Utrecht vraagt landelijke steun voor economisch dakloze gezinnen

Stadskantoor. Foto: Bas van Setten
Stadskantoor. Foto: Bas van Setten

De gemeente Utrecht heeft samen met Amsterdam, Den Haag en Rotterdam een brief gestuurd naar het kabinet met de oproep dringend werk te maken van de opvang van economisch dakloze gezinnen. “Het is onverteerbaar dat – ondanks eerdere oproepen – het Rijk geen verantwoordelijkheid wil nemen voor deze kinderen”, staat in de brief.

Economisch daklozen hebben een inkomen, maar geen woning. Aangezien zij formeel alleen een huisvestingsvraag hebben, vallen zij niet onder de Wet maatschappelijke ondersteuning. Gemeenten zijn daardoor niet verplicht opvang te bieden en ontvangen hiervoor geen financiering.

Utrecht vraagt samen met de andere grote steden om landelijke afspraken voor de huisvesting van economisch dakloze gezinnen. Ook pleiten de gemeenten voor structurele financiering vanuit het Rijk en een landelijke richtlijn voor opvangsituaties met kinderen. Daarnaast is er volgens Utrecht dringend behoefte aan de realisatie van meer betaalbare gezinswoningen om het structurele probleem op te lossen.

Grote druk
Ondanks het ontbreken van een wettelijke plicht hebben de steden in 2024 toch economisch dakloze gezinnen opgevangen. In Utrecht waren dat er 35. Volgens de gemeenten legt dit een grote druk op de opvangcapaciteit. Het structurele tekort aan betaalbare sociale huurwoningen in de stad maakt de situatie nog nijpender.

De brief benadrukken de gemeenten dat de huidige situatie niet alleen onhoudbaar is, maar ook de kinderrechten onder druk zet. Volgens hun hebben kinderen recht op een veilige en stabiele woonplek, iets wat in de situaties van economisch dakloze gezinnen niet gegarandeerd kan worden.