Galeries Modernes: glazen warenhuis met etalagepromenade

Galeries Modernes, 1965
Galeries Modernes, 1965 J. van der Hee, coll. Maarten Tromp

De helblauwe gevelplaten van De Planeet hebben de laatste decennia het zicht ontnomen op de elegantie van het gebouw op de hoek van de Oudegracht en Lange Viestraat. Het winkelverzamelgebouw was oorspronkelijk een warenhuis met een Franse achtergrond. De Lange Viestraat werd halverwege de 20e eeuw de modernste winkelstraat van Utrecht met veel glas, chroom en neonreclames. Een renovatie moet het pand weer z’n transparante uitstraling teruggeven.

In 1901 werd aan de Bakkerstraat de Grand Bazar Français geopend. Het was een klein warenhuis met een Franse eigenaar, Georges Couvreur. Eerder hadden zijn vader en oom al vestigingen geopend in andere Nederlandse steden. Vanwege de lage prijzen was er veel interesse voor de gebruiksvoorwerpen en huishoudelijke artikelen, afgewisseld met Franse uitspattingen zoals bijouterieën en champagnes. Het schijnt dat het personeel er onderling Frans sprak. In 1904 verhuisde de ‘Fransche bazar’, zoals de winkel in de volksmond heette, naar de Lange Viestraat. Door aankoop van buurpanden en verbouwingen breidde het warenhuis zich steeds verder uit, uiteindelijk tot om de hoek van de Oudegracht.

In 1921 werd onder leiding van Charles Miellet, eveneens een Fransman, voor een andere naam gekozen: Galeries Modernes. De aanduiding bazar had inmiddels een negatieve klank gekregen van goedkope producten in mindere kwaliteit. De klanten hadden het echter nog lang over de Franse bazar, en later kortweg over de ‘Galmod’ of de ‘Gaalerie‘.

[caption id=”attachment_345869” align=”alignnone” width=”1024”] Galeries Modernes kort voor de brand van 1939 (Het Utrechts Archief)[/caption]

Het allegaartje aan gebouwen bood geen fraaie aanblik. Nieuwbouw werd vertraagd door een jarenlange discussie met de gemeente over de verbreding van de Lange Viestraat, die Galeries Modernes ruimte zou kosten. De zuidelijke gevelrij moest worden afgebroken en verder naar achteren herbouwd. In 1938 werd overeenstemming bereikt en kreeg Galeries Modernes een schadevergoeding waarmee een heel nieuw warenhuis gebouwd kon worden. De nieuwbouw zou in fases plaatsvinden, zodat de winkel ondertussen kon openblijven. In maart 1939 brak er echter een grote brand uit die het hele complex in de as legde. De 200 aanwezige medewerkers en klanten konden op tijd het pand verlaten.

[caption id=”attachment_345870” align=”alignnone” width=”1024”] De warenhuisbrand van 13 maart 1939 (Het Utrechts Archief)[/caption]

Als gevolg van de grote de brand kon de nieuwbouw toch in één keer worden gerealiseerd, wat het werk voor Dura’s Aannemersmaatschappij vereenvoudigde. In de tussentijd verrees een groot houten noodgebouw op de Neude. De nieuwbouw van de Galeries Modernes begon op het moment dat aan de overzijde van de Lange Viestraat de bouw van een nieuw V&D-warenhuis al in volle gang was. De hele straat kreeg hiermee een ‘wereldstedelijk aanzien’, zoals het Utrechtsch Nieuwsblad bij de opening zou schrijven.

