Het bitterzoete besluit is genomen; de gemeente Utrecht heeft bekendgemaakt welke culturele instellingen en festivals de komende vier jaar subsidie gaan krijgen. Zoals eigenlijk al verwacht, is het eerdere advies van een onafhankelijke commissie overgenomen. Dat betekent geen euro subsidie meer naar onder andere het Nederlands Filmfestival, Tweetakt en BAK basis voor actuele kunsten. Maar ook goed nieuws voor ruim zestig andere culturele instellingen die wel een positief advies hebben gekregen.
De cultuurknoop is doorgehakt; dit is de definitieve verdeling van subsidies aan instellingen en festivals in Utrecht

Het besluit dat het college van B&W deze week heeft genomen is eigenlijk het sluitstuk van een proces dat al meer dan een jaar bezig is. Een belangrijke stap daarin was de zogenoemde Cultuurnota, waar de gemeenteraad in 2023 mee instemde. Dit is een plan voor het cultuurbeleid van de stad, een visie maar ook een soort handleiding voor culturele partijen waarmee er subsidie aangevraagd kan worden en hoe de gemeente deze verdeelt.
In de periode 2025-2028 zit in de pot met geld elk jaar ruim 18,46 miljoen euro. Instellingen waarvan de aanvraag wordt goedgekeurd, kunnen vier jaar lang rekenen op financiële steun. Voor veel culturele instellingen dus erg belangrijk – soms van levensbelang. Er werden 105 aanvragen gedaan voor ruim 23 miljoen euro. Een onafhankelijke commissie beoordeelde alle aanvragen en bracht advies uit aan het college. Er viel dus iets te kiezen.
Uiteindelijk kan de champagne open bij 67 partijen, die hebben een positief advies gekregen. De andere culturele instellingen krijgen nul op het rekest. Dat was eigenlijk al zo goed als bekend, maar deze week heeft het college van B&W het advies ook formeel overgenomen.
Toen het advies naar buiten kwam begon al snel een lobby richting de media, gemeenteraad en het college van B&W door partijen die buiten de boot vielen. Termen als ‘geschokt’, ‘verbijsterd’ en ‘niet te bevatten’ kwamen voorbij. Enkele grote namen die al decennia aan Utrecht zijn verbonden krijgen geen steun meer.
‘Grote verantwoordelijkheid’
De rol die wethouder van cultuur Eva Oosters nog had na het uitkomen van het advies was belangrijk, maar wel vrij beperkt: “We hebben in aanloop samen met de gemeenteraad een bepalende rol gehad, door de kaders op te stellen en aan te geven wat we belangrijk vinden. Zaken als pluriformiteit, diversiteit, het stimuleren van talent en de ruimte voor ontwikkeling. Daarna was het aan de adviescommissie om alle aanvragen te beoordelen aan de hand van de kaders die we met elkaar hadden vastgesteld. Mijn laatste rol was om te checken of dit ook allemaal gebeurd is, wat natuurlijk ook een grote verantwoordelijkheid met zich meebrengt.”
Tekst gaat verder onder afbeelding
Eva Oosters. Foto: Bas van Setten
Maar als partijen die al vele jaren aan de stad verbonden zijn en ook een hoop betekend hebben, ineens geen steun meer krijgen, klopt het proces dan wel? Volgens Oosters ging het om een ‘degelijk proces’. “Uiteindelijk werd iedereen op dezelfde waarden beoordeeld. Op bijvoorbeeld uitvoerbaarheid, betekenis voor de stad, het belang voor het culturele ecosysteem. Partijen die al heel lang in de stad zijn, kunnen waarschijnlijk ook op een goede manier reflecteren waar ze staan op deze punten. Maar uiteindelijk gaat het om een gelijk speelveld. Iedereen maakte evenveel kans op basis van de plannen, nieuwkomers en instellingen die er al heel lang zijn.”
Maar is het dan honderd procent objectief? Dat is ook weer niet zo, beaamt ook Oosters. Het is geen wiskundige toets. “Door de manier waarop we het proces hebben ingericht, met subcommissies en een kerncommissie waarbij dus steeds meerdere ogen uit verschillende disciplines vanuit verschillende hoeken naar de plannen keken en naar het geheel kan ik zeker spreken van een degelijke werkwijze.”
Op basis van de plannen heeft de adviescommissie uiteindelijk een ranglijst gemaakt. 67 partijen krijgen de komende vier jaar elk jaar subsidie. Daar zitten ook tal van nieuwe organisaties bij, die niet eerder al een vierjarige subsidie kregen, waaronder Common Frames, De Parade, Vocal Statements, Possibilize, Sharing Arts Society (Sint Maartenparade), Mooie Woorden, Sounds Like Touch, free-DOM en De Nijverheid.
‘Het geeft echt een mooi beeld van wat Utrecht te bieden heeft’
Wethouder Oosters is tevreden met het resultaat: “Het geeft echt een mooi beeld van wat Utrecht te bieden heeft, kleine en grote organisaties, partijen met vele jaren ervaring en nieuwkomers. Echt complimenten naar iedereen die de plannen heeft geschreven.” Ook is te zien dat er culturele instellingen zijn, die zijn ‘doorgegroeid’ van de tweejarige subsidieregeling naar de vierjarige. Een trapsgewijs systeem dat bewust zo is opgezet, aldus Oosters.
Oosters benadrukt ook de waarde van culturele instellingen die ‘solidair zijn richting de sector en de stad’, plekken die ruimte bieden aan andere partijen en individuele makers om gezamenlijk te werken. Ook het ‘bewustzijn’ binnen de sector over wat er in de wereld allemaal gebeurt roemt Oosters, evenals de mate van vernieuwing binnen de plannen.
Bitterzoet
Hoewel tevreden over alle positieve adviezen en het geheel van het culturele aanbod dat vertegenwoordig is, spreekt wethouder Oosters ook van ‘pijnlijke keuzes’ en een ‘bitterzoet’ besluit. Tientallen partijen krijgen geen subsidie, waaronder Het Nederlands Film Festival, Tweetakt, Het Huis Utrecht, De Coöperatie, BAK, IMPAKT en Museum van Zuilen.
Er is in het verleden gesproken over de mogelijkheid om de bedragen die instellingen aanvragen niet geheel uit te keren, maar een kleiner bedrag per aanvrager, waardoor er meer geld overblijft om te verdelen en dus meer partijen in aanmerking komen. Hier is nu bewust niet voor gekozen, omdat het op gespannen voet zou staan met ‘fair pay’, de eerlijke betaling van mensen die werken in de culturele en creatieve sector.
Verder valt uit de subsidieaanvragen op te maken dat in het culturele landschap van Utrecht sommige disciplines sterk aanwezig zijn, waaronder theater, dans en muziek. Terwijl er veel minder partijen zijn die aanvragen hebben gedaan in de disciplines digitale cultuur, beeldende kunst en film. Wethouder Oosters is dit ook opgevallen, al geeft ze aan juist wel steeds meer discipline-overstijgende instellingen te zien wat volgens haar een mooie ontwikkeling is.
Al met al een advies dat stof deed opwaaien in de stad, en nu het besluit is gevallen waarschijnlijk ook blijft doen. Wethouder Oosters zegt dit ook te begrijpen, maar zegt ook achter het verhaal van de cultuurnota te staan en het recente advies. In een brief aan de gemeenteraad schrijft ze dan ook: “We kijken dan ook uit naar de periode 2025-2028, waar we de plannen van de culturele makers, podia, gezelschappen, festivals en presentatieplekken live mogen aanschouwen.”



