelisch verlicht gamehonk in de oude bankkluis in de kelder. Tegelijkertijd zijn alle authentieke elementen gehandhaafd en waar nodig in ere hersteld. Zo is de kastwand van vader en zoom Rietveld, die door de vorige gebruiker was verplaats, weer terug op z’n oorspronkelijk plek. Heden en verleden komen er samen.