Een derde van de verkochte woningen in 2020 in Utrecht ging naar beleggers en investeerders

Archieffoto
Archieffoto

Ruim een derde van de in 2020 in Utrecht verkochte woningen, zijn gekocht door mensen die er niet zelf gaan wonen. In de laatste drie maanden van afgelopen jaar ging zelfs 40 procent van de huizen die te koop stonden in de stad naar investeerders of beleggers. Dat blijkt uit cijfers van het Kadaster die in handen zijn van het televisieprogramma Kassa.

De gemeente Utrecht heeft eerder al haar zorgen geuit over beleggers en investeerders die woningen kopen in de stad. Het is volgens de gemeente namelijk aannemelijk dat deze huizen worden opgekocht voor de verhuur, ook wel buy-to-let genoemd.

“Een toename van buy-to-let kan leiden tot prijsopdrijving van woningen en daarmee tot een verslechtering van de positie van de koopstarter en van de toekomstige huurders van deze woningen”, schreef de gemeente eind 2020 in een brief aan de raad.

Nog nooit zoveel

Kassa schrijft dat investeerders nog nooit zoveel woningen kochten als in 2020. Zo is in Utrecht 34 procent van de verkochte woningen naar zo’n belegger of investeerder gegaan. In het laatste kwartaal steeg dit naar 40 procent. Dat is aanzienlijk hoger dan in vergelijkbare periode voorgaande jaren. Volgens Kassa valt dat de verklaren door de overdrachtsbelasting voor particuliere beleggers die per 1 januari is verhoogd naar 8 procent.

“Die verhoogde overdrachtsbelasting kunnen ze eventueel verwerken in een hogere huurprijs”, zegt Paul de Vries van het Kadaster tegen Kassa. “Het toenemend aantal verkopen in 2020 geeft aan dat particuliere beleggers nog wel vertrouwen hebben in de markt.”

Utrecht staat niet in de top 10 van Nederlandse steden waar vorig jaar procentueel de meeste woningen zijn gekocht door beleggers en investeerders. Het Limburgse Vaals staat hier op de eerste plek, gevolgd door Den Haag, Schiedam, Rotterdam, Groningen, Almelo, Amsterdam, Amstelveen, Pekela en Sluis.

Weinig middelen

Ondanks dat de gemeente Utrecht zich zorgen maakt over dit fenomeen, zijn er tegelijkertijd weinig middelen om het opkopen tegen te gaan. Bij nieuwbouw zijn er echter wel mogelijkheden om investeerders en beleggers buiten de deur te houden.

Zo is er bijvoorbeeld het zelfbewoningsplicht dat ervoor zorgt dat een huis alleen bewoond mag worden door de koper. Daarnaast zorgt het anti-speculatiebeding ervoor dat een woning pas na vijf jaar doorverkocht mag worden.