Heck’s Lunchroom: toren herinnert aan legendarisch restaurant

Heck's Lunchroom, nu Intersport. Foto: Arjan den Boer
Heck's Lunchroom, nu Intersport. Foto: Arjan den Boer

In 1930 opende het grootste restaurant van Utrecht in een modern pand op de hoek van de Potterstraat en Oudegracht, met een lichttoren als uithangbord. Heck’s Lunchroom — later Ruteck’s — was een begrip; generaties Utrechters leerden er uitgaan. Toen na de omstreden sluiting in de jaren zestig een sportzaak het pand betrok, ging de oorspronkelijke allure verloren. De toren is onlangs gerenoveerd. Zou er ook weer licht gaan branden?

“De Utrechtenaren hebben zich menigmaal beklaagd, dat zij zoo weinig gelegenheid hadden tot aangename ontspanning en verpoozing en daarvoor steeds naar buiten moesten trekken of naar een der andere groote steden. Dat is nu voorbij, want morgen om twee uur opent Heck’s Lunchroom, Potterstraat hoek Oude Gracht t/o het Postkantoor.” Zo kondigde Heck’s zichzelf in juli 1930 aan in een grote advertentie. “Met Heck’s toch komt er een geheel nieuw element in het stadsleven van Utrecht, dat daardoor een inrichting rijker is geworden, die zal bijdragen tot levendig vertier in het centrum van de oude bisschopsstad.” Deze belofte zou worden waargemaakt.

[caption id=”attachment_244411” align=”aligncenter” width=”930”] Heck’s Lunchroom, ca. 1930. Foto: A. van de Pol, HUA[/caption]

Ontstaan

Begin twintigste eeuw bezat brouwerij De Zwarte Ruiter van de Limburgse familie Rutten zo’n zeventig koffiehuizen en cafés door het hele land. In 1921 namen zij de Rotterdamse slijterijketen A.J. van Heck & Co over. Naar voorbeeld van de moderne tearooms van Lyons in Londen ontwikkelde zich hieruit Heck’s Lunchrooms met veertien vestigingen in de grotere steden, als laatste ook in Utrecht.

Met betaalbare prijzen, goede kwaliteit en dito service heeft Heck’s het Nederlandse publiek uit eten leren gaan. Voordien was dit vooral weggelegd voor welgestelden en aten de meeste mensen zelden buiten de deur. Naast belegde broodjes waren de typische gerechten huzarensalade, uitsmijters en biefstuk met aardappelen. Vermaard waren ook de ijscoupes en sorbets.

[caption id=”attachment_244412” align=”aligncenter” width=”1024”] Potterstraat en Lange Viestraat, 2017. Foto: Arjan den Boer[/caption]

Architectuur

In Utrecht vestigde Heck’s zich op de hoek van de Potterstraat, die na de bouw van het postkantoor was verbreed. Voorheen was deze straat meer een steeg, ook al reed er een tram doorheen. De verbreding — samen met de Lange Viestraat, Viebrug en Lange Jansstraat — was onderdeel van het uitbreidingsplan van Berlage en Holsboer uit 1920. Huizen aan weerszijden werden gesloopt en aan de noordkant kwamen moderne panden in gele baksteen, ontworpen door Gemeentewerken. Hier moest de nieuwe lunchroom op aansluiten.

De architect was Johannes Pieter Logemann (1876-1961) van het Rotterdamse bureau Otten en Logemann, decennialang de huisarchitect van brouwerij De Zwarte Ruiter en dus van Heck’s. In 1930 ontwierp Logemann ook Heck’s Lunchroom aan het Rembrandtplein in Amsterdam (nu discotheek Escape), de grootste vestiging met negenhonderd plaatsen, terwijl Utrecht er zevenhonderd telde. Het interieur was vergelijkbaar, maar het Amsterdamse pand was massief en horizontaal terwijl het filiaal in Utrecht open en verticaal was. Het was kortom Heck’s mooiste lunchroom en daarmee Logemanns magnum opus. 

[caption id=”attachment_244413” align=”aligncenter” width=”793”] Verlichte toren, 1930. Foto: W.F. de Wildt, HUA[/caption]

Lichttoren

Het meest markante element is de vierkante toren van baksteen en glas. Deze had geen andere functie dan opvallen. Dat werkte ook in het donker: het melkglas werd van binnenuit verlicht met tl-balken. Driekwart van de 25 meter hoge toren is van baksteen, de top is een ijzerconstructie gevuld met glasplaten. Het glas begint echter al op de eerste verdieping in twee smalle banen die uitlopen in de glazen top.

[caption id=”attachment_244414” align=”aligncenter” width=”1024”] Binnenzijde van torenconstructie, 2017. Foto: Arjan den Boer[/caption]

De toren diende als uithangbord voor de moderne lunchroom, maar ook als tegenhanger van het glazen torentje van kledingmagazijn Dijckhof (nu Randstad) op de hoek van de Lange Viestraat. Daarnaast vormde de toren de scheiding met het naastgelegen, iets eerder in vergelijkbare stijl gebouwde Electra Magazijn met neonreclame voor Philips (nu Grillroom Oaseboom).

Wintertuin

De hoofdingang was oorspronkelijk onderaan de toren. Boven de deur zat een stenen vrouwenbeeld, waarvan onbekend is waar het is gebleven. Men kwam — welkom geheten door een geüniformeerde portier — binnen via een draaideur. Het gebouw heeft een L-vormige plattegrond; het loopt door achter de naastgelegen bebouwing. De vleugel langs de Oudegracht telt vier verdiepingen en die achter de Potterstraat is hoog en open met verschillende tussenniveaus.

