Lijstduwer Maarten van Rossem wist niet van PvdA-tegenstem bij Maliebaanplan: ‘Ik had ze graag anders geadviseerd’

Maarten van Rossem op de Maliebaan. Foto 2016: DUIC / Renzo Gerritsen
Maarten van Rossem op de Maliebaan. Foto 2016: DUIC / Renzo Gerritsen

Landelijk had Maarten van Rossem de PvdA al de rug toegekeerd sinds het kabinet Rutte-2, maar ‘dit is plaatselijk en niet landelijk’, zei hij enkele weken terug in het tv-programma Op1, dus daarom zag hij lokaal geen probleem de partij als lijstduwer te steunen toen de Utrechtse PvdA hem hier in november wederom voor benaderde. Echter, van één ding was hij zich tijdens die uitzending nog niet bewust, namelijk dat deze partij inmiddels samen met vele andere oppositiefracties tegen de mede op zijn initiatief tot stand gekomen plannen voor een ombouw van de Maliebaan tot park had gestemd.

Door: Paul Hustinx

Veel van de ideeën van de ‘groep-Van Rossem’ waren in het plan verwerkt, zoals een autovrije middenbaan. De niet-doorslaggevende tegenstem van de PvdA hiertegen dateert overigens van begin februari, slechts een week voor de bewuste tv-uitzending, en de vooraankondiging daarvan in een raadscommissie van midden december. Dus dit was nog niet bekend toen Van Rossem het lijstduwerschap aanvaardde.

Dit neemt echter niet weg dat de partij vooral uit onvrede met het verloop van het participatieproces al langer op dit standpunt aankoerste. Ook in een eerdere fase stemde de partij al tegen de parkvariant, overigens zonder zich expliciet voor de toen voorliggende bewonersvariant (fietsstraat met auto’s te gast op middenbaan) uit te spreken. In de recente raadsbespreking koos de partij wel voor het door aanwonende Caspar Mol verder uitgewerkte bewonersplan, nu met verkeersdrempels op de middenbaan. “Wij vinden het plan van de bewoners inhoudelijk beter, de participatie is voor ons echt een punt”, zei fractievoorzitter Rick van der Zweth.

Van Rossems visie op de toekomst van de Maliebaan

Of hij hier nu iets van had kunnen weten of niet, geconfronteerd met het stemgedrag van ‘zijn’ partij, blijkt Van Rossem daar niet gelukkig mee. “Ik wist niet dat de PvdA tegen had gestemd, dat vind ik bijzonder jammer, als ik het geweten had - het was heel prettig geweest als ze me even geïnformeerd hadden - had ik ze geadviseerd het niet te doen.” Hij vindt de tegenstem ‘uiterst kortzichtig’, omdat het kan betekenen dat je na de verkiezingen ‘met het hele project van voren af aan kunt beginnen of dat het voor een kwarteeuw van tafel is’.

‘Ga in gesprek om te kijken of je het plan kunt aanpassen’

Hij vindt het ‘vervelend te horen’ dat bij ‘het enige project waar ik me mee bemoeid heb’ zijn eigen partij heeft tegengestemd. Hij vindt ook dat de partij haar oren niet te veel naar de buurt moet laten hangen. “Als je het laat afhangen van de buurt, dan kun je beter het hele project stopzetten, want de buurt is sterk verdeeld, en in essentie tegen alles”. Als de partij naar de buurt wil luisteren ‘stem dan niet tegen, maar ga in gesprek om te kijken of je het plan kunt aanpassen’, zegt hij, want bij uitstel ‘weet je dat er niets van komt’.

Participatie

Van Rossem verwacht niet zo veel van participatie. Noemde de PvdA participatie nog ‘echt een punt’, Van Rossem vindt dit ‘geen goed argument’: “Er wordt wel eens vergeten dat participatie niet altijd leidt tot de beste oplossingen, dan gaat het om particuliere belangen, bij de Maliebaan gaat het om het collectief belang. Als je alle meningen optelt en aftrekt, gebeurt er niets.” Hij ziet het vooral als een kwestie van politieke wil. “Op de Neude staan ook geen auto’s meer.”

