De provincie Utrecht gaat vanaf dit jaar officieel de vlag hijsen tijdens de herdenking van het slavernijverleden en de viering van Keti Koti. Het provinciebestuur heeft het vlagprotocol aangepast, waardoor Keti Koti voortaan een vast vlagmoment wordt voor de provincie.
Utrecht hijst voortaan de vlag bij herdenking slavernijverleden

Op 30 juni wordt op het provinciehuis in Utrecht de vlag al halfstok gehangen vanwege de herdenking van het Nederlandse slavernijverleden. Op 1 juli, tijdens Keti Koti - wat ‘verbroken ketenen’ betekent - wordt de vlag gehesen om afschaffing van de slavernij te markeren. Op 1 juli 1863 werd de slavernij in de Nederlandse koloniën officieel afgeschaft. Het duurde toen nog jaren voordat de slavernij daadwerkelijk ten einde kwam.
Utrecht is een van de zes provincies die voortaan de vlag hijsen rond Keti Koti. Onder andere de provincies Groningen en Zuid-Holland maakten in de afgelopen weken ook bekend dat zij hun protocol aanpassen.
Excuses
In 2023 bood de commissaris van de Koning namens het provinciebestuur excuses aan voor de rol van de rechtsvoorgangers van de provincie Utrecht in het slavernijverleden. De provincie Utrecht sprak daarbij uit zich in te zullen zetten om bewustwording over het koloniale verleden te bevorderen.
Sindsdien neemt een delegatie van het provinciebestuur jaarlijks deel aan de herdenkingen op 30 juni in Utrecht en Amersfoort. Namens de provincie wordt daarbij een krans gelegd.
Staten van Utrecht betrokken bij slavernij
Recent is een onderzoek van de Universiteit Utrecht gepresenteerd naar de rol van de Staten van Utrecht in het koloniale en slavernijverleden. Uit dit onderzoek blijkt dat de Staten van Utrecht in de zeventiende en achttiende eeuw indirect betrokken waren bij koloniale activiteiten en slavernij. De onderzoekers wijzen erop dat met name de relatie tussen de Staten van Utrecht en de West-Indische Compagnie (WIC) hierbij belangrijk was.



