Nieuwe monumenten 1970-2000: Wooncomplex Mariaplaats-Walsteeg | De Utrechtse Internet Courant Nieuwe monumenten 1970-2000: Wooncomplex Mariaplaats-Walsteeg | De Utrechtse Internet Courant

Nieuwe monumenten 1970-2000: Wooncomplex Mariaplaats-Walsteeg

Nieuwe monumenten 1970-2000: Wooncomplex Mariaplaats-Walsteeg
Mariaplaats-Walsteeg (Het Utrechts Archief)
Voor de huizen en appartementen tussen de Mariaplaats en het Duitse Huis liet architect Bob van Reeth zich in 1996 inspireren door de middeleeuwse immuniteit die hier ooit was. Dat resulteerde in een omsloten complex met bebouwing van afwisselende hoogte rondom stegen en pleinen. Het was een geslaagde inpassing in de oude stad met eigentijdse vormen. Waar de eerdere stadsvernieuwing draaide om sociale woningbouw, betrof het in de jaren negentig vrijesectorwoningen.

Voor de huizen en appartementen tussen de Mariaplaats en het Duitse Huis liet architect Bob van Reeth zich in 1996 inspireren door de middeleeuwse immuniteit die hier ooit was. Dat resulteerde in een omsloten complex met bebouwing van afwisselende hoogte rondom stegen en pleinen. Het was een geslaagde inpassing in de oude stad met eigentijdse vormen. Waar de eerdere stadsvernieuwing draaide om sociale woningbouw, betrof het in de jaren negentig vrijesectorwoningen.

Vanaf 1940 lag het terrein tussen de Mariaplaats en de Walsteeg braak. Er stond een Duitse bunker en na de oorlog kwam er een noodgebouw voor de Belastingdienst bij. De rest raakte in gebruik als parkeerterrein, zoals zoveel ‘gaten’ in de binnenstad. In 1988 werden plannen gemaakt voor het gebied als afronding van de stadsvernieuwing rond de Springweg, die in de jaren zeventig was begonnen. Architect Henk Klunder maakte een ontwerp voor 45 kleine, deels gesubsidieerde woningen. Toen de ontwikkelaar van dit plan failliet ging, greep concurrent Bouwfonds de kans om met een alternatief te komen. De tijdgeest was aan het omslaan: in plaats van woningwetwoningen werd de binnenstad een ‘toplocatie’ voor appartementen in de vrije sector. Vanwege de hogere prijzen was daarbij meer aandacht voor kwaliteit mogelijk.

Middeleeuwse structuur

Bij het bouwrijp maken van het gebied in 1994 werden archeologische vondsten gedaan, zoals een 14e-eeuwse tegelvloer uit het huis waar later de schilder Abraham Bloemaert woonde. Zo ontstond het idee om het bouwplan aan te laten sluiten bij de middeleeuwse indeling van het terrein, ooit een immuniteit (besloten gebied) met huizen voor de kanunniken van de Mariakerk. Voor het stedenbouwkundige en architectonische ontwerp werd de Vlaming Bob van Reeth (1943) aangezocht, een architect met veel aandacht voor ‘de geest van de plek’. Geïnspireerd door het onderzoek van gemeentelijk bouwhistoricus Frans Kipp baseerde hij zijn plan op de oorspronkelijke plattegrond. De architect kopieerde niet de uiterlijke verschijningsvorm, maar wel de structuur en het karakter van de verdwenen immuniteit.

Van Reeth wilde gebouwen ontwerpen waarin de tijd zat ingebouwd. Hij noemde dat ‘intelligente ruïnes’ en zei er enigszins cryptisch over: “De stad is gelijktijdigheid. De architectuur speelt zich niet af in de tijd. De tijd passeert de stad. Gebouwen overleven vele generaties, leefstijlen, woonbehoeften. Ze ondergaan veranderingen zonder dat hun identiteit verloren gaat.”

Het complex, dat in 1997 gereed kwam, bestaat — in makelaarstaal — uit 54 stadsvilla’s, patiovilla’s, herenhuizen en appartementen. De dichte maar gevarieerde bebouwing is gegroepeerd rond een stelsel van binnenhoven en stegen, toegankelijk via twee poorten. Net als de oude immuniteit is het een soort ommuurde enclave. De appartementengebouwen, variërend van vijf tot drie verdiepingen hoog, staan in het midden en de zelfstandige woningen langs de randen. De zes grote huizen aan de Mariaplaats hebben geabstraheerde trapgevels, terwijl de patiowoningen aan de Walsteeg enkele meters van de straat af staan, daarvan gescheiden door een muur.

Doorkijkje (Het Utrechts Archief / Kees Visser)

Geslaagde inpassing

Het materiaalgebruik is robuust en ambachtelijk met grove rode bakstenen en houten kozijnen. Elk bouwblok wordt afgebakend door een iets hogere kopwand. De verschillende bouwhoogtes zorgen ervoor dat er open en gesloten plekken zijn met afwisselend uitzicht op de omliggende stad. Aan het plein in het midden zijn de hoge gevels wit gepleisterd, wat het open karakter van de plek benadrukt. In de bestrating van baksteen zijn de middeleeuwse kavelgrenzen met donkere lijnen aangegeven en is een oude hardstenen goot opgenomen, die ter plekke werd gevonden. De opgegraven middeleeuwse mozaïekvloer heeft een plaats gekregen in de parkeergarage onder het hele complex.