[caption id=”attachment_244415” align=”aligncenter” width=”1024”] Lunchroom begane grond, ca. 1955. Foto: Het Utrechts Archief[/caption]

Op de begane grond was links van de entree de eigenlijke lunchroom. Om de hoek lag de wintertuin, het ruime en hoge gedeelte met een groot glazen daklicht. Een brede trap leidde naar de biljartzaal in het souterrain en twee smallere trappen naar het grote entresol dat als restaurantruimte diende.

[caption id=”attachment_244416” align=”aligncenter” width=”1024”] Wintertuin en entresol, ca. 1930. Foto: Het Utrechts Archief[/caption]

Op de eerste verdieping boven de lunchroom lag de bovenzaal voor feesten en partijen. Op de tweede verdieping was de keuken, met aparte ijsmakerij, garde-manger en spoelkeuken; de gerechten bereikten via ‘spijsliften’ de bediening en de klanten. De bovenste verdieping tenslotte diende als de woning voor de bedrijfsleider — met balkon.

[caption id=”attachment_244417” align=”aligncenter” width=”1024”] Overblijfsel entresol in de Intersport. Foto: Arjan den Boer[/caption]

Amusement

De lunchroom werd wel ‘het huwelijksbureau van Utrecht’ genoemd. Er was verder nog weinig te doen in het weekend, dus diende Heck’s als trefpunt voor jonge Utrechters. Zij kwamen niet alleen om te eten en drinken, maar ook voor de muziek. In de jaren dertig had de lunchroom namelijk een een groot balkon boven het entresol gekregen, dat als podium diende voor showorkesten als The Ramblers, Malando’s tango-rumba-orkest en het Boyd Bachman Showorkest.

[caption id=”attachment_244418” align=”aligncenter” width=”1024”] Optreden Jeanne en Cor Köhler, 1936. Foto: Het Utrechts Archief[/caption]

Tijdens de Duitse bezetting bleven de activiteiten bij Heck’s doorgaan, al was Amerikaanse swingmuziek verboden en waren Joodse muzikanten gedeporteerd. Kort na de bevrijding was de lunchroom onder de naam Club Esquire in gebruik bij de Canadian Legion War Services. Er traden Nederlandse artiesten op ter ontspanning van de geallieerde militairen.

Na de oorlog werd Heck’s Lunchroom om onduidelijke redenen hernoemd in Ruteck’s, een samenstelling van Rutten (de eigenaarsfamilie) en Heck’s. Inmiddels had de keten ook cafetaria’s met automatieken, in Utrecht aan de Leidseweg bij het station. Voor de lunchroom bleef de amusementsfunctie belangrijk. In de jaren vijftig werden er “Amateurparades” gehouden met “jazz, hawaiianmuziek, buiksprekerij, imitatie, zang etc. etc.” Ook waren er zeer druk bezochte talentenjachten onder begeleiding van het orkest van John Kristel.

[caption id=”attachment_244419” align=”aligncenter” width=”1024”] Talentenjacht met Andi Sisters, 1963. Foto: P. van der Linden, HUA[/caption]

Sluiting

Begin jaren zestig liep de klandizie van Ruteck’s terug. Dit was mede te wijten aan de televisie: voor amusement hoefde men de deur niet meer uit. Toch kwam de sluiting als een donderslag bij heldere hemel. Er was net een verbouwing afgerond en de bedrijfsleider en het personeel moesten het slechte nieuws uit de krant vernemen. Op zondag 31 januari 1965 sloot de legendarische lunchroom definitief de deuren. Ruim zeventig mannen en vrouwen stonden op straat.

In februari 1965 kopte het Utrechts Nieuwsblad: “Einde van de Ruttecksaffaire. Geen gegadigde gevonden voor voortzetting horeca-exploitatie. Utrechts grootste restaurant wordt sportartikelenmagazijn”. Met ‘affaire’ doelde men op het wispelturige en asociale beleid van projectontwikkelaar Reinder Zwolsman, die in 1963 Ruteck’s had gekocht. Volgens velen, waaronder de vakbonden, was het einde zijn schuld.

[caption id=”attachment_244420” align=”aligncenter” width=”827”] Als bruidsmodezaak L’innovation, 1995. Foto: Het Utrechts Archief[/caption]

Sportwinkel

De nieuwe gebruiker werd Perry Sport, een dochterbedrijf van de Bijenkorf. Deze liet groene glasplaten op de gevel aanbrengen die de oorspronkelijke stalen kozijnen en bakstenen borstweringen aan het oog onttrokken. Toch past de gladde gevelbekleding wel bij het wat futuristisch ogende gebouw, en is de trapsgewijze gevelopbouw goed zichtbaar gebleven. Vanaf 1981 was L’innovation Bruidskleding in het pand gevestigd, en sinds 1998 Intersport. De bovenste twee verdiepingen, ooit keuken en beheerderswoning, worden als kantoorruimte verhuurd.

[caption id=”attachment_244421” align=”aligncenter” width=”768”] Renovatie toren, maart 2017. Foto: Arjan den Boer[/caption]

Dit voorjaar heeft het exterieur een opknapbeurt gekregen: de bakstenen zijn waar nodig hersteld en ook de glazen toren is gerenoveerd. De stalen stellage is geschilderd en het melkglas vervangen. Ook is de toren, die decennialang afgesloten was, weer toegankelijk gemaakt (voor personeel/onderhoud). De volgende stap is dat er verlichting in wordt aangebracht, zoals in de hoogtijdagen van Heck’s Lunchroom!

[caption id=”attachment_244422” align=”aligncenter” width=”768”] Gerenoveerde toren, mei 2017. Foto: Arjan den Boer[/caption]