[caption id=”attachment_345871” align=”alignnone” width=”1024”] Galeries Modernes en V&D (rechts) in aanbouw, 1940 (Het Utrechts Archief)[/caption]

Hoofddirecteur Charles Miellet, die in Frankrijk woonde, had zich sterk gemaakt voor de nieuwbouw. Enkele malen per jaar bezocht hij Nederland. Hij overleed kort voor het Utrechtse paradepaardje af was. ‘Tijdens zijn ziekte heeft men van uit Utrecht nog foto’s naar Cannes overgestuurd, zoodat hij zich kon overtuigen van de vordering in den bouw.’ Bij de opening werd Miellet herdacht door bewindvoerder Strauss: ‘Hij was een man van groot formaat, iemand met een ontembaren wilskracht en levenslust, een man met een scherp zakelijk verstand, een groot humanist, een vriend en echt kameraad zoowel voor zijn medewerkers en zijn hooger als lager personeel.’ Er zou een bronzen buste van Miellet in het nieuwe warenhuis komen; het is onbekend of dit uiteindelijk is gebeurd.

[caption id=”attachment_345872” align=”alignnone” width=”1024”] Het warenhuis bijna voltooid, 1941 (Het Utrechts Archief)[/caption]

De strenge winter van 1939-1940, gevolgd door de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog, zorgden voor veel vertraging. Pas in mei 1941 kon het warenhuis worden geopend. ‘Alle moeilijkheden tengevolge van brand en wereldgebeuren zijn overwonnen, de Nieuwbouw staat er, gereed om te beantwoorden aan het doel van zijn opzet: U voor de toekomst weer in een meer waardige, aangename en gezellige sfeer te kunnen bedienen’, zo adverteerde het bedrijf. Het Utrechtsch Nieuwsblad oordeelde dat het nieuwe warenhuis ‘met zijn vele nog niet gebrachte nieuwigheden, zoowel binnen- als buitenslands, architectonisch en warenhuistechnisch den toets zal kunnen doorstaan’.

[caption id=”attachment_345873” align=”alignnone” width=”638”] Advertentie voor de opening, mei 1941 (Utrechtsch Nieuwsblad)[/caption]

Architect en verzetsheld

De eerste schetsontwerpen voor de nieuwbouw waren al in 1934 gemaakt door de Amsterdamse architect Dirk Brouwer, die ze in 1939 uitwerkte. Brouwer was gespecialiseerd in warenhuizen: naast 24 HEMA-vestigingen ontwierp hij de Galeries Modernes in Amsterdam en assisteerde hij Willem Dudok bij diens ontwerp van de Rotterdamse Bijenkorf. Evenals Dudok wist Brouwer het functionalisme van de Nieuwe Zakelijkheid te combineren met de sierlijkheid van het expressionisme. Net als de Rotterdamse Bijenkorf werd Brouwers ontwerp voor Galeries Modernes gekenmerkt door een grote mate van transparantie en een horizontale gevelgeleding, onderbroken door enkele verticale elementen.

Het Utrechtse warenhuis zou Brouwers laatste voltooide opdracht worden. Hij was tijdens de Duitse bezetting actief in het verzet en bood onder andere onderdak aan gezochte personen. Enkele maanden na de opening van het Utrechtse warenhuis werd hij opgepakt en in november 1941, kort voor zijn 42e verjaardag, door de Duitsers gefusilleerd.

[caption id=”attachment_345874” align=”alignnone” width=”1024”] Vrijstaande etalage en terras, rechts huidige restanten (Nationaal Archief / AdB)[/caption]

Etalagepromenade

De gevels waren oorspronkelijk grotendeels van glas. De betonnen dragers waren naar binnen geplaatst zodat de glasvlakken ononderbroken konden doorlopen, op betegelde borstweringen na. De gevel aan de Lange Viestraat was bijna 60 meter lang en zo’n 45 meter aan de Oudegracht. Naast Oudaen was het aparte, wel intern verbonden Maison Carry, de luxe verkoopafdeling van Galeries Modernes.

De eerste drie verdiepingen en het souterrain van het warenhuis waren verkoopruimtes, de vierde verdieping diende als magazijn en bovenin waren kantoren en personeelsvertrekken. De expeditie was in de kelder, nog onder het souterrain. Daarvoor zou er een autolift naar de werf komen, maar dat is niet doorgegaan. Door het hele gebouw liep een vide van 25 meter hoog met trap en glazen liftschacht. De vide was afgedekt met een koepel van glazen bouwstenen.

