Verdwenen horeca: Hotel-restaurant Noord-Brabant op het Vredenburg

Vredenburg 3
Vredenburg 3 Ben Bender, Wikimedia Commons

Het aantal hotels, restaurants, cafés en koffietentjes in de stad nam de afgelopen decennia sterk toe. Maar veel bekende zaken uit de 20e eeuw bestaan niet meer. In deze nieuwe serie schrijft Arjan den Boer over verdwenen horeca in Utrecht. De gebouwen staan er soms nog, maar hebben een andere functie. Zoals het jugendstil-pand van hotel Noord-Brabant op het Vredenburg 3, tegenwoordig parfumerie Douglas.

Dit is een herpublicatie van de serie Verdwenen horeca in Utrecht. Krijg je geen genoeg van deze verhalen over de Utrechtse horeca? Deze artikelen en meer worden gebundeld in een boek. Mooi als cadeau, of voor op de koffietafel. Steun dit project door het boek nu te bestellen.

Op de hoek van het Vredenburg en de Drieharingstraat stond al sinds de 16e eeuw een herberg. In 1822 verrees hier het Zutphense Posthuis, zo genoemd omdat er postkoetsen vertrokken richting Antwerpen, Leeuwarden en Zutphen. Halverwege de 19e eeuw werd dit pand verbouwd tot Hotel Bellevue. In de gevel zat een poort naar het achterterrein, waar de koetsen werden gestald. Toen de postkoetsen verdwenen waren, liet eigenaar H.J. Venster in 1905 een nieuw hotel bouwen. Hij schakelde de Utrechtse architect Rijk Rijksen (1872-1944) in, die werkte in de actuele stijl van de art nouveau of jugendstil. Rijksen ontwierp ook Apotheek De Liefde aan het begin van de Voorstraat.

Het hotel aan het Vredenburg werd opgetrokken uit lichte, gladde baksteen, al paste Rijksen beton toe voor de vloeren en trappenhuizen. Het resultaat was een veelzijdig bouwwerk met loggia’s en halfronde erkers, balkons en dakkapellen. De ramen en ingangen kregen een typische hoefijzervorm. De toren die de hoek markeert, heeft bovenop een klein belvedère met uitzicht over de stad. Links aan de voorgevel valt een erker op in het midden van een rond raam zit. Natuurstenen reliëfs boven de entree tonen afbeeldingen van een boot, een automobiel en een fantasiekop. De namen van opdrachtgever Venster en architect Rijksen staan vermeld op gevelstenen.

[caption id=”attachment_359651” align=”alignnone” width=”1024”] Hotel Noord-Brabant, 1920 (Het Utrechts Archief)[/caption]

Feesten en partijen

Het hotel beschikte over moderne installaties als ‘centrale verwarming, electrische verlichting, schelgeleiding, welwaterpomp en lift, waterleiding en privaten’. Met de vernieuwing van 1905 was Bellevue ook een café-restaurant geworden. In 1907 ging eigenaar Venster echter failliet. Na enkele eigendomswisselingen kwam het hotel in handen van Piet Mulders uit Den Bosch, die het in 1910 de nieuwe naam ‘Noord-Brabant’ gaf. Ook in de Brabantse hoofdstad zelf had hij een vestiging onder die naam. Bierbrouwer Heineken bekostigde in 1915 een verbouwing en werd zo mede-eigenaar, terwijl de familie Mulder exploitant bleef. De verbouwing bracht het cafégedeelte dichter bij de entree en de eetzaal verder naar achteren. Koetshuis en stallen in de ‘achtertuin’ werden omgevormd tot garages.

Noord-Brabant lag aan het drukke Vredenburg, dus aan klandizie was er meestal geen gebrek. Bijvoorbeeld publiek uit de Stadsschouwburg, die tot 1940 tegenover het hotel op het Vredenburg stond. Of bezoekers van de Jaarbeurs, waarvan het vaste gebouw in 1921 werd geopend. Noord-Brabant was ook de locatie van vele feesten, partijen en recepties van Utrechtse families en organisaties, vooral van katholieke huize. Zo bood de Utrechtse brandweercommandant P. de Vink bij zijn aantreden in 1917 een diner aan oud-bevelhebbers aan. De menukaart vermeldde ‘Hamburger rib met Tartare saus’ en ‘Kalfsnierstuk met Aspergesalade’. Als nagerechten dienden ‘Rhubanée pudding’ en ‘Fruits’. Dit menu was overigens relatief sober vanwege de schaarste tijdens de Eerste Wereldoorlog.

In de twee biljartzalen van Noord-Brabant waren na 1930 regelmatig kampioenschappen en demonstraties. Deze zalen waren aangebouwd op het achterterrein, evenals de grote zaal. Daarin vonden niet alleen vergaderingen maar ook cabaretvoorstellingen plaats. Tijdens de Hongerwinter werden de leegstaande keukens van Noord-Brabant gebruikt als centrale gaarkeuken. Na de oorlog trokken de dansavonden met orkestjes veel bezoekers. ‘s Zomers zat het terras aan het Vredenburg bijna altijd vol.

[caption id=”attachment_359652” align=”alignnone” width=”707”] Rond 1970 (Het Utrechts Archief / H. Kruythof)[/caption]

Hoog-Brabant

In de jaren zestig raakte het oude centrum enigszins in verval en slibde de stad dicht met auto’s. De Jaarbeurs verdween als trekpleister van het Vredenburg. De bouwput van Hoog Catharijne voor de deur zal ook niet hebben geholpen. Ondanks bezuinigingen op personeel en aanbod — er bleef alleen een kleine kaart over — kon de familie Mulders het hoofd niet boven water houden. In 1971 nam Bredero’s Bouwbedrijf hotel Noord-Brabant over. Het bedrijf wilde naast Hoog-Catharijne ook voet aan de grond krijgen in de oude binnenstad.

De aankoop werd met wantrouwen bezien; de gemeente bedong dat Bredero de horecafunctie tenminste vijf jaar zou voortzetten. En zo gebeurde het: nadat de hotelfunctie al was opgeheven, sloot in 1976 café-restaurant Noord-Brabant. In naam en functie werd het deels opgevolgd door Hoog-Brabant in Hoog Catharijne, een zalencentrum met terras en restaurant. Kledingzaak Kreymborg nam het pand Vredenburg 3 over; vanwege bouwplannen van de Bijenkorf moest die zaak weg uit de Lange Viestraat. De inventaris van Noord-Brabant werd openbaar geveild. Onder de hamer kwamen onder andere 23.000 flessen wijn uit de kelders.


Ken jij de verhalen achter de Utrechtse horeca uit de 20e eeuw? Arjan den Boer en Ton van den Berg maken samen een boek over de verdwenen horeca uit deze periode en hebben daarbij jouw hulp nodig! Lees hier meer en bestel alvast een boek.