Ondanks de groeiende problemen op het elektriciteitsnet blijft de gemeente Utrecht vasthouden aan haar zero-emissiebeleid voor bedrijfs- en vrachtverkeer. Dat blijkt uit antwoorden van het college van burgemeester en wethouders op schriftelijke vragen van onder meer VVD, CDA, JA21, UtrechtNu! en Stadsbelang Utrecht.
Utrecht houdt vast aan zero-emissiebeleid ondanks vol stroomnet

De partijen zetten vraagtekens bij de uitvoerbaarheid van de zero-emissiezone nu ondernemers en zelfs de gemeente zelf te maken hebben met beperkingen door netcongestie. Volgens het college bestaat er inderdaad een "spanning" tussen het plan om vanaf 2028 alle bestelauto’s in de zero-emissiezone uitstootvrij te laten zijn, samen met de beschikbare stroomcapaciteit. Maar op dit moment is er geen aanleiding om het beleid op te schorten.
Extra vraag ‘op een later moment’
De discussie speelt naar aanleiding van de aangekondigde aansluitstop van netbeheerder Stedin. Daardoor kunnen veel bedrijven voorlopig geen zwaardere stroomaansluiting krijgen, terwijl juist die aansluitingen vaak nodig zijn voor het opladen van elektrische bestelwagens en vrachtwagens.
Het stadsbestuur stelt echter dat voor het grootste deel van de ondernemers nog voldoende mogelijkheden bestaan om voertuigen op te laden via bestaande aansluitingen, openbare laadpalen of laadvoorzieningen op eigen terrein.
Het college stelt: “De grootste extra vraag naar laadinfrastructuur verwachten we pas op een later moment. Dit gaat met name om de elektrificatie van vrachtvoertuigen, waarbij het – in tegenstelling tot bij bestelvoertuigen – gaat om grotere vermogens en opslagcapaciteit.” Vanaf 2030 moeten ook vrachtvoertuigen binnen de zero-emissiezones elektrisch rijden.
Onderzoek naar gevolgen en tegemoetkoming
Wel laat de gemeente aanvullend onderzoek uitvoeren naar de gevolgen van netcongestie voor zowel de huidige zero-emissiezone als de geplande uitbreiding daarvan. De resultaten worden eind 2026 verwacht.
Voor situaties waarin ondernemers móeten elektrificeren vanwege de nul-emissiezone en dat aantoonbaar niet lukt vanwege netcongestie, is in het landelijke ontheffingenstelsel een specifieke ontheffing beschikbaar. Dat stelt het stadsbestuur.
Weinig zicht op daadwerkelijke problemen
Opvallend is dat de gemeente op meerdere punten aangeeft geen volledig inzicht te hebben in de omvang van het probleem. Zo weet Utrecht niet hoeveel ondernemers hun verduurzamingsplannen hebben uitgesteld vanwege gebrek aan netcapaciteit. Dat heeft onder andere met privacy te maken, stelt het bestuur.
Gemeente loopt ook tegen probleem aan
De politieke partijen wezen er bovendien op dat de gemeente zelf moeite heeft om haar wagenpark volledig te verduurzamen. Het college bevestigt dat.
Vooral de elektrificatie van zware voertuigen, zoals vuilniswagens, loopt vast op de beperkte stroomcapaciteit van de gemeentewerf. Van de 448 gemotoriseerde gemeentelijke voertuigen was in 2025 ongeveer 46 procent elektrisch. Het oorspronkelijke streven om in 2030 een vrijwel volledig emissieloos wagenpark te hebben, is volgens het college niet meer haalbaar zolang de netcongestie voortduurt.
Oppositie zet vraagtekens
De vragenstellende partijen betwijfelen of het geloofwaardig is ondernemers verdere verplichtingen op te leggen terwijl de gemeente zelf niet volledig aan dezelfde eisen kan voldoen.
Het college wijst erop dat voor gemeenten en ondernemers dezelfde landelijke regels en ontheffingsmogelijkheden gelden. Volgens het stadsbestuur is juist daarom gekozen voor een overgangsregeling waarbij organisaties die door netcongestie niet kunnen elektrificeren tijdelijk worden ontzien.
Geen economische risico’s volgens college
Ondanks waarschuwingen uit een eerdere impactanalyse over mogelijke economische schade door netcongestie, ziet het college momenteel geen directe risico’s voor de bevoorrading van winkels, horeca en andere ondernemingen in de binnenstad.
De gemeente wijst daarbij op een nalevingspercentage van ongeveer 99 procent binnen de huidige zero-emissiezone. “Dit geeft aan dat ondernemers de toegangsregels van de nul-emissiezone goed kunnen naleven en in de praktijk weten hoe zij hun bevoorrading moeten organiseren.” Ook zou het aantal logistieke bewegingen in de stad nauwelijks zijn afgenomen sinds de invoering van de zone.
Daarnaast zet Utrecht in op alternatieven zoals stadsdistributiehubs, elektrische bevoorrading over water en lichte elektrische voertuigen voor ondernemers.



