Zes vragen over de sluiting van het kinderhartcentrum in het UMC Utrecht

Afbeelding

Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) Ernst Kuipers heeft vorige week bekendgemaakt dat de operaties van kinderen met een aangeboren hartafwijking geconcentreerd gaan worden in het UMC Groningen en het Erasmus MC. Dat betekent dat de centra in Utrecht en Leiden verdwijnen. Dat besluit is genomen, nadat eind 2021 voormalig minister van VWS Hugo De Jonge juist besloot om de zorg te concentreren in het Erasmus MC in Rotterdam en het UMC Utrecht. Hoe zit dat precies met concentratie van zorg? En waarom moet het centrum voor kinderhartchirurgie in Utrecht verdwijnen? 

Wat wordt bedoeld met ‘concentratie’ van zorg? 

Concentratie van de zorg betekent eigenlijk dat specialistische zorg op één plek geconcentreerd wordt, in plaats van op verschillende locaties. Door die zorg in één ziekenhuis te hebben zou de kwaliteit van de zorg ook beter geborgd zijn en verbeterd kunnen worden.

Waarom moeten er twee kinderhartcentra in Nederland verdwijnen? 

Er zijn in de toekomst niet genoeg patiënten voor vier kinderhartcentra, waardoor artsen niet voldoende operaties kunnen uitvoeren om hun expertise op peil te houden. Het idee achter de concentratie is dat de kwaliteit van de gespecialiseerde zorg behouden blijft. Daarnaast is het belangrijk om de kennis en expertise op het gebied van hartchirurgie- en katheterisatie te bundelen en te kunnen verbeteren.

Landelijk zijn er twaalf gespecialiseerde kinderhartchirurgen, waarvan er drie binnen nu en vier jaar met pensioen gaan. Om deze zorg op hoog niveau te kunnen blijven leveren en verder te verbeteren is het belangrijk dat deze operaties in twee ziekenhuizen worden uitgevoerd. 

Eerder werd er besloten om de centra in Leiden en Groningen te sluiten en Utrecht en Rotterdam open te houden. Waarom is dat veranderd? 

Hugo de Jonge, voorganger van Kuipers, nam ruim een jaar geleden het voorgenomen besluit om Utrecht en Rotterdam open te houden. De Nederlandse zorgautoriteit (NZa) kwam daartegen in verweer. Volgens het NZa zou het sluiten van de centra voor gespecialiseerde hartzorg in Leiden en Groningen er onder andere voor zorgen dat de toegankelijkheid van deze zorg verzwakt in zowel Leiden als regionaal in Groningen, Friesland, Drenthe en Overijssel. 

Vanwege het NZa-advies besloot minister Kuipers vorige maand om de koepelorganisatie van de ziekenhuizen nog één kans te geven om onderling te bepalen welke twee van de vier centra in Nederland dicht moeten. Doordat de universitaire ziekenhuizen er samen niet uit zijn gekomen, heeft minister Kuipers vorige week het besluit genomen om de kinderhartcentra in Utrecht en Leiden te sluiten. 

Waarom kiest minister Kuipers voor het behouden van de centra in Rotterdam en Groningen? 

Kuipers heeft gekozen voor Rotterdam, omdat dit het grootste en meest complete kinderziekenhuis is met de grootste IC-capaciteit. Rotterdam voldoet aan alle criteria met het grootste aantal experts en chirurgen. Daarmee blijft de keuze van Hugo de Jonge onveranderd. 

Groningen is, op advies van de NZa, gekozen als tweede centrum vanwege de regionale spreiding en toegankelijkheid. Met de keuze op het centrum in Groningen, vervalt het eerdere besluit om het centrum in UMC Utrecht open te houden. 

Hoe reageert het UMC Utrecht op het besluit?  

Het UMC Utrecht gaf eerder aan ‘enorm teleurgesteld’ te zijn in het voorgenomen besluit van minister Kuipers. 

Daarnaast doen het UMC Utrecht, het Wilhelmina Kinderziekenhuis en het Prinses Máxima Centrum op maandag 20 februari een oproep aan de minister: “houd het hart centraal”. Dat doen ze met een flyer met drie argumenten waarom zij het niet eens zijn met het voorgenomen besluit van de minister van VWS. Ook kan er een QR code worden gescand om een petitie van een groep ouders van patiënten te tekenen. Deze was op 19 februari al ruim 24.000 keer ondertekend

“Het voorgenomen besluit betekent dat ook na concentratie van centra er nog steeds onvoldoende operaties zijn in sommige centra, waardoor kans op vermijdbare sterfgevallen en andere complicaties nog niet is geminimaliseerd”, zo is te lezen op de flyer. 

Het tweede argument is: “Het voorgenomen besluit leidt niet tot een structurele en robuuste oplossing. Ook na concentratie van centra er nog steeds onvoldoende operaties zijn in sommige centra, waardoor kans op vermijdbare sterfgevallen en andere complicaties nog niet is geminimaliseerd.” 

Als laatste zegt het UMC Utrecht: “Het voorgenomen besluit leidt niet tot optimale toegankelijkheid: gemiddelde reistijd neemt met 10% toe ten opzichte van concentratie in Rotterdam en Utrecht.”

Is het besluit al definitief genomen? 

Nee, de keuze die minister Kuipers vorige week bekend heeft gemaakt, is vooralsnog een voorgenomen besluit. Een definitief besluit wordt genomen als de betrokkenen hun zienswijze hebben toegelicht. Dat kan tot 27 februari. Als het definitieve besluit is genomen, dan gaat er volgens Kuipers een overgangsperiode van zo’n 2,5 jaar in om de concentratie van de zorg goed te regelen.