De vaccinatiegraad in Utrecht is sinds 2020 zo sterk gedaald dat de gemeente nu met een actieplan komt om verdere uitbraken van infectieziekten te voorkomen. Met het ‘Actieplan verhogen vaccinatiegraad’ wil Utrecht het percentage ingeënte kinderen weer boven de 90 procent brengen, naar de norm van de Wereldgezondheidsorganisatie.
Vaccinatiegraad in Utrecht daalt al sinds 2020: gemeente komt met actieplan voor ‘zorgwekkende’ situatie

De vaccinatiegraad in Utrecht is sinds 2020 zorgwekkend gedaald. De daling van de vaccinatiegraad vergroot het risico op uitbraken van infectieziekten. Ook zijn de verschillen tussen wijken en tussen herkomstgroepen toegenomen, wat leidt tot ongelijkheid in gezondheid. Dat meldt het college van B&W in de Voortgangsbrief Volksgezondheid Q3-Q4 aan de raad.
In Overvecht en Zuidwest - met name Kanaleneiland - is dit tussen 2023 en 2024 verder afgenomen, blijkt bovendien uit een raadsbrief in september. Eén op de drie tweejarigen in Overvecht is bijvoorbeeld niet volledig gevaccineerd. In Zuid en Oost lijkt de vaccinatiegraad in 2024 juist te stabiliseren of licht te stijgen ten opzichte van 2023.
Turkse versus Marokkaanse gemeenschap
Ook de vaccinatiegraad bij kinderen met een Marokkaanse of Turkse herkomst ligt lager dan bij kinderen met een Nederlandse achtergrond. Wel was er in 2024 een lichte stijging in vaccinatiegraad voor jongeren met een Nederlandse en Turkse herkomst, tegenover een forse daling onder jongeren met een Marokkaanse herkomst.
Volgens Stichting Sleutelpersonen Utrecht (SSU) kan dit te maken hebben met de sterke loyaliteit binnen de Turkse gemeenschap aan Turkije, waar vaccinatie verplicht is. Adviezen vanuit moskeeën en gerichte informatie zouden ouders stimuleren hun kinderen te laten vaccineren. Ook het verspreiden van filmpjes in meerdere talen en wijkbijeenkomsten via SSU droeg mogelijk bij aan de stijging.
De stichting geeft aan dat de Marokkaanse gemeenschap in Nederland meer versnipperd is en een minder sterke band met Marokko heeft. Daarnaast speelt volgens de stichting desinformatie via sociale media en influencers een negatieve rol.
Actieplan
Omdat het college van B&W zich zorgen maakt over het dalende vaccinatiegraad, liet het in juli al weten bezig te zijn met het opzetten van een actieplan. In september volgde een commissiedebat, waarvan de input is meegenomen in het gepresenteerde ‘Actieplan verhogen vaccinatiegraad’. Deze is nu dus gepresenteerd.
Het plan richt zich op drie pijlers: verbetering van het vaccinatieaanbod, gerichte communicatie en voorlichting én samenwerking met partners in de stad. De ambitie is om de vaccinatiegraad naar de WHO-norm van meer dan negentig procent te krijgen. Voor mazelen streeft Utrecht naar de WHO-norm van 95 procent.
Actiepunten
In het plan staat onder andere dat de gemeente het aantal vaccinatiemomenten en -locaties uitbreid, bijvoorbeeld met vrije inloopspreekuren in Overvecht, Kanaleneiland en Leidsche Rijn.
Bovendien moeten er in 2026 meer vaccinatielocaties komen, bijvoorbeeld op scholen en bij verloskundigenpraktijken. Ouders van kinderen met ontbrekende vaccinaties worden dit jaar nog actief gebeld, en professionals van Jeugdgezondheidszorg (JGZ) krijgen in 2026 extra training voor gesprekken over vaccineren.
Daarnaast controleren JGZ-medewerkers voortaan standaard of vaccinaties zijn gegeven. Vanaf september 2025 krijgen zij daarvoor automatische herinneringen via het digitale kinddossier.
16-jarigen worden voortaan meegenomen in de inhaalcampagne voor jongeren van 17 jaar. Zij kunnen sinds oktober al de ontbrekende vaccinaties inhalen via de GGD regio Utrecht.
Ook zet de gemeente in op duidelijkere, toegankelijke communicatie. Zo worden JGZ-brieven makkelijker herschreven (A2/B1-niveau), komen er gerichte campagnes voor ouders van kinderen van 0–4 en 4–18 jaar en wordt sociale media actiever ingezet. Bovendien wordt de samenwerking tussen JGZ, scholen, het UMC en andere partners versterkt.
Uitvoering tot augustus 2026
Het plan kan worden uitgevoerd tot en met augustus 2026, gefinancierd met een rijksbijdrage van 730.000 euro. De maatregelen zijn snel uitvoerbaar en bleken in andere steden, zoals Amsterdam en Den Haag, effectief.
Of het programma na augustus 2026 wordt voortgezet, hangt af van nieuwe financiering en de opgedane inzichten. “Deze ontwikkeling is een maatschappelijk probleem met meerdere, diepgewortelde oorzaken. Het vraagt om een structurele, langdurige aanpak en nauwe samenwerking met diverse partners”, aldus het college van B&W. Het college blijft daarom bij het Rijk lobbyen voor structurele middelen voor de periode na 2026.



