Het mag ondertussen bekend zijn: er is een woningcrisis, de huizenprijzen blijven stijgen, het aanbod is zeer gering en de wachttijden voor sociale huurwoningen worden alsmaar langer. Nu de gemeenteraadsverkiezingen voor de deur staan is het tijd om de balans op te maken. Hoe kijken wethouders Kees Diepeveen en Klaas Verschuure naar de stand van zaken, wat is er bereikt de afgelopen vier jaar?
Wethouders kijken na vier jaar terug op woonbeleid in Utrecht: wat is er bereikt?

De woningmarkt lijkt er sinds het aantreden van het gemeentebestuur na de verkiezingen in 2018 niet veel beter op geworden. Wat ook niet meehelpt, zijn de fikse huizenprijzen die af en toe in het nieuws komen, zoals bij de eerste woningen in de Merwedekanaalzone en de appartementen in Wonderwoods. Maar zo moet ook gezegd worden, de woningcrisis in Utrecht is niet uniek. Het is een landelijk probleem en de gemeente kan ook niet zomaar overal regels voor maken. Wethouder Verschuure (ruimtelijke ontwikkeling): “Het eerlijke verhaal is gewoon dat er een stille ramp aan de gang is, en er is geen makkelijke oplossing. Maar we doen er alles aan om excessen tegen te gaan. We zijn kampioen woningbouwen in Utrecht, er worden jaarlijks heel veel huizen opgeleverd, maar het is nooit genoeg.”
‘Het is echter onmogelijk om aan de vraag te voldoen’
Dat het nooit genoeg is, komt onder meer door de populariteit van de stad Utrecht. Verschuure: “Utrecht staat op veel lijstjes bovenaan, het is een van de aantrekkelijkste woonsteden van Nederland. Utrecht heeft goede voorzieningen, ligt centraal en er is werkgelegenheid. Mensen uit de regio willen hier graag wonen, en veel studenten willen hier na hun studie blijven. Het is echter onmogelijk om aan de vraag te voldoen. We kunnen in Utrecht helaas niet de totale woningnood oplossen. Wat we wel doen, is bouwen, heel veel bouwen, en zorgen dat we met beleid misstanden op de woningmarkt tegengaan.”
Tekst loopt door onder afbeelding
[caption id=”attachment_378152” align=”alignnone” width=”1920”] Wethouder Kees Diepeveen[/caption]
Middenhuur
We zien onszelf graag als voorlopers in Utrecht, en volgens wethouder Kees Diepeveen (wonen) is dat in veel opzichten ook zo. “Zo was Utrecht de eerste gemeente met een actieplan Middenhuur.” De huurmarkt wordt veelal ingedeeld in sociale huur, middenhuur en dure huur. De wetgever regelt daarbij alleen sociale huur. “Wij zagen in Utrecht dat er veel behoefte is aan middenhuur en zijn daarom met het actieplan in de hand zelf afspraken gaan maken met de markt. Daardoor zijn er veel meer kwalitatieve duurzame middenhuur-woningen gebouwd.” Door te zorgen voor middenhuur-woningen te beoogt de wethouder ook dat meer mensen met voorrang doorstromen vanuit sociale huurwoningen, zodat zij weer een plekje vrijmaken voor iemand op de wachtlijst.
Verschuure vult aan: “We hadden echt een inhaalslag te maken en via de middenhuur-categorie konden we dat bereiken. Doordat de maximale huurprijs voor twintig jaar vaststaat blijven de woningen ook heel lang betaalbaar.” Bij betaalbare koopwoningen ligt dat iets ingewikkelder. Een koopwoning kan wel ‘betaalbaar’ zijn als die gebouwd wordt en voor het eerst verkocht wordt – want ook daar maakt de gemeente afspraken over met ontwikkelaars – maar als de bewoners dan verhuizen en het huis te koop zetten valt ie waarschijnlijk niet meer in de categorie betaalbaar. De huizenprijzen stijgen nou eenmaal ontzettend hard.
‘Wij willen bereiken dat de woningen ten goede komen voor wie ze bedoeld zijn’
Andere maatregelen waar Diepeveen zich hard voor heeft gemaakt, is de zelfbewoningsplicht en de opkoopbescherming. Zelfbewoningsplicht houdt in dat een koper van een nieuwbouwhuis er ook daadwerkelijk moet gaan wonen, en de woning dus niet mag gaan verhuren. Voor bestaande huizen heet deze regel opkoopbescherming. “In de hele stad willen we een verbod om een huis met een WOZ-waarde tot en met € 440.000 na de koop te verhuren.” Ook is er nog zoiets als anti-speculatiebeding, dat betekent dat een koper van een nieuwbouwwoning het huis niet direct weer mag doorverkopen om er winst mee te maken. Dit soort maatregelen moeten ervoor zorgen dat beleggers en speculanten geweerd worden, waardoor starters en mensen met een middeninkomen een stevigere positie hebben op de woningmarkt. “Wij willen bereiken dat de woningen ten goede komen voor wie ze bedoeld zijn.”