Terugdringing van de ruimte van de auto vindt hij een zaak van politiek initiatief met het oog op de kwaliteit van de stedelijke omgeving. Beperking van het verkeer tot hoofdzakelijk bestemmingsverkeer moet mogelijk zijn, denkt hij. Hij vindt niet dat je na jaren discussie kunt stellen dat er iets wordt doorgedrukt, zoals veel bewoners en oppositiepartijen vinden. Met deze redeneerwijze lijkt Van Rossem, in deze kwestie althans, meer op de lijn van GroenLinks en wethouder Van Hooijdonk te zitten dan op de hier door de PvdA gekozen weg. Van Hooijdonk zei in de laatste debatten nog dat zij na een lang discussietraject wil vasthouden aan het eerdere raadsbesluit, dat bewoners nu eenmaal niet altijd op een lijn zitten, en dat de gemeente ook stadsbrede ambities en eigen expertise laat meewegen.

Wat vindt de PvdA?

Hoe anders klinkt de PvdA. Woordvoerder op het onderwerp Maliebaan, Irene Sinteur, heeft de 3000 door de buurt ingezamelde handtekeningen voor het bewonersalternatief zwaar laten wegen. De petitie-ondertekenaars ‘worden al snel weggezet als tegen of nimby, maar in dit geval hebben ze constructief meegedacht hoe je hetzelfde kunt bereiken op een andere manier’, zegt Sinteur. Maar is een middenbaan met auto’s wel hetzelfde? “De bedoeling was meer ruimte voor voetgangers en fietsers.” In de gemeentelijke variant vindt zij het ‘ook de vraag hoeveel ruimte je als voetganger op de middenbaan hebt, voetgangers krijgen in beide scenario’s de ruimte’. En auto’s zullen op een ‘auto-te-gaststraat’ ook wezenlijk langzamer rijden dan nu, zegt ze.

Waar Van Rossem de rol van participatie sterk relativeert en visie bij bestuurders waardeert, hecht de PvdA-fractie juist veel waarde aan participatie en draagvlak en relativeert men de gemeentelijke voorkeur. Participatie mag niet alleen plaatsvinden ‘om een vinkje te kunnen zetten’, vindt Sinteur,  ‘als je bewoners uitnodigt voor participatie, moet er ook enige bereidheid zijn om de plannen aan te passen’, nu zijn er veel gefrustreerde bewoners die er veel tijd in hebben gestoken’.

‘Mijn steun voor de sociaaldemocratie is breder dan alleen de Maliebaankwestie’

Zowel uit gesprekken met bewoners en passanten als uit de ingediende bezwaren is haar duidelijk geworden dat er wezenlijk meer tegenstanders dan voorstanders zijn. Bovendien heeft zij gemerkt dat veel voorstanders zich niet willen mengen in de verkeersdiscussie of van mening zijn dat eerst de verkeerskwestie moet worden opgelost alvorens naar cultuurhistorische waarden te kijken. Sinteur denkt daarom dat de huidige voor- en tegenstanders elkaar best zouden kunnen vinden. ‘Er zijn veel dingen’ die beide partijen ‘wél willen’. Zij ziet mogelijk op termijn mogelijkheden voor een Maliebaanpark.

Hoe gaat Van Rossem om met combinatie lijstduwerschap en opvattingen over Maliebaan?

Van Rossem is overigens niet van plan om nog speciaal iets te ondernemen richting PvdA op dit onderwerp. Hij was tenslotte al een aantal jaren gestopt met zijn actieve inzet voor deze zaak. Zijn steun aan de PvdA houdt hij ook gewoon overeind. Zijn algemene motivatie om het lijstduwerschap te aanvaarden was dat hij ‘de lokale en jeugdige politici niet de schuld wilde geven van Rutte-2’. Verder zegt hij: “mijn steun voor de sociaaldemocratie is breder dan alleen de Maliebaankwestie”.

Je kunt volgens hem dan ook heel goed in het algemeen een voorstander zijn van sociaaldemocratie en het tegelijkertijd ‘niet verstandig vinden’ hoe de Utrechtse vertegenwoordigers daarvan zich in deze kwestie hebben opgesteld. Als hij een stemadvies moet geven, zegt hij toch: “stem op de sociaaldemocratie”. Hij heeft geen behoefte om zich alleen vanwege het Maliebaanstandpunt van die partij terug te trekken.