Bij Martin en Ria vliegen elke week 400 broodjes zelfgedraaide gehaktbal over de toonbank in Utrecht

Foto's: Bas van Setten
Foto's: Bas van Setten

Al 24 jaar is het in de broodjeszaak en snackbar van Martin en Ria van Schaaik iedere dag druk. Onder andere hun broodje (zelfgedraaide) gehaktbal, naar het recept van Martins moeder, vliegt over de toonbank. Iedere week zo’n 400 om precies te zijn. Hun zaak in het pand op de Willemstraat is klein qua oppervlakte, maar dat geldt niet voor hun reputatie. Broodje van Martin is een begrip in Utrecht.

Na jarenlang op een camping te hebben gewerkt, ook in de horeca, opende Martin voor zijn veertigste zijn eigen broodjeszaak in Utrecht. Precies zoals hij altijd al wilde. “Ria en ik zitten al 35 jaar in de horeca”, zegt hij. “En daarvan werken we al 34 jaar samen. Dat gaat nog steeds goed.” De twee zijn inmiddels 42 jaar getrouwd. Ook dat gaat nog steeds goed. “Wat wil je dan nog meer?”

Martin zit zeer tevreden binnen aan een van de tafels. “Ook zes dagen per week werken met elkaar is niet niks.” Om vervolgens lachend te roepen: “Maar we slapen apart hoor.” Ria lacht hard met hem mee. Op 18 januari bestond Broodje van Martin precies 24 jaar. Met heel veel plezier vertrekken Ria en Martin iedere ochtend om 07.00 uur vanuit hun huis in Sterrenwijk naar Wijk C. “De eerste mensen staan rond 08.00 uur al voor de deur. Dan gooien we de zaak eerder open.” Eigenlijk gaan ze om 09.00 uur pas open, maar waarom soms niet wat eerder, zegt Martin. “Het is gewoon leuk.”

Tekst loopt door onder afbeelding

Broodje met aardbeien

Op het kleine terras buiten is plaats voor een handjevol stoelen, binnen voor drie tafeltjes. Uiteraard kan een glazen toonbank niet ontbreken. Daarin liggen onder meer de vleeswaren en kazen en staan de pakjes melk keurig naast elkaar. Aan de muur hangt het menu van broodjes en snacks in witte letters op ouderwetse zwarte borden. Die borden hangen er al zo’n dertig jaar. Voor Broodje van Martin zat er een andere broodjeszaak: Broodje van Gijs. De zwarte borden hingen bij hem al aan de muur. Gijs heeft er dik veertig jaar gezeten.

Sommige broodjes zijn seizoensgebonden, zoals een broodje met aardbeien (en een zakje suiker). Vanaf april komt die weer op het bord te staan. Maar voor een broodje bal kan je er het hele jaar door terecht. De gehaktballen maken ze zelf. In die 24 jaar is daar niks aan veranderd. “Mijn moeder is met ballen draaien begonnen”, zegt Martin. Ze is nu 81. “We hebben haar recept overgenomen en draaien ze nu nog steeds precies hetzelfde.” Ook haar erwtensoep was een fenomeen. Die was altijd binnen no time uitverkocht. “Dat kon die ouwe wel hoor. Ze maakte dan 40-50 liter in één keer.”

Tekst loopt door onder afbeelding

Ook het broodje halfom, met pekelvlees en gekookte lever, is een van de klassiekers. “Je kan denk ik nergens in Utrecht meer een broodje halfom vinden”, zegt Martin. “Er komen mensen in het weekend drie broodjes halfom halen voor thuis, bijvoorbeeld de oudere mensen uit de flats hier vlakbij. Of ze komen met een pannetje ballen gehakt met jus halen. Dat is toch leuk.” De broodjes worden nog net zo belegd als 24 jaar geleden. “We doen niet aan elk jaar een plakje minder. En als mensen blijven terugkomen, weet je genoeg.”

Kantoorpikkies en politie

Saai is het bij Broodje van Martin nooit. “Als je hier aan tafel zit, kan je een boek schrijven over alles wat je meemaakt”, zegt hij. Ria: “In het begin deden we veel catering. Mensen vroegen ons wel eens of we het niet leuk vonden om alleen catering te doen, maar ik moet mensen om me heen hebben. Hier kan je gezellig een praatje maken.”

Tekst loopt door onder afbeelding

Koffie en thee is bij Martin en Ria altijd gratis. Ook staat er regelmatig fruit op de toonbank voor wie wil. “We hebben elke dag vaste klanten”, zegt Martin. “Vijf dagen in de week heb je allemaal kantoorpikkies en heel veel politie. Als we bij wijze van spreken honderd klanten op een dag hebben, zijn er daarvan tachtig van het politiebureau. In het weekend krijg je heel ander volk, zoals mensen die hier in de buurt wonen maar ook veel toeristen.”

“Ria is af en toe net een maatschappelijk werker”, zegt Martin. “Je bent een luisterend oor hier. Je hoort van alles. Mensen willen even hun ei kwijt. Ria weet alles hoor.” Ria: “Het is net als bij de kapper.” Martin: “In zulk soort winkeltjes heb je dat nog.” Op de vraag of ze niet liever een wat groter pand willen, heeft Ria altijd een duidelijk antwoord. “Als je groter gaat, wordt het ook onpersoonlijker. Voor de gezelligheid hoef je niet te groeien. Daarvoor moeten we gewoon zo blijven. Zonder poespas en tierlantijntjes. Zo zijn wij.”