Tekst loopt door onder afbeelding
[caption id=”attachment_385571” align=”alignnone” width=”1920”] Wethouder Klaas Verschuure[/caption]
Cijfers
De afgelopen vier jaar zijn er elk jaar ongeveer ruim 3000 woningen opgeleverd in Utrecht. Goed om nog eens te vermelden; de gemeente Utrecht bouwt deze niet zelf, maar moet met beleid zorgen dat woningcorporaties en ontwikkelaars goede woningen bouwen die aansluiten bij de behoeftes van Utrechters.
In totaal stonden er begin 2021 in de gemeente 159.671 woningen. Opvallend is dat het totale aantal koopwoningen al twee jaar op rij afneemt. Het aantal huurwoningen nam daarentegen flink toe.
Op 1 januari 2021 was 45 procent van alle woningen een koopwoning (drie jaar geleden was dit nog 47 procent), 31 procent een corporatiewoning (dit aandeel is al drie jaar hetzelfde) en 23 procent particuliere verhuur (dit was drie jaar geleden nog 20 procent). Bij particuliere huur viel 20 procent in de categorie duur, de rest was middenhuur of sociale huur.
De afgelopen jaren daalde het aantal goedkope en betaalbare koopwoningen in Utrecht, het aantal dure koopwoningen steeg juist.
Tekst gaat verder onder grafieken
Bouwen
Bouwkampioen, zo noemt Verschuure Utrecht dan ook vaker. “We zijn de snelst groeiende stad van Nederland en we moeten dus heel veel woningen toevoegen. Afgelopen vier jaar hebben we het mogelijk gemaakt dat er 13.000 woningen bij zijn gekomen. In Leidsche Rijn zijn de bouwkranen niet te tellen, zo veel staan er nu. Er gaat in de nabije toekomst onder meer gebouwd worden in de Merwedekanaalzone, Cartesiusdriehoek, Werkspoor, Papendorp en Groenewoud. Er komen woningen bij voor tienduizenden bewoners.” Diepeveen vult aan: “En daarbij kijken we dus goed naar de verdeling van soorten woningen. In de nieuwe stadswijk Merwede komen bijvoorbeeld zo’n 6.000 woningen, waarvan ruim 55 procent betaalbare huur- en koopwoningen worden.”
Verschuure: “Tot 2040 willen we zelfs 60.000 woningen extra hebben in de stad. Er wordt heel veel werk verzet, we doen er echt alles aan om de vraag naar woningen enigszins bij te houden.” De woningnood oplossen, kan de gemeente Utrecht niet alleen, zo geeft Verschuure ook ruimschoots toe. “Hoewel ik trots ben op de resultaten die we bereikt hebben, moet ik ook toegeven dat het gewoonweg een nationaal probleem is waar we met z’n allen de schouders onder moeten zetten. En met alleen de titel bouwkampioen koop je ook niks.” Diepeveen zegt daarbij ook: “We hebben de woningcrisis niet zelf veroorzaakt, maar wij hebben in Utrecht wel heel erg ons best gedaan om ons deel te leveren om de crisis te bestrijden.”
‘Er moet wel geld gaan vrijkomen zodat er geïnvesteerd kan worden in infrastructuur’
Verschuure en Diepeveen kijken daarbij ook naar het Rijk. “Er moet wel geld gaan vrijkomen zodat er geïnvesteerd kan worden in infrastructuur, want zonder die investeringen kunnen er op veel plekken geen woningen komen of wordt de bereikbaarheid een stuk lastiger.” Dat is ook de reden dat de gemeente Utrecht al langer lobbyt in Den Haag om geld vrij te maken voor extra tramlijnen in de stad en zelf een metro. Het gaat dan om miljardeninvesteringen.
Dan was er nog een laatste onderwerp wat niet onberoerd gelaten kon worden als het over woningbouw gaat in Utrecht; polder Rijnenburg. Want in de campagne voor de verkiezingen is dat een van de grote twistpunten tussen de partijen van de wethouders, waarbij D66 snel wil bouwen en GroenLinks dat voorlopig liever niet ziet gebeuren. Dit terwijl de partijen van Verschuure (D66) en Diepeveen (GroenLinks) in de huidige coalitie juist samen hebben gezegd dat er voorlopig geen woningbouw plaatsvind in Rijnenburg. De uitslag van de verkiezingen kan voor de toekomst van polder Rijnenburg dus weleens doorslaggevend zijn. Maar wat daar ook uitkomt, benadrukken beide wethouders, er moet sowieso (ook) in de bestaande stad heel veel gebouwd gaan worden.
Wil jij DUIC steunen en een prachtig boek met de beste fotografie en verhalen van Utrecht in 2021 ontvangen? Voor 24,95 euro is DUIC in 2021 te bestellen en daarmee steun je direct onze journalistieke werkzaamheden.



