Gemeente Utrecht gaat kijken naar verleden van Frits Fentener van Vlissingen

Afbeelding van het bezoek van Prinses Juliana, in gezelschap van freule Bentinck en baron Baud, aan de 30e Jaarbeurs op het Vredenburg te Utrecht; rechts F.H. Fentener van Vlissingen.
Afbeelding van het bezoek van Prinses Juliana, in gezelschap van freule Bentinck en baron Baud, aan de 30e Jaarbeurs op het Vredenburg te Utrecht; rechts F.H. Fentener van Vlissingen.

In een artikel van Quote wordt gereageerd op de aankondiging van de gemeente Utrecht om een foyer in TivoliVredenburg te benoemen naar Frits Fentener van Vlissingen en om zijn naam ook te laten terugkomen in het nieuwe Beurskwartier. Quote noemt dit vreemd, omdat Van Vlissingen een collaborateur zou zijn geweest tijdens de Tweede Wereldoorlog. De gemeente Utrecht laat weten dat er gekeken gaat worden naar het verleden van de Utrechter, maar wil daarbij zeggen dat dit standaard gebeurt bij dit soort benoemingen.

Maandag werd bekend dat de opbrengst van de verkoop van het Fentener van Vlissingenhuis op Maliebaan 42 naar het gebouw TivoliVredenburg gaat. Het gaat in totaal om 1,9 miljoen euro. In 1951 schonk Frits Fentener van Vlissingen het pand aan de gemeente Utrecht, onder de voorwaarde dat het alleen voor culturele doeleinden gebruikt mag worden. Nu dit volgens de gemeente niet meer lukt wordt het pand verkocht aan de nabestaanden van Frits Fentener van Vlissingen en de opbrengst gebruikt voor het pand TivoliVredenburg.

De naam van de oorspronkelijke schenker van Maliebaan 42 zal voor vijf jaar (tot 2023) verbonden worden aan de uitloopfoyer van de grote zaal. Na 2023 zal de naam van Frits Fentener van Vlissingen worden vernoemd in het nog te ontwikkelen Beurskwartier. Het is deze benoeming die Quote ter discussie stelt.

Coentunnel

“Een straat vernoemen naar een bekende collaborateur; is dat wel zo handig in een tijd dat de Coentunnel niet meer mag en De Ruyterstraat verdacht is”, vraagt historicus Gerard Aalders, voormalig medewerker van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) zich af in het artikel van Quote. In het artikel gaat men vooral in op de zakelijke voordelen die Fentener van Vlissingen had door zijn relatie met de Duitsers.

“Hij trad zowel in de Eerste als Tweede Wereldoorlog op als trustee van Duitse bedrijven. Omdat hij op papier zogenaamd eigenaar was, konden de geallieerden buitenlandse dochters van deze Duitse bedrijven niet confisqueren.” En verder: “In feite was Van Vlissingen niet meer dan een stroman, vergelijkbaar met een medewerker van een trustkantoor. De Duitse dankbaarheid was groot, Van Vlissingen mocht nog eens aanschuiven bij een feestje van Hitler, alwaar hij een medaille kreeg opgespeld van de Führer.”

Ook in het Biografisch Woordenboek van Nederland van het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis wordt gesproken over de onderscheiding die Frits Fentener van Vlissingen van Hitler kreeg. “Hoewel hij door afkomst en aard een afkeer van de nazi’s had, stond hij positief tegenover de economische opleving die zich onder hun leiding na 1933 in Duitsland voltrok. Om die reden onthield hij zich van kritiek op het regime. Tweemaal, in 1934 en in 1937, werd hij in zijn functie van voorzitter van de Internationale Kamer van Koophandel ontvangen door Hitler. Tijdens het laatste bezoek onderscheidde de Führer hem met het Kruis van Verdienste van de Orde van de Duitse Adelaar.”

Maar er wordt ook geschreven: “Aan het einde van de bezetting verleende Fentener van Vlissingen steun aan de illegaliteit en had hij onderduikers in huis. Dat hem zijn aanvankelijke bereidheid tot samenwerking met de Duitsers niet werd kwalijk genomen, bleek uit de rol die hij na de bevrijding in de zuivering van het bedrijfsleven speelde.”

Aan de Maliebaan

Auteur Ad van Liempt, onder andere bekend van het boek Aan de Maliebaan is genuanceerd. Desgevraagd vertelt hij: “Het gaat te ver om hem ‘fout’ te noemen. Eerder gewiekst. Maar oordelen over de oorlog zit heel ingewikkeld in elkaar.” Van Liempt beschrijft Frits Fentener van Vlissingen als een tycoon: “Het was een van de machtigste mannen van economisch Nederland toentertijd. Hij stond aan het hoofd van de Steenkolen Handels Vereeniging. Van wat ik heb begrepen, ik heb geen onderzoek naar hem gedaan, heeft hij voor de oorlog veel gehandeld met de Duitsers. Tijdens de oorlog heeft hij meer een neutrale positie ingenomen, hij is altijd buitengewoon voorzichtig geweest en zodoende is hij ook vrijwel onbesmet uit de oorlog gekomen.”

Toch zegt Van Liempt wel dat hij door handel te drijven met Duitsland, mogelijk economisch heeft bijgedragen aan de opkomst van Hitler. De vraag is alleen in hoeverre we dat nu een ondernemer toentertijd kunnen verwijten. “Het was nog voor de oorlog en voor de Jodenvervolging.”

In de biografie van Frits Fentener van Vlissingen, Hij overwon iedereen op een vrouw na van Arie van der Zwan, staat een gedetailleerde en feitelijke uiteenzetting over zijn optreden tijdens de oorlog en de ondernemingen waarin hij een belangrijke rol speelde. De auteur zegt daarover: “Het oordeel in mijn boek is gemengd, niet fout maar wel nauw met de Duitsers samengewerkt.”

De gemeente Utrecht laat weten te kijken naar het verleden van Frits Fentener van Vlissingen, maar wil benadrukken dat dit standaard gedaan wordt in dit soort gevallen.

Opmerking: Eerder stond in dit bericht dat de gemeente Utrecht naar aanleiding van de berichtgeving van Quote gaat kijken naar het oorlogsverleden van Frits Fentener van Vlissingen. Nu laat de gemeente weten dat ze standaard naar het verleden kijken van personen  in dit soort gevallen.