Het project werd al direct geroemd om de manier waarop het zich naadloos in het stedelijk weefsel voegde, in tegenstelling tot andere nieuwbouw. De Volkskrant schreef: “Maar het kan wél, zo blijkt in Utrecht… direct achter de kloostergang van de Mariakerk is de geest van de eeuwenoude stad in puur eigentijdse vormen tot leven gebracht.” De recensenten verwachtten dat het complex de generaties zou trotseren en dat de tijd het buurtje alleen maar mooier zou maken: “De klimop mag er woekeren, de bomen zullen groeien, de stenen verweren, en de straat zal zijn felle rode kleur verliezen…” Architect Van Reeth kreeg in 1998 de Archinorm Stadsverfraaiingsprijs toegekend voor het project. Later zou hij in Utrecht ook het appartementencomplex aan het Servaasbolwerk ontwerpen.

Architectuurhistoricus Bettina van Santen bekijkt momenteel of de woningen aan de Mariaplaats en Walsteeg in aanmerking komen als nieuw gemeentelijk monument. “De manier waarop de architect alle historische informatie van de plek tot zich heeft genomen en er tegelijkertijd een eigentijdse vorm aan heeft gegeven, is bijzonder geslaagd te noemen. Het complex scoort dan ook hoog als het gaat om stedenbouwkundige inpassing, de architectonische vormgeving en de manier waarop het de cultuurhistorie van de plek zichtbaar maakt.”

In de serie ‘Nieuwe monumenten 1970-2000’ bespreekt Arjan den Boer gebouwen die eventueel in aanmerking komen als nieuwe gemeentelijke monumenten; ze zijn dat dus nog niet. De gemeente Utrecht rondt eind 2020 een inventarisatie af, waarna besluitvorming zal volgen.

Arjan den Boer

Arjan den Boer

Arjan den Boer is publicist over geschiedenis, design, monumenten en architectuur. Op DUIC.nl schrijft hij over vergeten gebouwen en in de DUIC Krant over Nieuwe monumenten 1970-2000.

Profiel

10 Reacties

Reageren
  1. Robert Dorsman

    Mooi artikel weer. Het complex kenmerkt zich door zeer veel steen en een groot gebrek aan groen.

  2. Erwin

    @robert: dat gebrek aan groen past naar mijn mening wel bij de stedelijke bouw.
    De stenen zitten mij wel dwars: typisch jaren 90 lelijke oranje-achtige bakstenen.

  3. Herman

    Mooi complex, zelfs semi openbaar toegankelijk als je goed zoekt en beetje brutaal bent.

  4. Hans

    Bob van Reeth heeft eind jaren 90 ook het winkelcentrum Parkwijk ontworpen

  5. Robert Dorsman

    Erwin: ondanks het gebrek aan groen is het inderdaad wel een mooi ontworpen stil stukje stad hoor, dat vanaf de achterkant van de Gertrudiskerk goed te doorwandelen is riching Walsteeg. Wie weet organiseert Duic i.s.m. het Utrechts Gilde binnenkort een coronastadswandeling, kunnen we als regelmatige instuurders van reacties nader met elkaar kennismaken. Dat lijkt me nog eens leuk!

  6. Erwin

    @robert: dat zou idd leuk zijn. Goede suggestie @Duic?

  7. herman

    @Robert, zal een fraai gezelschap worden, vooral als de vaste kliek met zijn ellenlange tirades tegen alles zich ook meld.
    Wel mooi, komen ze weer een keer van hun zolderkamertje af en zien de wereld weer eens in het echt 🙂

  8. Ton

    Ik denk dat het in deze interessant is te wijzen op het Teugelhof waar al 20 jaar (!) daarvoor iets vergelijkbaars is gerealiseerd: eigentijdse architectuur geïnspireerd op de Utrechtse hofjesstructuur. En dat op net om de hoek.
    Verwijst Bob van Reeth daar zelf ook niet naar ?

  9. Wim

    @ Ton

    Die Teugelhof is volstrekt ongeïnspireerde jaren 70 architectuur. Uitstralingsloos, elke vergelijking met complex Walsteeg gaat mank.

  10. Ton

    @ Wim.
    Ongeïnspireerd? Beide projecten zijn duidelijk geïnspireerd op de historische structuur van de stad met hofjes en stegen, binnenpleinen en achterommetjes.
    En alhoewel het niveau van Bob van Reeth hoger ligt is de Teugelhof juist in deze context wel een boeiende ‘voorafspiegeling’.
    En beide projecten mag je natuurlijk niet alleen beoordelen op de buitenkant . Je moet er doorheen lopen.

Plaats een reactie

Lees voor u reageert onze algemene voorwaarden. Alle reacties worden vooraf gemodereerd. Uw IP adres is geregistreerd (wordt niet gepubliceerd).