Het artikel dat Bert Poortman maakte over Kanaleneiland plaatst de wijk in een perspectief van eerst een veelbelovende groei en ontwikkeling met daarna een neergang gevolgd door bestuurlijke herontwikkeling. Daarbij wordt de sluiting van het Niels Stensen College als voorbeeld van de neergang beschreven, maar voormalig schoolleider Frank Seller en docenten Wim de Reuver en Henk Goes willen daar graag iets tegenoverstellen. Ze vragen zich af of die simplificatie wel zo juist is. Daarom ter verrijking van die wandeling en de beschreven visie een aanvulling van de betrokkenen en een correctie van enkele onjuistheden.
Voormalig schoolleider en docenten Niels Stensen College over de onderwijsontwikkelingen in Kanaleneiland

Kanaleneiland is gebouwd in de laatste periode van de wederopbouw, vanaf het midden van de jaren vijftig. Bij de inrichting van de wijk Kanaleneiland en de gebouwen voor algemeen nut zijn duidelijk de nadagen van de verzuiling zichtbaar. De basisscholen van Kanaleneiland-Noord staan vlak bij elkaar en vertegenwoordigen de drie denominatieve hoofdrichtingen, openbaar, protestant-christelijk en katholiek. De kerkgebouwen bevestigen dat beeld.
Voor het voortgezet onderwijs is de openbare scholengemeenschap Hendrik van de Vlist toonaangevend: het is een brede scholengemeenschap waarin de idealen van de Mammoetwet zichtbaar worden gemaakt in een prachtig gebouw. De kuil in de gemeenschapsruimte van de school geldt als een belangrijke ontmoetingsplek voor wijkactiviteiten. De openbare basisschool aan de Amerikalaan heeft dezelfde naam en is door de ligging bijna een onderdeel van de scholengemeenschap.
Het Niels Stensen College begint in 1962 in een houten noodgebouw aan de Peltlaan en vanaf 1967 volgen in Kanaleneiland-Zuid noodgebouwen aan de Fernandezlaan en de Columbuslaan. In 1975, nadat door een bouwstop de bouw meermalen is vertraagd, wordt het definitieve gebouw geopend aan de Amerikalaan en tegenover de Rabobank.
In Kanaleneiland-Zuid aan de Vliegend Hertlaan staat intussen het Oosterlichtcollege en dan is het verzuilde schoolaanbod compleet. Een lhno-school, een huishoudschool, aan het eind van de Livingstonelaan draagt bij aan het onderwijsaanbod in de wijk.
De katholieke en pc-school voor voortgezet onderwijs zijn beide in eerste instantie een smalle scholengemeenschap voor Vwo en Havo. In Aan het einde van de jaren tachtig verhuist het Oosterlicht College naar Nieuwegein en krijgt het Niels Stensen College een Mavo-afdeling.
‘Geweldige opgave’
In diezelfde tijd vertrekken de eerste bewoners, meestal huurders, naar de omliggende stadsuitbreidingen en kiezen voor een koophuis. De relatief grote en soms zelfs heel grote flats die dan vrijkomen, bieden soelaas bij de huisvestingsvraag van veelal grote gezinnen met een niet-westerse achtergrond. Door gezinshereniging wordt eerst Kanaleneiland-Noord en later ook Zuid een wijk met grote gezinnen, waar niet langer Nederlands de moedertaal is. Voor de basisscholen is dit een geweldige opgave. De doorstroom naar het voortgezet onderwijs wordt in die tijd dan helaas wat minder .
In het begin van de jaren ’90 verplaatst het gemeentebestuur de krimpende Hendrik van de Vlist naar Lunetten. Het schoolgebouw dat voor hen te groot geworden is, werd toegewezen aan de Meao, en wordt later onderdeel van het ROC Midden-Nederland.
Tekst gaat verder onder afbeelding
Het Niels Stensen College is vanaf dat moment de enige school voor voortgezet onderwijs in de wijk. In diezelfde tijd krijgt de wijk, mede door artikelen in Nieuwe Revue, de naam van een probleemwijk en een no-go area. Daardoor wordt de instroom van leerlingen vanuit De Meern, Harmelen en Nieuwegein minimaal en het Niels Stensen meer een stadsschool; als daarna ook leerlingen uit andere delen van de stad wegblijven, wordt het langzaam maar zeker een wijkschool.
Dat nu is een belangrijk aspect in het interview van rector Sjamaar met Het Onderwijsblad: als leerlingen uit andere delen van de stad wegblijven, missen getalenteerde leerlingen uit Kanaleneiland de ontmoeting met leerlingen die een andere achtergrond hebben en dat schaadt hun ontplooiing en verdere onderwijsloopbaan. Zijn conclusie is, dat het in het belang van die leerlingen is, zijn zwarte school te sluiten. Op een dergelijke bewering werd door onderwijsjournalisten al een hele tijd gewacht, zo vertelde mij de redacteur van Trouw die op 4 mei 1998 het interview op de voorpagina van haar krant met een grote kop samenvatte. Waarop een landelijke discussie over witte en zwarte scholen losbarstte.
Sluiting
Tot sluiting van het Niels Stensen College is door de schoolleiding pas besloten in maart 2002 toen het aantal nieuwe aanmeldingen uit Kanaleneiland voor de mavo/havo/vwo-school minder dan 60 was. De leerlingen die op dat moment op school zitten in de voorexamenjaren hebben in juli 2003 hun einddiploma kunnen halen in hun eigen school en zij krijgen onder grote landelijke belangstelling het diploma uitgereikt door onderwijsminister Maria van der Hoeven. Dit laatste en 41e schooljaar is ook voor de leerlingen van de klassen twee en drie een prachtig schooljaar. Een reis naar Disneyland-Parijs maakt deel uit van de viering van het 40-jarig bestaan en Najib Amhali komt speciaal voor de school een voorstelling spelen in de aula van de school.
Het schoolgebouw, een meer dan uitstekend ontwerp van de Utrechtse architect Antonio Salvatore, is op dat moment het best geoutilleerde schoolgebouw van de hele stad. Dat het een paar jaar later gesloopt is, heeft niet met onderwijs te maken, maar met de waarde van de grond en de mogelijkheden die een investeringsmaatschappij daarin ziet.
Frank Seller, Wim de Reuver en Henk Goes
schoolleider en docenten van het Niels Stensen College