[caption id=”attachment_345875” align=”alignnone” width=”1024”] De etalagepromenade, 1941 (Nationaal Archief)[/caption]

Op de hoek stond een halfronde vrijstaande etalage. Daarachter was de entree met een trap naar een terras (balkon) langs de Oudegracht. Dit was ‘een unicum, waarvan Utrecht de primeur heeft. Op dit terras immers zal het publiek, boven het verkeer uit, rustig de ook hier aangebrachte étalages kunnen bekijken. Zooals ook op den beganen grond kan men hier rondom de eilandétalage wandelen, daar het terras hier geheel omheen loopt en boven den hoek iets meer is uitgebouwd. Boven dit terras is, evenals boven de étalages begane grond Viestraat, aangebracht een glazen luifel van gegolfd glas, hetgeen in dit gebouw voor het eerst werd toegepast’, schreef de lokale pers.

Galeries Modernes Utrecht had, meer dan de filialen in andere steden, een compleet warenhuisassortiment inclusief een meubelafdeling met ingerichte kamers op de bovenste verkoopverdieping. In navolging van de Bijenkorf organiseerde Galeries Modernes rond 1950 verschillende landenweken. Zo was tijdens de Italiaanse week het hele warenhuis als zodanig versierd en lag buiten aan de werf van de Oudegracht een gondel.

[caption id=”attachment_345876” align=”alignnone” width=”1024”] Italiaanse week in Galeries Modernes, circa 1950 (uit: Miellet 2001)[/caption]

Nieuwe gebruikers

Rond 1960 kon Galeries Modernes de concurrentie met grotere warenhuizen niet meer aan en zocht samenwerking met een Belgische keten. Toen dat misliep werd het bedrijf in 1968 overgenomen door Bijenkorf Beheer. De Amsterdamse vestiging werd een HEMA, de Arnhemse een Bijenkorf en de winkels in Rotterdam en Groningen gingen dicht. De Utrechtse Galeries Modernes bleef als laatste nog tot 1981 bestaan.

Voor het centraal gelegen pand werd snel een nieuwe gebruiker gevonden. Na een grote interne verbouwing opende de Kwantum Hallen er een ‘supermarkt in tapijten’, waarvoor binnen rolbanen waren aangelegd. Onder de Kwantum-vlag waren op de begane grond en in het souterrain kleine concessiewinkels met levensmiddelen. Mede hierdoor had Kwantum zelf weinig inloop en werd het commercieel geen succes.

[caption id=”attachment_345877” align=”alignnone” width=”1024”] De Planeet gezien vanaf de Neudeflat, 2016 (Arjan den Boer)[/caption]

Nadat een plan voor een hotel-restaurant niet doorging huurde de Hogeschool voor de Kunsten (HKU) vanaf 1988 de bovenste verdiepingen. In 1991 werd de rest van het gebouw ongevormd tot winkelcentrum. De Engelse architect John Chapman verplaatste de ingang en bracht blauwe gevelplaten aan, waardoor de transparantie verloren ging. De nieuwe naam ‘The Blue Building’ werd om onbekende redenen al snel veranderd in ‘De Planeet’.

[caption id=”attachment_345878” align=”alignnone” width=”1024”] Verbouwing tot House Modernes, 2020 (Arjan den Boer)[/caption]

In 2013 kondigde een nieuwe eigenaar, Syntrus Achmea, een renovatie aan met herstel van de glazen gevel en ronde hoek. Na jaren van semi-leegstand begon in 2019 eindelijk de verbouwing naar ontwerp van ZZDP Architecten tot House Modernes. Er zullen winkels en flexwerkplekken komen. In juli gaan de afbouwwerkzaamheden van start en in het najaar wordt begonnen met het monteren van de nieuwe gevel. Begin 2021 moet het pand weer z’n transparante aanzien hebben.

Dit stuk is eerder gepubliceerd in het onlangs verschenen boek Vergeten gebouwen in Utrecht 1850-1940 van Arjan den Boer.